De andere Wang; 'Ik denk niet meer in termen van wreed of aardig, goed of slecht'

Gewond keerde schrijfster Lulu Wang (37) onlangs terug uit China. Auto-ongeluk. Vijf dagen later was de whiplash door Zen-medidatie verdwenen....

'Ik ben veel ingetogener geworden. De laatste anderhalf jaar, na het verschijnen van Het Lelietheater, heb ik veel geleerd, ik toon nu mijn kwetsbaarheid. Het sterkste van de mens is zijn kwetsbaarheid. Mijn zoeken naar erkenning is een periode geweest. Ik zie nu ook een zwakke kant in Het Lelietheater. Ik zou geen vijfhonderd bladzijden meer nodig hebben, ik zou het in tweehonderd schrijven. Ik schaam me een beetje dat ik zo lang van stof ben. Ik adoreer Shakespeare, die heeft één zin nodig, Juliet is the sun. Ik heb heb twee bladzijden nodig om te beschrijven hoe die ogen eruitzien. De stier van Picasso, drie of vier lijnen, dat is eeuwige kunst.'

Ontwapenende kuiltjes in de wangen, krachtige knipoog. Voor die mooie madame sans gêne op het Maastrichtse Vrijthof is eenvoud richtsnoer geworden. En het geloof. 'In China moesten we allemaal in Mao geloven, dat was Onze Lieve Heer, in Nederland heb ik God ontdekt. Niet als een man in een lange jurk, maar als belichaming van een universele intelligentie, van energie en liefde.

'En dan vind ik taoïsme eigenlijk een betere reïncarnatie daarvan dan christendom. Christus zegt: alles is liefde, het taoïsme ziet alles als een weg, het kijkt niet naar goed of kwaad, maar laat het leven over aan de natuur, doe maar gewoon, dan krijg je de minste frustratie. Altijd maar goed moeten doen, is niet natuurlijk, dan ben je alléén maar filmster of alléén maar sloddervos.

'In het taoïsme leer je jezelf te zijn: alles is zoals het is. In het christendom ben je een duivel als je niet in Maria gelooft, maar ik denk dat iedereen zijn eigen weg heeft. Als je een bedplassend kind zegt: wanneer je het nog een keer doet, sla ik je dood, blijft het tot zijn 40ste bedplassen. Vroeger zei de kerk: je moet dit, je moet dat. En wat krijg je in de jaren zestig: de kraakbeweging, dan weer een strenge tegenbeweging, daarna dit of dat, zijn we ooit eens klaar? Ik hou me liever bij de gulden middenweg.

'Het enige dat me achteraf altijd op de been heeft gehouden, is niet macht of rijkdom, maar innerlijke vrede, liefde. Juist in het kamp, waar iedereen zo bang was, viel het zo op als iemand een heel klein beetje aardig deed, dat was voor mij zo dierbaar. Zo kan iedereen uit het verleden een andere les leren. Je moet je zelfbeeld loslaten. De een is geboren als gras, de ander als eikenboom of berg. De eikenboom zegt toch niet tegen het gras: godsiedorie wat ben jij klein.'

Ooit hing Lulu in haar Maastrichtse flat een briefje op met de voorspelling dat ze achtereenvolgens de AKO- en de Nobelprijs zou gaan winnen, maar ze is de grootspraak voorbij, haar literaire puberteit ontstegen. 'Dat was in een fase van positief denken over mijn carrière. Ik weet niet of ik gras ben of een eikenboom, of een berg zal worden. Ik kan niet in het geheime boek van Onze Lieve Heer kijken, het enige wat ik kan doen, is mijn best doen.'

Van Het Lelietheater, waarmee ze haar jeugd afsloot, is een kwart miljoen exemplaren verkocht. Wang werd de gevangene van haar succes en moest die ketenen afwerpen. Ze gunde zichzelf geen rust, werkte blindelings door, gaf tientallen lezingen in binnen- en buitenland, verloor alle aandacht voor zichzelf, at soms niet, sliep slecht. Ze had, denkt ze achteraf, straf nodig. Vandaar dat auto-ongeluk.

Ze was terug in China. Op uitnodiging van Margriet, het vrouwenblad waar ze vanaf 7 september een week lang gast-hoofdredactrice zal zijn. Op die datum verschijnt ook haar nieuwe boek(je). Ze ging met een journalist en een fotograaf de plekken langs van Het Lelietheater; in volle vaart botste hun taxi op een andere auto en Lulu Wang was de zwaarst getroffene. Maar ze wimpelt de ervaring weg, het ongeluk stelde ten opzichte van haar vroegere kamp-ervaringen natuurlijk ook niets voor.

Toch moest ze met een rolstoel terug naar Maastricht, ze had zes hechtingen in haar gezicht, gebroken rib, een whiplash, ze wilde en kon zich eigenlijk niet vertonen. Een arts moest onderzoeken of ze mocht vliegen. Maar de whiplash was in vijf dagen weg. 'Ik heb gemediteerd, dat doe ik al bijna twintig jaar. Vanuit mijn buikchakra komt de wijsheid. Eerst doe je in je leven kennis op en dan leer je die los te laten. Na het ongeluk ging ik zitten, met twee ramen open en de gordijnen dicht. Ik had gewoon geen zin om ziek te blijven.

'Wat die whiplash betreft, moet je goed begrijpen dat pijn volgens de Chinese geneeskunst een blokkade van de energiebanen of een stremming van de bloedsomloop is. Wat doen de meeste mensen met een whiplash: vooral niet bewegen. Maar ik zocht juist naar de houding met de meeste pijn. Pijn is niet onze vijand, pijn is een signaal. Je moet met je pijn communiceren. Ik praatte met mijn nek en het was na vijf dagen voorbij.'

Van de hechtingen is er nog één licht zichtbaar. Pas na lang tegensputteren mag de schrijfster gefotografeerd worden. Toch nog een residu van de vroegere schaamte? 'Nee. Vroeger dacht ik: je moet schoonheid hebben, maar het kan me nu niet meer schelen, een litteken of niet. Er is een Chinees woord met de karakters voor ''hart'' en ''zelf''. Het betekent jezelf realiseren, je hart één laten worden met je gevoelens en verstand. Vooral niet uitsluitend rationeel denken.'

Het was een volgende stap op haar tao, haar weg, de trots was nog wankel. Ze wilde altijd beter schrijven, ze had een decimeter langer willen zijn. Een leven lang heeft ze al lichte vlekken op haar huid. Prachtig heeft ze de rol van die ziekte een plaats gegeven in Het Lelietheather.

'Maar dat ik een vlekkenhuid heb, interessert me nu niet meer. Eerlijk waar, ik heb er jarenlang onder geleden, maar het houdt me niet meer bezig. Ik gooi de wens van een gave huid onder mijn voet. Het is niet het verdoezelen van mijn onzekerheid, in essentie zijn we allemaal hetzelfde. Ik hoef me niet meer in allerlei bochten te wringen om te genezen. Ik heb twijfels gehad over het leven, ik heb mijn ouders 35 jaar lang gehaat, ik heb geprobeerd mezelf toe te spreken: je bent niet lelijk, wees blij dat je niet mánk loopt. Dat je kunt horen en zien. Wees gelukkig met wat je wél hebt. Ik heb een periode gehad dat ik de meest bizarre dingen aanschafte, en dan zei ik achteraf: ''Waarom koop je zulke rommel?'' Je wordt zo vaak op jezelf teruggeworpen, dat heb je vooral als je mensen zo snel als ik kan uittekenen, als je zo veel negatieve ervaringen hebt.

'Ik ben nu vlekkenblind. En misschien ben ik nóg niet ver genoeg. Ik kan dictators als Stalin of Mao eigenlijk niet eens verwijten dat ze miljoenen doden hebben gemaakt. Ik sta daar zelf kalm tegenover, met mijn leven, en ik wil niet dat wrok het hoofdbestanddeel van dat leven is. Het boeddhisme vergelijkt wrok met een gloeiend stuk kool: werp het naar je vijand en de kans is niet alleen groot dat je misgooit, maar je eigen hand brand je zeker.'

'Ik ben een rare vrolijkerd. Mensen willen graag relativeren en ik relativeer mijn verdriet, hoe groot dat ook was. Maar of dat de verklaring voor de enorme verkoop van Het Lelietheater is? Ik weet het niet. Wat me van Europeanen opvalt, is dat ze pas beseffen dat ze het heel goed hebben als ze lezen over de armoede en ellende van andere volken. Dan beginnen ze te relativeren en wordt hun behoefte aan nog meer welvaart vervangen door tevredenheid. Ook de behoefte om iets van de andere kant te bekijken, is hier groot. Ik wil dan wel niet extreem zijn, ik ben half Limburgs maar ik ben natuurijk wel anders, een forens tussen twee culturen. Misschien dat ik daarom gelezen word. 'In De as van mijn moeder of The English patient zit ook wreedheid, maar tegelijk zo veel lichtheid. Het vermogen om ondanks ellende vrolijk te zijn, intrigeert Europeanen. Ik denk dat de Chinese literatuur die nu zo gewild is, mensen aan het denken zet. De vreselijkste dingen hebben ook een bizarre, lachwekkende kant, je hebt alleen de toekomst aan je als je de wreedheid en wrok van het verleden kunt vergeten.

'Ik ben ongebonden, misschien speelt dat ook een rol. En dan is er natuurlijk ook een generatie die Mao en de Culturele Revolutie heeft toegejuicht, en die nu nieuwsgierig is naar wat werkelijk is gebeurd. Van daaruit lezen die misschien Het Lelietheather.'

Plotseling en onweerspreekbaaar: 'Ik wil je rug zien.' Het volle Vrijthof-terras geniet: Lulu Wang als specialiste in het rug-kijken. In de rug herkent ze meer dan in een wenkbrauw, een oogopslag of een voetstap. In de rug zijn voor haar de energiebanen het meest herkenbaar. Ze hoort klanken bij de aanblik van een rug, stemmen van vroeger, voornamen. Ze is een windhoos van woorden, en kan dan ineens bladstil zijn, vol aarzeling. 'Misschien ben ik te dwingend', zegt ze, berouwvol bijna. Maar de momenten van twijfel duren niet lang.

In haar nieuwe boek, Brief aan mijn lezers, heeft ene Simone het laatste woord. Treurige Simone spreekt haar aan na een lezing en projecteert haar eigen verdriet op de schrijfster. En Lulu Wang projecteert terug. Waarschijnlijk zonder het te willen. 'Het kostte drie slapeloze nachten', schrijft ze. 'Welke heks met ook maar een brandnetelblaadje gezond verstand had nu behoefte aan een fotografische herinnering aan haar onooglijkheid.'

Simone is geen heks, verre van dat. Lulu Wang dacht eerder dat ze zelf iets hekserigs had. En onooglijk was. Het fantoom van de zelfonderschatting. In haar nieuwe boek schrijft ze ook over het maken van een portretfoto, het tegensputteren, de vrees dat 'de confrontatie met haar verschijning voor een camera fataal zou zijn'.

In het nieuwe boek houdt ze het veel korter dan in Het Lelietheater. Over haar jeugd: 'Er gaat geen dag voorbij of vader zegt: Xiang, waar is mijn calligrafie-pen nummer 17/kruiskopschroevendraaier/Poesjkin's dichtbundel van 1927. Vervolgens dribbelt ze naar de gangkast/boekenkast/bureau en springt op om het handvat vast te pakken of de deur/la open te trekken. . . verrek! daar ligt het verloren en gevonden voorwerp'

Haar moeder was docente Russisch, haar vader hoofdredacteur van het militaire jaarboek van de Chinese militairen, calligraaf ook. 'Goede calligrafen zijn veelal medidatiemeesters. Ze calligraferen niet óp het papier maar bóven het papier. Hij liet het penseel vol verf lopen en liet die van boven op het papier vallen. Dat heeft ermee te maken dat je één wordt met de kosmische intelligentie en dat kun je alleen maar bereiken als je je eigen ego loslaat.'

Zelf begon Lulu Wang al vroeg te schrijven. Ze herinnert zich hoe ze op haar 11de van schrik in de modder viel toen ze hoorde dat haar cabarettekst was uitgekozen voor opvoering. Op haar 22ste won ze een landelijke opstelwedstrijd. Ze schreef een eindscriptie van zeshonderd pagina's over reclametaal, waardoor ze nog steeds wordt gefascineerd. 'Dat vind ik zo mooi: twee benen van een vrouw op een foto en dan de tekst: 60 cent per stuk. Daarmee zeg je in een paar woorden dat je nieuwe benen krijgt met deze panty. Zulke speciale effecten van de taal hebben altijd mijn interesse gehad.'

Toen ze in 1986 afgestudeerd was aan de Universiteit van Peking hoorde ze 'via via' dat er een vacature was, docent Chinees, aan de Maastrichtse opleiding voor tolk/vertaler. Een strenge, soms brute meesteres was ze, zoals oud-studenten zich haar herinneren. Tuchtiging kan geen kwaad.

'Het gaat erom dat je uit je eigen ellende kunt stappen. Het is toch een luxe om jong te zijn. Ik ga elke dag zwemmen, en dan zie ik hoe geconcentreerd al die mensen op zichzelf bezig zijn. Het is toch ook een luxe dat we naar de therapeut kunnen, workshops doen. Ik heb het zelf ook gedaan, ik heb bij de hypnotherapeut twee jaar gehuild, maar als we even verder kijken, zien we dat 240 miljoen mensen door een overstroming dakloos worden. Een minuutje op tv. Wat doen we, sluiten we onze ogen omdat het zo ver van ons bed is?

'Ik ben geen moralist hoor, maar ik heb gewoon die stappen meegemaakt. Eerst onbewust geleefd als kind, daarna heel bewust geleden en ten slotte ontdekt dat de enige manier om gelukkig te worden is: niet het proberen te herstellen van het verleden maar het achter je te laten en dan kijken wat je voor anderen kunt doen. Zodra we uit onze eigen ellende stappen, kunnen we zien hoe breed de wereld is en dat we niets te klagen hebben.

'Ik kan me beklagen dat ik de Culturele Revolutie heb meegemaakt, nou, ik ben blij dat ik erover kan praten. Er zijn honderdduizenden mensen gedood, ziek of krankzinnig geworden, terwijl ik normaal kan leven en denken. Ik heb het ook geschreven: de betekenis van het leven is nooit alleenstaand, die is er alleen als mijn leven gerelateerd wordt aan dat van een ander. Ik heb me uit de ellende gewerkt door niet meer te peuteren in m'n verleden, want hoe meer pus ik eruit haal, hoe erger het wordt.

'Het woord ''heilig'' betekent één worden. Als je je niet meer associeert met de wereld, ben je eenzaam. Het maakt dan niet meer uit of je leeft. Maar ik ben ook praktisch. Dus toen mijn boek voor heel veel geld op de Frankfurter Buchmesse aan Duitsland werd verkocht, dacht ik: ik ben nu geen gewone gesalarieerde rijksambtenaar meer. Wat doe ik ermee? Ik weet hoe tijdelijk geld is. De ouders van mijn vriend, Chinese Indonesiërs, waren rijk maar werden wel vijf keer gerambokt, geplunderd. Hij hecht ook niet meer aan spullen.

'Ik zag rijke mensen in het kamp verdwijnen, waar ze mest moesten losstampen. Mijn ouders waren bemiddeld maar konden in de Culturele Revolutie plotseling ook niet voor een paar tientjes een prachtige piano kopen, want pianobezitters waren contra-revolutionair geworden. Weg waren de bezittingen van de rijken. Ik sprong in mijn leven van rijkdom naar armoede, van roem naar vernedering, nu zocht ik dus naar een weg om middenin te blijven.'

Wang kwam uit bij een onderwijsproject voor jonge, kansarme Chinese meisjes, want kinderen 'hebben er nog geen verstand van hoe ze aan eten moeten komen'. Ze heeft honderd 'kinderen' geadopteerd voor het Bloemknopje-project voor meisjes van 10 die niet meer naar school kunnen vanwege gebrek aan geld. Vaak ook vinden Chinese ouders meisjes niet de moeite waard.

Er is een directe samenhang met de recente overstromingen. Wang: 'Die zijn onder meer het gevolg van een langdurige verwaarlozing van het milieu. De rivier de Yangtze slibt dicht door ontbossing en erosie, te vergaande industrialisering en asfaltering. Je kunt van mensen geen aandacht voor het milieu verwachten als ze er niets van weten. Een mentaliteitsverandering krijg je alleen door onderwijs. Ik weet ook wel: wat is nu honderd kinderen op een miljard. Ik kan niet eigenhandig de wereld redden, maar ik lever een kleine bijdrage en de rest zie ik wel.'

Het project, bestuurd door een onlangs opgerichte stichting, wordt in China frappant genoeg begeleid door de vrouwenorganisatie van de ooit zo gehate communistische partij. Die controleert de uitgaven van provincie naar district en van district naar dorp.

Lulu Wang, die samenwerkt met de partij? 'U moet één ding weten: iedereen zegt dat de communistische partij slecht is, maar geef mij een alternatief, jongeman. In zo'n gigantisch land is het het enige systeem dat administratief functioneert. De partij is niet perfect, maar ik geef u een voorbeeld. Je woont in een huis en je hebt geen geld voor een ander huis. Dan blaas je het huis toch niet op, je verbouwt het.

'Corruptie is een andere zaak, die heeft niets met het politieke stelsel te maken. Indonesië heeft geen communistische partij en wat denk je van Maleisië of Japan. Corruptie is eigenlijk een universeel verschijnsel, alleen manifesteert het zich het in het ene land opener dan in het andere. Zelfs de literaire wereld is corrupt, ik heb het in Italië meegemaakt. Kun je 't jevoorstellen?

'Ik denk niet in ideologie. Ideologie heeft me 25 jaar voor de gek gehouden. De rest van mijn leven vraag ik alleen: wat kunt u voor mij en mijn buren betekenen, concreet één koelkast of geen. Of men het communisme of kapitalisme noemt, interesseert me niet.

'Het mooiste van het leven is: niet oordelen, gewoon doorgaan. Hegel heeft gezegd: alles wat bestaat of bestond, heeft een reden. Als ik dat accepteer, kan ik met minder bagage naar voren. Zelfs wreedheid is zó'n rekbare term. Als een vader een kind slaat, is dat kind in elk geval niet eenzaam. Negéren van een kind, de verborgen wreedheid, is erger. Ik zeg wel eens in mijn lezingen: het leven is een cirkel. Boeddha en Tao zien alles als cirkel van oorzaak en gevolg. Wij mensen gaan die cirkel doorknippen en zeggen: hier begint het goede en daar het kwade. Maar dan zien we het einde noch de oorsprong. Ik denk niet meer in termen van wreed of aardig, goed of slecht. Alles heeft zijn plaats.'

Brief aan mijn lezers verschijnt op 7 september bij Vassalluci in Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden