Dagboekfragment: Onvoorzien geluk aan de speeltafel

Baden-Baden, 2 juli 1867

Terwijl ik mij op weg begaf naar het postkantoor, ging Fedja naar de roulette - maar hij kwam al snel terug, omdat hij zijn vijf goudstukken had verspeeld. Ik gaf hem er nog acht, zodat er nog dertig resteerden. Hij bleef heel lang weg. Ik las wat, probeerde wat te naaien, maar het was mij zwaar te moede.

Eindelijk kwam Fedja terug. ‘We staan er slecht voor’, zei hij. Toen liet hij mij zijn volle buidel zien: 61goudstukken, zodat we er nu met inbegrip van onze dertig 91 bezitten. Er was een stuk van 40 franken bij, dat hij als gewoonlijk voor zichzelf wilde houden, maar het mij toen schonk, zodat ik nu de bezitter van een goudstuk van 40 franken ben.

Helaas kan ik het niet uitgeven, ik moet het bewaren voor noodgevallen, anders had ik er meteen een broche of iets anders moois voor gekocht.

Fedja zei dat hij zoveel geluk had gehad, dat het iedereen verwonderde. Hij had steeds gewonnen, waarop hij ook had ingezet. Er was een Engelsman achter hem komen staan, die op precies hetzelfde inzette als hij. Hij had gemerkt dat als hij ergens op inzette en daarbij de Engelsman aankeek, dat hij dan meteen won.

Ze konden elkaar niet verstaan, aangezien Fedja geen Engels spreekt en de Engelander geen Frans verstaat, maar bij het inzetten begrepen ze elkaar door hun mimiek, wat er komisch moet hebben uitgezien.

Anna Dostojevskaja (1846-1918), echtgenote van de Russische schrijver Fjodor (‘Fedja’) Dostojevski. Ingekort fragment uit haar in 1985 uitgegeven dagboek.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden