Consumenten volgens onderzoeker jarenlang benadeeld door uitstel liberalisering telefoonmarkt 'Overheid hield concurrentie PTT Telecom tegen'

De Nederlandse overheid heeft jarenlang doelbewust de introductie van concurrentie op de markt voor telefonie vertraagd en daarmee de belangen van consumenten geschaad....

Van onze verslaggever

Mike Ackermans

DEN HAAG

Hulsink promoveert vrijdag aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op zijn studie naar de rol van overheden op de telecommunicatiemarkt in de afgelopen decennia. Hij vergeleek Nederland met Groot-Brittannië en Frankrijk.

De onderzoeker constateert dat concurrentie op de telecommarkt in Nederland tien jaar later is gekomen dan in Engeland, waar de markt al in 1984 werd geliberaliseerd. Door het gebrek aan concurrentie is de dienstverlening van PTT Telecom ondermaats gebleven, terwijl de prijzen relatief hoog bleven, aldus Hulsink.

De toenmalige minister Maij-Weggen zette in 1992 doelbewust plannen om de markt te liberaliseren in de ijskast, aldus Hulsink. Ze deed dat onder meer op aanraden van KPN/PTT Telecom zelf, dat ook belang had bij uitstel.

Volgens de Telecomwet uit 1989 zou PTT Telecom vóór 1993 gesplitst moeten worden in een bedrijf dat de infrastructuur en het telefoonverkeer verzorgde, en een commercieel bedrijf dat met anderen moest concurreren op alle andere terreinen. Die splitsing werd in 1992 uitgesteld. PTT Telecom stelde dat de splitsing zijn internationale concurrentiepositie zou schaden.

'Als de regering echt de belangen van de consument had willen dienen, had zij concurrentie veel eerder prioriteit moeten geven', aldus Hulsink. De overheid heeft te lang het monopolie van PTT Telecom willen beschermen en slechts tandenknarsend, gedwongen door Europese regelgeving, een tweede aanbieder (Libertel) toegestaan.

Er is bovendien onvoldoende toezicht op dit 'duopolie', vindt de onderzoeker. De huidige controle van het ministerie noemt Hulsink inadequaat en niet onafhankelijk. Pas in 1997 komt er meer concurrentie en een beter toezicht.

'Liberalisering, gepaard gaande met fatsoenlijke regulering, is opgeofferd aan een succesvolle beursgang', stelt Hulsink. Dat kon gebeuren doordat het eigendom van KPN niet zorgvuldig was geregeld.

De aandelen van de moedermaatschappij van PTT Telecom werden beheerd door het ministerie van Verkeer en Waterstaat. Dat ministerie was daarmee zowel beleidsmaker als toezichthouder. Het zou volgens Hulsink beter zijn geweest als het ministerie van Economische Zaken of Financiën de aandelen had beheerd.

Al in 1993 moest Maij-Weggen terugkeren op haar schreden, toen duidelijk werd dat bescherming van het PTT-monopolie in Brussel onder vuur kwam te liggen. De overheid maakt nu haast met echte liberalisering, al lijkt het nog steeds niet van harte te gaan. Volgens Hulsink is in de nieuwe wetgeving het belang van consumenten nog steeds ondergeschikt aan de belangen van de bedrijfsklanten en de aanbieders van telecommunicatie zelf.

In Groot-Brittannië ging de privatisering van British Telecom (BT) wel gelijk op met de liberalisering van de markt. De consumenten kregen daardoor meteen te maken met nieuwe aanbieders (aanvankelijk één, later meer). De dienstverlening werd verbeterd en prijzen gingen omlaag. Dat ging wel gepaard met grootscheepse reorganisaties bij BT, die honderdduizend werknemers hun baan kostten.

Ook in Frankrijk werd de telecommunicatie hervormd, maar op geheel andere wijze. De overheid dirigeerde de hervorming. Het leidde tot gigantische investeringen, waarmee een modern telecomnet uit de grond werd gestampt. De operatie werd echter ontsierd door enkele spectaculaire mislukkingen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.