DAT MAKEN WIJ ZELF WEL UIT!

Het festival Beatfilm toont producties die de culturele revolutie in de jaren zestig vastpinden. De samenstelling ervan bleek niet zo eenvoudig....

Wie aan de jaren zestig denkt, denkt meteen aan de blote borsten van Phil Bloom. Het beeld van de lezende vrouw, die naakt achter haar krant tevoorschijn komt, is een icoon van die tijd geworden. Net zoals de happenings van Robert Jasper Grootveld dat zijn, de anti-rookmagiër die op het Spui in Amsterdam in de vreemdste outfits bezweringen riep, waarvan ‘uche, uche, uche’ de bekendste werd.

In Beatfilm, deze week in ’t Hoogt in Utrecht en daarna in acht andere steden, wordt op zoek gegaan naar het ritme van die periode. Samensteller Frank Dam, schrijver van de bundels Nederbeat en Beatmeisjes, zag in eerste instantie een festival voor zich met Nederlandse ‘beatfilms’ – producties uit de jaren zestig waarin de invloed van de populaire cultuur uit die jaren is vastgepind. Dat plan is gaandeweg bijgesteld. Wat bleek? De Nederlandse film, traditioneel documentair van aard, richtte zich gedurende de culturele revolutie meer op Rome en Parijs dan op Londen of Liverpool.

‘Het was meer jazz dan pop- oftewel beatmuziek’, zegt ’t Hoogt-directeur Henk Camping. ‘De echte beatfilm – zoals A Hard Day’s Night en Ferry Cross the Mersey, over spannende avonturen van bands gelardeerd met muziek en meisjes – werden in Nederland niet of nauwelijks gemaakt.’ Brake Down van Frans Rühl uit 1966, ook te zien op het festival, komt nog het dichtst bij de Engelse popfilm uit die dagen.

Uiteindelijk wist Frank Dam, in samenwerking met popjournalist Stan Rijven, alsnog een breed programma samen te stellen. Dat omvat naast een proloog (over de jaren vijftig) en een epiloog (de jaren zeventig), tv-programma’s (Hoepla), documentaires en enkele speelfilms. Tezamen leveren die een beeldenstroom op waarin de polsslag van de hippiegeneratie tastbaar wordt. Het gangstermeisje (1966) van Frans Weisz is onder meer te zien, Mensen van morgen (1964) van Kees Brusse, de eerste korte films van Pim de la Parra, Omdat mijn fiets daar stond (1966) van Louis van Gasteren, en ook de hallicunante ervaring She Comes in Colours, She’s Like a Rainbow van Anton Kothuys.

‘Het viel niet mee het materiaal boven water te krijgen’, stelt Camping in de programmakrant, ‘een film over Wally Tax van The Outsiders, gemaakt door onder anderen Frans Rasker op de Filmacademie, bleef onvindbaar.’

Veertig jaar is er verstreken sinds de swinging sixties. Een goed moment om, zoals eerder ook in de tentoonstelling Sixties! in het Haags Gemeentemuseum gebeurde, terug te keren naar de bron. Om met eigen ogen te zien hoe het was, destijds, op straat. Hoe het geloof in een betere, eerlijke wereld alom werd gekoesterd, en materialisme als inferieur werd afgedaan. ‘Het totaal bevrijde gevoel van: er zijn geen grenzen’, dat herkent journalist Jan Donkers in de films die tijdens Beatfilm worden vertoond. ‘Wie zegt wat goed en wat niet? Dat maken wij zelf wel uit! En hoe het nageslacht erover denkt? Welk nageslacht?’

De gebeurtenissen in de jaren zestig – van de studentenopstanden tot de eerste man op de maan en de Vietnamoorlog – hebben hun weerslag gevonden in de kunsten. Pop Art, Minimal, Fluxus en Happening zijn aan die tijd ontsproten – stromingen die het kunstenaarschap ontheiligen.

Ook in de film was in die jaren van alles aan de hand. Door de komst van kleinere, lichtere camera’s kon de studio makkelijker worden verlaten, en daarmee de illusie worden ingeruild voor de werkelijkheid van de straat. Regisseur Wim Verstappen draaide De minder gelukkige terugkeer van Joszef Katús naar het land van Rembrandt (1966) te midden van demonstraties en rellen op koninginnedag en de dag van de arbeid.

Een bezoek aan Beatfilm maakt de constatering onvermijdelijk dat de sixties definitief geschiedenis zijn geworden en tegelijk nog altijd springlevend zijn. Wie de protesten tegen de oorlog in Vietnam ziet, ziet ook de hedendaagse demonstraties tegen de strijd in Irak. De rassenrellen in Amerika doen denken aan het huidige onbegrip tussen christenen en moslims. De jurkjes met de geometrische motieven, die toen zo populair waren, hangen nu ook gewoon in de rekken van hippe kledingzaken.

De geringe rol van de Nederlandse speelfilm in Beatfilm heeft niets te maken met de positie die fictie inneemt ten opzichte van documentaires en tv-registraties. Meer nog dan documentaires zijn speelfilms in staat zoiets abstracts als de tijdgeest bloot te leggen. De afwezigheid van een serieuze reeks Nederlandse beatfilms heeft vooral een prozaïsche verklaring: de Nederlandse filmbranche stelde in die periode weinig tot niets voor.

Wat dat betreft krijgen de samenstellers van een programma over Nederland tijdens de millenniumwisseling, dat over veertig jaar ongetwijfeld gestalte gaat krijgen, het veel eenvoudiger. In films als Guernsey, Langer licht, Shouf Shouf Habibi!, Kicks en Simon zijn de huidige Nederlanders en hun sores in elk geval voor altijd vastgezet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden