'Dankbaar, maar kritisch in wat we accepteren'

Het raakt een gevoelige snaar, de enquête over de museumdepots. De Nederlandse topmusea staan bij de Volkskrant in de rij om uit te leggen dat een grote collectie - ook als die niet te zien is - vele voordelen heeft.

Werken uit het depot van het Mauritshuis. Beeld anp

Een topmuseum aan de lijn: of in een 'persoonlijke toelichting' antwoord mag worden gegeven op de vragenlijst over depots die de Volkskrant kort daarvoor heeft gestuurd. De dag erna belt een ander groot museum met hetzelfde verzoek. En daarna nog enkele.

Toeval of een geregisseerde campagne? Duidelijk is in elk geval dat de enquête een gevoelige snaar raakt. In elke toelichting wordt hartstochtelijk het belang van een grote collectie verdedigd - ook al impliceert die dat het merendeel van de kunst niet permanent kan worden getoond.

Waarom is een goedgevuld depot dan zo belangrijk?

Andreas Blühm, Groninger Museum

Andreas Blühm, directeur van het Groninger Museum, mag graag de vergelijking maken met een bibliotheek. 'Die heeft een heleboel boeken die niet tegelijkertijd worden gelezen. Die gooi je ook niet weg, want iemand wil het straks lenen.' Hij ziet het museum als de 'showcase' van het depot.

Bart Rutten, hoofd collecties van het Stedelijk Museum Amsterdam, gebruikt de metafoor van een woning. 'Een huis kan mooi geschilderd zijn, maar als het fundament wegrot, heb je een probleem. Ik zie een collectie als het fundament van een museum, met al zijn nukken, verrassingen en herontdekkingen.'

Soms kan het lang duren voordat het belang van collectiestukken zich openbaart. In een rapport wordt het voorbeeld genoemd van een zeventigtal schilderijtjes van Turkse taferelen die decennia lagen te verstoffen in het depot van het Rijksmuseum - de maker werd als een matig schilder beschouwd. Bij de herinrichting van het museum kwam de vraag aan de orde hoe Nederlanders van buitenlandse afkomst kunnen worden bediend. De serie werd opgedolven en maakt nu deel uit van de vaste collectie.

'Kijk naar de positie van vrouwelijke kunstenaars', zegt Bart Rutten. 'Wat als je hun werk honderd jaar geleden op straat zou hebben gezet? Toen werd hun werk niet als even goed als dat van mannen beschouwd.'

Beeld Groninger Museum

Taco Dibbits, Rijksmuseum

Verschillende generaties vinden verschillende zaken belangrijk, stelt ook Taco Dibbits, directeur collecties van het Rijksmuseum. Daarom moet volgens hem niet de 'arrogantie' worden aangemeten dat depotstukken kunnen worden verkocht. 'Onze collectie is het referentiepunt in de wereld van Nederlandse kunstenaars. Wij zijn ook het geheugen van Nederland. Het wapen van Volkert van der G. verwerven we om het voor het nageslacht te kunnen bewaren. Het was een schokkende politieke moord inmei 2002.'

Beeld x

Douwe Wigersma, Museum Catharijneconvent

Veel mensen vergeten dat collectiestukken ook worden aangehouden uit onderzoeksbelang, aldus Douwe Wigersma van Museum Catharijneconvent in Utrecht. Dat museum beheert wereldwijd een van de belangrijkste collecties middeleeuwse textilia: 'Naast de topstukken, zoals de koorkap van David van Bourgondië (ca. 1450), gaat het ook om honderden textielfragmenten. Deze worden - met uitzondering van een handvol illustratieve fragmenten op de tentoonstelling Het geheim van de Middeleeuwen in gouddraad en zijde - niet getoond aan het publiek. Het zijn geen 'publiekstrekkers', om het populair te zeggen. Zij vormen echter wel zeer belangrijke input voor onderzoek naar de Middeleeuwen.'

Beeld x

Emilie Gordenker, Mauritshuis

Emilie Gordenker, directeur van het Mauritshuis in Den Haag, wijst erop dat de verzameling van haar museum grotendeels is bijeengebracht door koning Willem I en zijn voorvaders. 'Het heeft meerwaarde om zo'n collectie bij elkaar te houden. Voor veel schilderijen zou ik ook weinig of niets krijgen.'

Nog een belangrijke reden voor een goedgevuld depot: het bruikleenverkeer. Vijftien jaar geleden stonden volgens Rutten twee schilderijen van Joaquín Torres-García op de nominatie om door het Stedelijk te worden afgestoten. 'Nu komen die in een tentoonstelling in het MoMA.' In ruil voor het uitlenen van de twee doeken kan het Stedelijk werken te leen te vragen bij de collega's in New York. Wie dit spel goed beheerst, kan blockbusters maken die veel publiek trekken.

Beeld ANP

Vera Carasso, Gemeentemuseum Den Haag

Zo trok het Gemeentemuseum Den Haag vorig jaar ruim 265 duizend bezoekers met de tentoonstelling over Mark Rothko. Vrijwel al het werk dat daar hing, kwam van de National Gallery of Art in Washington. Dat had de werken uitgeleend in ruil voor het kunnen exposeren van de Mondriaans die het Gemeentemuseum bezit. 'Als je geen wisselgeld hebt, kun je als Nederlands museum niet zulke tentoonstellingen organiseren', aldus Vera Carasso, hoofd collecties.

Grootkunstbezit biedt ook kansen voor eigen tentoonstellingen. Zo werd bij de expositie van het Stedelijk over Henri Matisse veel geput uit het depot - een creatieve oplossing, door meerdere Matissetentoonstellingen kon maar weinig worden geleend. Het tonen van werk van leermeesters, tijdgenoten en navolgers van de Franse schilder pakte verrassend goed uit: De oase van Matisse werd door 360 duizend bezoekers bezocht.

Beeld x

Bart Rutten, Stedelijk Museum Amsterdam

Volgens Bart Rutten keert 83 procent van de Stedelijkbezoekers terug naar het museum. Dus moet er ook in de vaste collectie telkens wat nieuws te zien zijn - nog een reden voor een volle reservebank. Wissels zijn sowieso noodzakelijk om te voorkomen dat kunstwerken door het licht worden aangetast. 'Papieren kunstwerken mogen maar een paar maanden worden tentoongesteld', zegt Vera Carasso. 'Daarna moeten ze weer drie jaar de doos in.' Ook kleding kan maar beperkt worden geexposeerd.

Beeld ANP

Ina Klaassen, Museum Boijmans van Beuningen

Vaak kunnen kunstvoorwerpen niet eens door musea worden verkocht doordat ze onder voorwaarden zijn geschonken. 'Dertigduizend Rotterdammers hebben bijgedragen aan de collectie', zegt Ina Klaassen, zakelijk leider van Museum Boijmans Van Beuningen: 'Ze is van ons allemaal.'

Toen de vorige directeur van het Wereldmuseum dreigde een deel van de collectie af te stoten, kwamen schenkers meteen in opstand. Zoiets kan dodelijk zijn voor een museum: door het vaak lage aankoopbudget is de vrijgevigheid van particuliere verzamelaars essentieel.

Al zijn niet alle schenkingen even waardevol. Een deel zal de tentoonstellingszaal nooit halen, wijst een opmerking van Rutten uit: 'Er zijn in het verleden schenkingen aanvaard omdat er een mooi stuk bij zat, terwijl de rest uit winkeldochters bestond. Dat wordt nu niet meer toegestaan. We zijn dankbaar maar ook kritisch in wat we accepteren.'

Beeld x
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden