Dansvoorstelling is teken van female empowerment

Met deze dansvoorstelling wordt een geweldig staaltje girlpower vertoond. De muziek, waarin a capella-zang de hoofdrol speelt, versterkt de vervreemding.

Leden van de EkosDance Company in Balabala. Beeld Widhi Cahya
Leden van de EkosDance Company in Balabala.Beeld Widhi Cahya

De Indonesische dansvoorstelling Balabala is een pareltje in het aanbod van festival Spring dit jaar. Puur, eerlijk en vernieuwend zonder allerlei gekunstelde fratsen. Choreograaf Eko Supriyanto, die Javaanse hofdans en pencak silat (traditionele krijgskunst) studeerde, maar ook bij Madonna danste, 'hergebruikt' traditionele Indonesische dansvormen. Daarmee lijkt hij op de internationaal gevierde Nieuw-Zeelandse Lemi Ponifasio, met wie hij ook werkte, en verovert hij gestaag een plek in de internationale hedendaagse dans.

Balabala (ook de naam van een Indonesische snack) is gemaakt met vijf jonge vrouwen uit Jailolo, een stad in de Molukken. Deze regio kampte eind jaren negentig en begin deze eeuw met veel conflicten. Mede daarom heeft Supriyanto een oorlogsdans gedeconstrueerd en naar eigen hand gezet. Omdat krijgskunst gewoonlijk door mannen wordt uitgevoerd, is Balabala een teken van female empowerment. De danseressen hebben geen formele dansopleiding genoten, waardoor dit project een dubbele opsteker voor ze is. En met succes, want talent hebben ze.

Op een simpele witte dansvloer en in modern gesneden zwartblauwe jurkjes verkent en becommentarieert het vijftal de mannenwereld. Uit een zachte swing op de plaats, met vrouwelijk meanderende lijnen, komt langzaam een scherp, ritualistisch idioom tevoorschijn dat de voorstelling zal bepalen. Er is die stap opzij en naar achteren - licht door knieën gezakt, de rug iets gekromd, de voeten stevig op de grond - en er is dat been dat wordt opgetrokken. Maar de echte eyecatchers in het geheel zijn de gebalde vuisten, die ook verleidelijk kunnen draaien. De bewegingen zijn ritmisch en worden nadrukkelijk, soms zelfs ronduit traag uitgevoerd. In elk geval veel minder dynamisch en opzwepend dan ooit de bedoeling was.

Balabala

Dans
Door: EkosDance Company.
Choreografie: Eko Supriyanto.
Muziek: Nyak Ina Raseul.
23/5, Stadsschouwburg Utrecht.

De formaties die Supriyanto creëert, vaak unisono, zijn strak, helder en sober. Het sterke is dat hij daarbinnen verschillende belevingen triggert. Nu eens is de choreografie abstract en geniet je puur van vorm en dynamiek. Dan weer speelt de anekdote op en zie je echo's van een gevecht terug: met verende sprongen, handen geklemd om denkbeeldige speren en een freeze die van de vrouwen krijgers op een vergeelde ansichtkaart maakt. De stilering blijft ook dan in stand en de muziek, waarin a capellazang de hoofdrol speelt, versterkt de vervreemding.

Na een mooie scène met een verhitte discussie in de eigen taal van de danseressen, waardoor je opeens deel lijkt uit te maken van hun dagelijkse leven, loopt Balabala leeg door meer van hetzelfde. Dat neemt niet weg dat hier een geweldig staaltje girlpower is getoond. Krachtig zonder vernietigend te zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden