Daar heb je Pia! The Flying Dutchess wil doorgaan tot 2000

In de jaren vijfig maakte Pia Beck als een van de weinige Nederlandse entertainers carrière in de USA. De 'Flying Dutchess' was bevriend met Nat King Cole, wist de weg in Las Vegas en New York, en werd geëerd met een omslagverhaal in 'Time Magazine'....

TOEN ZE vijftig werd kreeg ze het van haar vriendin Marga cadeau, het houten schild dat in haar Spaanse huis boven de piano hangt, en dat gesierd wordt door het opschrift dat ze dromen kan: Van het concert des levens krijgt niemand een program. Pia Beck (72) is voor even terug uit Spanje, en vertelt liefdevol hoe haar levenspartner, in hun appartement in Noordwijk, loopt te schelden op het grauw van Holland.

Marga is haar steun en toeverlaat, die schonk haar, met dat houten schild, een waarheid als een koe. In juni kwam Beck in de tuin van haar villa in Zuid-Spanje, waar ze sinds 1965 minstens de helft van het jaar woont, lelijk terecht. Ze verbrijzelde haar linkerpols. 'Ik dacht dat ik nooit meer zou kunnen spelen.' Er volgde een ingrijpende operatie. 'Elf breuken, ijzeren pennen, elke week nieuwe röntgenfoto's, ik wilde naar Holland. Maar Marga greep in. Ze zei tegen de chirurg, een jonge vent nog: geef haar een injectie tegen de pijn, daar wordt ze suffig van, ze blijft hier in Spanje.

'Dus lag ik daar, in onze tuin, op een stretcher onder de palmboom - lamgelegd, gedeprimeerd. Ik dacht: beheers jezelf, zet door, hier dien je gesterkt uit te komen. Als je dát niet denkt beschik je over een verkeerde mentaliteit.' Beck herstelde, tot ieders verbazing, vrij voorspoedig van haar onfortuinlijke val. 'Toen mijn pols uit het gips ging, ik achter de piano kroop, en de vingers het nog deden, was ik zielsgelukkig.'

Haar leven was een leven van breuken. Beck brak ooit haar pink, haar rechterarm, haar linkerarm, haar schouder, haar bekken. Eind jaren tachtig kreeg ze ook nog eens een geheimzinnige ziekte. 'Meer dan veertig graden koorts, zes weken lang. Ze hebben gezocht als gékken, dachten aan malaria, klopten aan bij het Tropeninstituut in Amsterdam, omdat ik net in Thailand was geweest. Bleek het uiteindelijk een schapenziekte te zijn. Gekregen van mijn eigen schaap.' Stralend: 'Zó'n lief schaap. Ik knuffelde er dagelijks mee. Of ik maakte een autoritje met dat dier.'

Vandaag wordt, in Eindhoven, enigszins verlaat, haar nieuwe cd gepresenteerd: Beck to 2000, een registratie van een eerder dit jaar in Amsterdam opgenomen concert. 'Ik wil graag door tot 2000. Dan zit ik zestig jaar in het vak. Maar het ouder worden valt me niet mee. Elke dag een stukje afbraak, elke dag een nieuwe kans op een ouwe-mensenkwaal. En dan dat uiterlijk! Ik heb nog nooit iemand gezien die er, naarmate de jaren vorderden, mooier op werd. Wie dat zegt is gek.'

Op haar 58ste productie - haar eerste plaat, Pia's Boogie, verscheen in 1949 -, speelt Beck, soms hoorbaar gesteund door het publiek, evergreens als Tea for Two en Rhapsody in Blue, eigen composities als Rain Boring Samba, en permitteert ze zich af en toe een grapje: in de Lily Marleen-Boogie duiken flarden van de Vogeltjesdans op. Ze keurt de cd-hoes, die ze vandaag voor het eerst ziet - 'mmmm, een beetje povertjes, nogal strak van lijn' -, en vertelt dat Beck to 2000 wordt gepresenteerd door Joop Braakhekke. 'Wat niemand weet is dat Joop een groot jazzkenner is. Hij komt vaak naar me luisteren en is dan tot tranen toe geroerd.'

Ze steekt een sigaret op. 'Beter af en toe een sigaret dan al die vuiligheid van de auto's op straat.' We zitten in het restaurant van Huis ter Duin in Noordwijk en de pianiste wordt gegroet door een bewonderaarster, door comedy-schrijver Chiem van Houweninge, door televisie-coryfee Rik Felderhof, in wiens programma ze ooit te gast was. Hoe het met Pia gaat, en of haar pols het alweer doet. Even later, grinnikend: 'Het is ongeveer de enige vraag die ze me tegenwoordig stellen. Nou ja, beter zo dan dat ze je niks vragen.' Ze heft de handen: 'Ik heb de Lieve Heer gedankt. Dat ik weer kan spelen is een cadeautje van de Heer.' Wordt hier gespot? 'Nee - als je geen groot kruis op je borst draagt wil dat nog niet zeggen dat je niet gelovig bent. Ik ga nooit de bühne op zonder een kruis geslagen te hebben, in dat opzicht onderscheid ik me in niets van een stierenvechter. Misschien heb ik het afgekeken van de Spanjaarden - het zijn levenskunstenaars, emotioneel tot in hun tenen, en zwaar katholiek: je ziet ze bij de confrontatie met een ongeval of een dode ogenblikkelijk een kruisje slaan.

'Vóór ik optreed prevel ik ook altijd een paar woorden: ''Nu ben ik in uw handen, zegt u maar wat ik doen moet.'' Toen ik dit voorjaar in De Doelen voor bijna 3000 mensen speelde dacht ik: Jezus, 3000 man - dat is een hoeveelheid waar normaal gesproken een uitgebreide cast van The Phantom voor in de weer is. En ik word hier in mijn eentje voor de leeuwen geworpen. Nou, dan helpt het besef dat je er niet helemaal alleen voor staat.'

Nooit geweten dat de pianiste zich door Gods hand laat leiden. 'Ik ben me daarvan ook pas bewust sinds mijn comeback.' Ze aarzelt. 'Ik vind het niet leuk om nog langer over mijn geloofsbeleving te praten. Mijn geloof is mijn geheim.'

Dat geheim draagt ze, denkt ze achteraf, met zich mee sinds ze in oktober 1975, dankzij de bemiddeling van vrienden, een glorieuze comeback maakte in het Scheveningse Circustheater. 'Die sloot een periode af waarin ik wel wat extra kracht kon gebruiken. Ik had alles verloren, ik was een flink potje los gegaan.' De feiten zijn bekend: Beck breidde haar nachtclub - 'eens de mooiste van de Costa del Sol' - uit, zag haar klanten verdwijnen, ging in zee met een louche zakenman, moest ten slotte faillissement aanvragen. 'Om het hoofd een béétje boven water te houden, en de tienduizend gulden terug te betalen die ik geleend had, speelde ik twee jaar in mijn eentje piano. Ik was de pianiste van de bar geworden - ik, die de hele wereld was rondgereisd en met de groten had gespeeld. Ik kon ten slotte geen piano meer zíen.'

Beck zegt dit soort dingen nogal bedaard. Van een diep dal wordt een mens, vindt ze, wijzer. 'Ik ben een vechter. En een optimist. Toen ik, begin jaren vijftig, naar Amerika wilde met de Holland-Amerika-Lijn bazuinde ik in interviews vast rond dat er genoeg mensen waren die me verder zouden helpen. Vervolgens las ik dat in de krant, en was ik blij dat ik het verteld had, want nu móest ik het wel waarmaken.

'In Amerika heb ik mijn belangrijkste en hardste leerschool gehad. Daar kreeg ik commentaar op mijn kleding, mijn haar - mijn image. Daar werd mij geleerd dat de meeste artiesten het ten slotte niet redden omdat ze te zeer over het paard getild raken.' Ze kijkt even om, Rik Felderhof verlaat het restaurant. 'Nou vergeet hij me toch te groeten. Bekendheden lopen tegenwoordig zo snel met het hoofd in de wolken. Ik heb nooit kapsones gehad. Toegegeven, ik ben vaak lastig geweest - maar dat is omdat ik zo perfectionistisch ben.'

In de Verenigde Staten boekte Beck grote successen. Ze werd er, liefkozend, Flying Dutchess genoemd, ze sierde het omslag van Time Magazine, en raakte bevriend met grootheden als Dizzy Gillespie en Nat King Cole. Ze had haar eigen Amerikaanse manager, en nog steeds geniet ze er social security. Ze legt een boek op tafel, haar in 1982 verschenen autobiografie, De Pia Beck Story, die onder andere van die roemruchte periode getuigt. En van de successen in Europa: de concerten, het feit dat er alweer een fanclub voor haar werd opgericht - 'ik ben reuze trots, want het is niet niets als je op mijn leeftijd nog een fanclub krijgt', schrijft ze, naam en telefoonnummer van de initiatiefnemer meldt ze er vast bij.

Het voorwoord is van professor Arnold Heertje, die bekent dat de pianiste al in zijn 'pubertijd' een begrip was. 'Heertje corrigeerde mijn verhaal ook op taal en stijl, maar hij heeft er, merkte ik te laat, alle pittige dingen uit gehaald. Ik wil het boek graag nog eens herschrijven en aanvullen, zodat in 2000 een volwaardige editie kan verschijnen.'

0 OOR DE zekerheid houdt Beck inmiddels een dagboek bij. 'Hoe ouder ik word, hoe beter ik me vooral de ervaringen uit het verre verleden herinner.' Een vriendin documenteert in plakboeken en ordners de wapenfeiten uit haar carrière. 'Ik help haar wel eens, geef uitsluitsel over de herkomst van foto's, maar ik kan er niet goed tegen. Van herinneringen word ik weemoedig. Na een paar uurtjes krijg ik ijskouwe handen, en heb ik dringend een paar cognacjes nodig.'

Soms kan Pia Beck ook nauwelijks met loftuitingen uit de voeten. 'Geen mens die het weet, maar ik word gekweld door grote onzekerheid. Uiteindelijk vind ik niet dat ik iets groots heb gepresteerd. Ik weet het, ik heb charisma en flair, ik kan goed verhaaltjes vertellen - tegenwoordig lul ik zelfs meer dan dat ik speel -, ik beschik over een razende techniek - maar die stem van mij is helemaal niks, en ik ben ook niet de beste vrouwelijke jazzpianiste ter wereld, al ben ik nog zo gevleid dat Oscar Peterson mij ooit zo genoemd heeft.' En dit is geen koketterie? 'Mijn vriendin zegt altijd als ik zo zit te oreren: mens, práát niet zo raar. Ze zegt ook: jij luistert helemaal nooit, jij pikt alleen op wat je interessant vindt.' Beck haalt de schouders op. 'Mijn leven is muziek. Daar sta ik mee op, daar ga ik mee naar bed, daar droom ik zelfs van - steeds weer het spookbeeld van een optreden, en een piano die het niet doet.'

Met grote maatschappelijke thema's houdt de pianiste zich zelden bezig. 'Nogal naïef ja, te goed van vertrouwen ook misschien.' Ze liet zich ooit zonder pardon door Henk van der Meyden verleiden tot uitspraken over dope-misbruik in de jazzscene, ze merkte, toen ze in Zuid-Afrika optrad, amper iets van Apartheid. Toen ze, in 1977, gevraagd werd mee te werken aan een avond die de wanpraktijken van Anita Bryant aan de orde wilde stellen, wist ze aanvankelijk amper wie dat was. In haar autobiografie schrijft ze niet zozeer over Bryant, 'één of andere rare juffrouw uit Florida (. . .) die probeerde de homofielen in een kwaad daglicht te stellen', als wel over het 'topsucces' dat ze er zelf had. 'Ik houd niet van dat geschreeuw in het openbaar en op televisie over de seksuele geaardheid van mensen. Ik hecht aan discretie. Van heteroseksuele stellen kan het me ook niks schelen hoe ze het met elkaar doen. Toen Jan Lenferink eens een toespeling op mijn voorkeur maakte zei ik: ''Jan, hou nou toch op, je bent zelf toch ook een nicht als een paard.'' Mag een artiest alsjeblieft een béétje privacy hebben?

'Nee, ik schaam me nergens voor. Maar het is wel eens moeilijk geweest - je merkt toch dat mensen, en zeker niet de minsten, aanvankelijk enige afstand nemen als ze je leren kennen en van de situatie op de hoogte zijn.' Toen Privé een verhaal publiceerde met als kop 'De grote liefde van Pia is een vrouw', belde haar moeder vanuit het verzorgingshuis op met een geruststellende mededeling: 'Pia, trek je er maar niks van aan, ik heb het blad weggestopt, niemand heeft het gezien.' Beck grinnikt eens even. Wat kan het haar eigenlijk schelen? 'Ik loop niet te koop met het woord lesbisch. Waarom nemen mensen zo vaak de term relatie in de mond, en zo zelden het begrip vriendschap?

'Marga's moeder - ze is 97 geworden - was mijn beste vriendin. Ze had een zuivere blik, was allesbehalve burgerlijk. Af en toe kon ze ongezouten kritiek leveren. Meestal had ze gelijk. Ik mis haar nog steeds. Het is een wonderbaarlijke vrouw met wie ik elke dag, eventjes, in stilte praat.'

Over familieverbanden raakt Beck amper uitgesproken. Ze prijst zichzelf gelukkig dat ze ooit, 42 jaar geleden, Marga trof, die al drie kinderen had, en later ook kleinkinderen kreeg. 'Het lijkt me ondenkbaar dat ik ooit getrouwd zou zijn. Dat ik op m'n ouwe dag niet kinderloos ben en eenzaam beschouw ik werkelijk als God's gift.'

Alle nakomelingen wonen permanent in het Andalusische Churriana, dat kleine dorp ver weg in de bergen waar, zegt Beck trots, Hemingway zijn grote boeken schreef. 'Nooit zit ik er op een fancy terras. Ik bezoek liever de dorpskroeg waar de boeren me groeten.' Daar laten ze haar met rust, daar is het prettig oud worden. 'Ik ben de laatste jaren soepeler geworden in de omgang. Hoef niet meer zonodig altijd mijn gelijk te halen. Ik wind me minder snel op.'

Is dat wel zo? Beck barst nog even los. Waarom werd ze nog geen ereburgeres van haar geboortestad Den Haag? 'Ik ben al wel ereburgeres van New Orleans en Atlanta.' Waarom wordt er in Nederland zo gejubeld over de Marco Borsato's? 'Wat mij van het hart moet: in Nederland wordt niets gedaan voor de oudere artiest. In Duitsland dragen ze Zarah Leander nog altijd op handen, in Frankrijk Aznavour en Bécaud, in Amerika Sinatra. En wij hebben de Zangeres Zonder Naam, die nu eenzaam verkommert. Leg de grote artiesten die niet meer kunnen optreden in de watten, geef ze geld, blijf ze koesteren. Wie is hier de minister van kunst? D'Ancona? O, ís er geen minister van kunst? Die moet er dan maar snel komen.'

Voor alle duidelijkheid: 'Ik heb het niet over mezelf. Mij zul je niet horen klagen over gebrek aan egards. Ik heb er altijd alles aan gedaan om mijn image op niveau te houden en minderwaardige dingen te weigeren. Ik ben, al zeg ik het zelf, nog steeds waanzinnig populair. Dat merk ik als ik op Schiphol met andere beroemdheden uit het vliegtuig stap en ik de mensen alleen over míj hoor fluisteren - 'daar heb je Pia! Daar heb je Pia''

0 OVEEL TE wensen heeft Beck eigenlijk niet meer. 'Misschien zou het leuk zijn als een veelbelovend jazz-pianiste straks de tweede Pia Beck wordt genoemd.' Binnenkort wordt in Zuid-Spanje een nieuwe jazzclub geopend, Beck-stage, waarvan zij artistiek leider zal zijn, de komende tijd zal ze in Nederland zo'n tien concerten geven. 'Ik doe het de laatste jaren wat rustiger aan. Het reizen is veel te vermoeiend, een vliegreis is veevervoer geworden.'

Ze wil nog even het hotelzwembad laten zien waar ze elke ochtend, voor het ontbijt, een baantje trekt. En mijmert vast over de hometrainer in haar Spaanse huis, en - vooral - over haar rode Dodge-Dart-GT uit 1963. 'Als ik straks terug ben in Churriana loop ik eerst naar mijn auto, ververs ik de olie en maak ik een ritje door het dorp. Zodat iedereen weet dat Beck back in town is.'

In Spanje durft ze de grenzen van het bestaan nog flink te tarten. Ze liet zich onlangs verleiden mee te doen aan een rally die eigenlijk bestemd was voor grote Amerikaanse oldtimers. 'Marga en ik 's ochtends vroeg naar de haven van Malaga, leuke pakken aan, petten op, in mijn beeldschone auto, als een van de negentien deelnemers. Eerst richting Nerja, toen een triomftocht door Malaga, langs de kust, en tenslotte een fantastische finish.' Pia Beck glundert. 'We wonnen de tweede prijs, twee zilveren bekers en een oorkonde, wij, de veteranen. Omdat we de enige buitenlandse deelnemers waren, omdat we vrouwen zijn - omdat we zelf ook oldtimers zijn.'

Pia Beck: Beck to 2000. Munich Records.

Vanmiddag om 17 uur cd-presentatie en concert in het Dorint Hotel in Eindhoven. Op 30 november in de Koepelkerk, Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden