Comfort van de lezer stond altijd voorop

Pieter Brattinga groeide op tussen de letterkasten van zijn vaders drukkerij. Collega's noemden hem meer zakenman dan ontwerper. Toch leverde hij een essentiële bijdrage aan het imago van de Nederlandse vormgeving....

Ontwerper wilde hij zich niet noemen. Pieter Brattinga voelde meer voor de aanspreektitel: ontwerper én bemiddelaar. Of nog beter: creatief organisator. Iemand die zich niet alleen liet voorstaan op zijn eigen grafische vormgeving (bewegwijzering voor de Amsterdamse metro, affiches en catalogi voor het Kröller-Müllermuseum, postzegels voor de toenmalige PTT), maar die ook de gelegenheid te baat nam om andere grafische vormgevers een platform te bieden – in de boeken die hij over hen samenstelde, in de tentoonstellingen die hij organiseerde, en in de vakorganisaties die mede door hem zijn opgericht.

Donderdag overleed Pieter Brattinga in zijn woonplaats Kootwijk. Hij werd 73 jaar.

'Meer zakenman dan ontwerper' – het werd hem door sommige collega's wel eens aangewreven. Nu was Brattinga – met zijn adellijke voorkomen en onafscheidelijke jasje-dasje, zelfs in de sjofele jaren zestig – ook wel een beetje een vreemde eend in de bijt. Opgegroeid tussen de letterkasten en de inktrollen van Steendrukkerij De Jong en Co van vader Brattinga, leerde hij het vak van grafische vormgever van nabij. Om vanaf 1970 fortuin te maken als mede-oprichter en directeur van 'de kleinste multinational ter wereld': Mercis BV, dat de auteursrechten op de figuurtjes van zijn jeugdvriend Dick Bruna beheert.

Tien jaar daarvoor, op 30-jarige leeftijd was hij naar Amerika vertrokken om op het New Yorkse Pratt Institute typografie te doceren – wat hem de titel 'professor of arts' opleverde. In 1966 had hij mede de Art Directors Club Nederland opgericht.

Commercieel of niet, met die dadendrang leverde Brattinga een essentiële bijdrage aan het imago en de zichtbaarheid van de Nederlandse vormgeving. In drukkerij De Jong en Co gaf hij ontwerpers als Otto Treuman, Jan Bons, Gerrit Rietveld de kans te experimenteren op de persen van zijn vader. Hij bedacht de beroemde Kwadraatbladen, vierkante brochures die cadeau werden gedaan aan klanten en vrienden, en die door hun vooruitstrevende vormgeving nu gewilde collectors items zijn.

Van de kantine van de drukkerij in Hilversum maakte Brattinga tussen 1956 en 1970 een internationaal bekende expositieruimte, door al vroeg werk van de CoBrAbewegingte tonen, maar ook door de jonge Wim T. Schippers zijn gang te laten gaan. Die maakte een roemruchte geuren-expositie, waar het naar muskus, sinaasappel of potlood rook.

Zo vrij als hij anderen soms liet, zo streng was hij in zijn eigen vormgeving. Brattinga toonde zich een aanhanger van de Zwitserse school: 'Ik houd van orde, netheid en opgeruimdheid', stelde hij. 'Het comfort van de lezer staat bij mij altijd voorop.' Dat resulteerde in functionalistische ontwerpen in een strak stramien, met schreefloze letters.

Voor al die activiteiten werd Brattinga in 1998 geëerd met de Grafische Cultuurprijs. Toch was hem dat niet genoeg. Merkwaardig vond hij het dat het begeleidende persbericht niet de exposities in zijn Print Gallery in Amsterdam vermeldde. 'Ik weet niet of ze dat nou vergeten zijn, of dat er geen plaats meer voor was.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden