Complotten rond een Limburgs bijtertje

De Limburger heeft er weer één: een sjoemelende burgemeester. Nog opmerkelijker is het rechterlijk vonnis dat verslaggever Joep Dohmen zich en passant op de hals haalde....

HENK BLANKEN

JOEP DOHMEN is wereldberoemd in Zuid-Limburg en dat is geen onversneden feest. Vier jaar lang schreef hij over graaiende burgemeesters en corrupte ambtenaren in een zacht glooiend wereldje waar ons ons kent, de ene dienst de andere waard is - een gratis oprit, een Ierse visvakantie - en alle notabelen nog lang en innig tevreden hadden geleefd als Dohmen ze niet aan de schandpaal had genageld.

Maar als de onderzoeksjournalist van De Limburger nu een wethouder in Brunssum of Beek belt, slaat ten stadhuize snel de paniek toe.

'Oh God, Dohmen aan de lijn.'

Dat praat niet makkelijk.

Sinds Dohmen en diens collega Henk Langenberg de beerput opentrokken, in april 1992, zijn bezuiden Susteren vier wethouders, drie burgemeesters en twee ambtenaren veroordeeld. Andere representanten van een beschimmelde regentencultuur verdwenen naar de achtergrond. Dohmen en Langenberg, zowel beschimpt als 'nestbevuilers' als geprezen voor hun volharding, wonnen de prijs voor de Dagbladjournalistiek, Dohmen schreef een boek (De Vriendenrepubliek), waarna het duo overging tot de orde van de dag.

En passant leidde de Limburgse bouwfraude tot een juridische noviteit. De Brunssumse burgemeester Henk Riem, die steekpenningen zou hebben aangenomen van wegenbouwer Sjaak Baars, eiste dat Dohmen zijn bronnen zou noemen. Toen de Hoge Raad oordeelde dat zulks niet hoefde, had de Nederlandse journalistiek er een vorm van verschoningsrecht bij.

Des te frappanter is het dat uitgerekend Dohmen nu opnieuw een opzienbarend vonnis heeft bewerkstelligd. Dohmen mocht een verhaal over de sjoemelende burgemeester van Beek pas publiceren nadat deze het vooraf inzag, en een etmaal de tijd kreeg om een weerwoord te concipiëren dat De Limburger moest afdrukken. 'De pers wordt gemuilkorfd', briest het Limburgse SP-Statenlid Peter van Zutphen.

DE BURGEMEESTER van Beek heet Van Goethem en wordt gezien als het laatste relict van een op macht en jachtpartijen beluste bestuurscultuur. Nadat wegenbouwer Baars bekende dat hij 'opdrachten inkocht' en miljoenen aan smeergeld uitdeelde, ontrafelde Dohmen het web van corruptie. Dat kostte de ene na de andere politicus de kop. Zo niet Van Goethem. Die kwam in opspraak met een goedkope hypotheek en buitensporige vergoedingen, maar, schreef Dohmen, 'overleefde als een kat met negen levens'.

Het typeert Dohmen dat hij blééf spitten naar het declaratiegedrag van Van Goethem, de burgemeester met de eigen bijbanen-bv. 'Hij heeft een engelengeduld', zegt Pieter Beek, die als hoofd voorlichting in Maastricht telkens 'moest opdraven' als een wethouder in opspraak kwam. 'Zodra Joep binnenkwam, werden ze zenuwachtig. Hij was sterk in de overval. Meestal had-ie zich goed gedocumenteerd. Hij had goede bronnen. Altijd gaf hij kans op weerwoord. Soms kwamen daar nieuwe dingen uit. In zo'n uren durende sessie, met een oud-wethouder hier, zat Joep eens tegen het randje, ging-ie net de verkeerde kant op. Ik wist méér, maar was niet zeker of die wethouder ook strafbaar was. Een lastig parket - ik heb niks gezegd.'

Een gedreven, solitair bijtertje - dat is Dohmen. 'Hij is zo fanatiek als een hond', zegt een Limburgse collega iets minder vleiend. 'Maar daar is niets mis mee. Hij heeft veel losgemaakt. Bestuurders hier waren niet meegegroeid met de tijdgeest. Wat ooit kon, kan nu niet meer - waarmee ik niet goedpraat wat er toen gebeurde. Maar Dohmen is zo flexibel als beton. Een complotdenker voor wie elk netwerk verdacht is. Hij kan niet goed inschatten wat het verschil is tussen de puristische theorie en de werkelijkheid. Waarom Wijers zich mag laten uitnodigen door ABN Amro als Ajax in Italië speelt - dat ziet Joep niet.'

MET DRIEHONDERD meer en minder onthullende stukken in De Limburger zuiverden Dohmen en Langenberg hun gewest van een volkomen ontspoorde wie-doet-me-wat-mentaliteit. De combine tussen inhalige grindafgravers en kreukbare ambtenaren liep stuk. Publieke werken worden nu openbaar aanbesteed - en niet meer 'ingekocht' bij een pint. Gedragscodes zijn afgekondigd en op gemeentehuizen zijn de regels zo rigide dat ambtenaren van de weeromstuit niets meer durven zonder een trits parafen. 'Jarenlang frustraties en angsten', schetst voorlichter Beek.

'Een stijl van opereren is verdwenen', zegt wethouder Wim Kuiper, in Maastricht verantwoordelijk voor grondzaken sinds hij op het pluche plaatsnam waarvan zijn corrupte voorganger Jo In de Braekt was verjaagd. 'Hoewel maar heel weinig van de aantijgingen in De Vriendenrepubliek tot voor de rechter bewezen is, zijn de politieke en culturele gevolgen heel groot. Veel mensen zijn wakker geworden. Gaat dat hier zó? Dat is veranderd, vooral in het zuiden van Limburg.'

Het is de verdienste van Dohmen, zegt Kuiper, dat hij de kwalijke kanten van het Limburgse cliëntelisme heeft blootgelegd. 'Maar het beeld dat later ontstond, dat het hier toch allemaal één kliek is, heeft Dohmen niet willen nuanceren. Ik kreeg de indruk dat hij die cynische kijk ook had. Ik heb menselijke drama's gezien. Mijn voorganger werden dingen verweten die niet goed te praten zijn, maar hij is geen groot crimineel. Toch stond-ie iedere dag in de krant. Die man is maatschappelijk afgebrand. Dohmen wekte niet de indruk daar wakker van te liggen.'

Na de eerste honderd onthullingen, vlamden de volgende tweehonderd stukken ietsje minder. Dohmen 'ging op alle slakken zout leggen', zegt een collega. 'Doodzonde was dat, want in de kern was het prachtig.' Ook kwam het verwijt dat De Limburger - met 180 duizend abonnees de grootste regionale krant van Nederland - een heksenjacht voerde, in eendrachtige samenwerking met justitie. Hans Goessens, hoofdredacteur van het concurrerende, veel kleinere Limburgs Dagblad: 'Justitie liep ook hard. Wilde autoriteiten aanpakken. Ten opzichte van het lawaai dat ze maakten, is daar maar weinig van hardgemaakt. Misschien is Dohmen daar ook het slachtoffer van geworden. De pers werd meegezogen, mijn krant niet uitgezonderd.'

En toen, eind 1997, liep Dohmen weer 's tegen een knoeiende burgemeester aan. Wie Dohmen kent, zag het verhaal al voor zich - en burgemeester Van Goethem ként Dohmen.

OMDAT HIJ nog wel wat vragen had, vroeg Dohmen belet bij Van Goethem. De burgemeester weigerde een interview, maar wilde wél inzage in het verhaal. Dat vertikte de journalist waarna de burgemeester iets sputterde over hoor en wederhoor, en beide kemphanen zich terugvonden in een kamer vol advocaten en recorders. Nog zei Dohmen niet wát hij wilde onthullen. 'Hij begon vragen te stellen. Wie is uw accountant? In wat voor auto rijdt u? Het was geen wederhoor - het was een verhoor', zegt mr. H. Lamers, de raadsman van Van Goethem.

Dat vond de rechtbankpresident ook. Dat die er überhaupt aan te pas kon komen, was onhandig van Dohmen. 'Het lijkt erop dat hij aan zijn eigen stropje heeft zitten frunniken', reageert Goessens, die ook wel weet dat een krant beter niet te véél gelegenheid geeft tot weerwoord - dikwijls wordt pas om commentaar gevraagd als een publicatie niet meer met een kort geding kan worden tegengehouden.

Nu waren de rapen gaar. Want Dohmen liep aan tegen een rechtbankpresident die van 'wederhoor' een dure plicht maakte - als De Limburger het vonnis zou negeren, kostte dat de krant honderdduizend gulden. De president ging bovendien veel verder: waar Van Goethem vooral wederhoor verlangde, kreeg de burgemeester het recht op inzage en een gelijktijdig te plaatsen weerwoord - beide tot dusver onbestaand in de Nederlandse media.

Dat is des te pijnlijker omdat van een algemeen juridisch recht op wederhoor om te beginnen al geen sprake was. Het is een goede journalistieke gewoonte, niet meer. Sterker nog, stelt hoogleraar mediarecht Gerard Schuijt: de essentie van de in de grondwet verankerde vrijheid van meningsuiting is dat niemand voorafgaand verlof nodig heeft. 'Je mag het eerst fout doen.'

Zo niet Dohmen. Donderdag publiceerde zijn krant - die niet wilde wachten tot een hoger beroep - het verhaal over Van Goethem en diens nogal kleine, maar daarom niet minder onbetamelijke geknoei met declaraties. Ernaast stond het ingekorte weerwoord - zin voor zin, argument na argument, weer van commentaar voorzien door Dohmen.

Uiteraard hing Van Goethem andermaal in de gordijnen. Maar niemand, ook de rechtbankpresident niet, had gezegd hoe de krant het weerwoord moest afdrukken.

Henk Blanken

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden