Review

Cees Fasseur dient critici postuum van repliek

Geschiedenis mag geen geheimtaal zijn, luidde het credo van 'hofbiograaf' en bestsellerauteur Cees Fasseur. Scherp is hij ook in zijn postuum verschenen herinneringen, waarin hij critici van repliek dient.

Bij het begin van de viering van 200 jaar koninkrijk, in 2013, merkte Cees Fasseur in een lezing op: 'Voor de goede orde: de onafhankelijkheid van Frankrijk kwam eerst, het koninkrijk daarna. De huidige feestcomités hebben het omgedraaid. Zij doen het voorkomen alsof Nederland in 1813 een koninkrijk werd en daarmee onafhankelijk. Hoewel ik het Oranjehuis een goed hart toedraag, is dat te veel eer.'

Die laatste zin is typerend voor de onthechte positie van Wilhelmina-biograaf Fasseur (1938-2016), van wie nu postuum Dubbelspoor verschijnt, zijn herinneringen. Van alles is hem toegedicht, van een 'hofhaardkleed' (Jeroen Brouwers) te zijn, tot een op zijn onderwerp 'verliefde schrijver' (Jos Palm). In werkelijkheid, onthult Fasseur in deze autobiografie, had hij wel sympathie voor maar geen banden met het Koninklijk Huis, en was hij nooit van plan een levensverhaal over welke vorst dan ook te schrijven - een bezigheid 'die in wetenschappelijke kring met een zeker wantrouwen wordt gadegeslagen'.

Het was de Nijmeegse historicus Ad Manning die eind jaren tachtig het initiatief nam tot een biografie van de oorlogskoningin en daarbij van koningin Beatrix toestemming kreeg in het particuliere Koninklijk Huisarchief onderzoek te doen. Fasseur was, naast zijn loopbaan als wetgevingsjurist op het ministerie van Justitie, ook historicus, maar een die zich als hoogleraar in Leiden, aanvankelijk in deeltijd, vooral bezighield met het land van zijn geboorte, Indonesië. Dat veranderde toen Manning in 1991 onverwacht overleed en Ivo Schöffer, de nestor van historisch Nederland, het aanbod afsloeg diens werk voort te zetten. Pas toen kwam Fasseur, gepromoveerd bij Schöffer, in beeld.

Cees Fasseur

Dubbelspoor - Herinneringen
Non-fictie
Balans; 369 pagina's; euro 19,95.

Verwijt

De exclusieve archieftoegang is Fasseur later door collega's kwalijk genomen, maar was dus al door Manning verzekerd. Bovendien, schrijft Fasseur: 'Anet Bleich deed niet anders met haar biografie van Joop den Uyl, die op diens archief was gebaseerd. Vergelijk het met de journalist in zijn jacht op een primeur.' Fasseur eiste ook absolute vrijheid van schrijven, en die kreeg hij. Van Beatrix had hij geen last - meer van premier Kok, die 'hardnekkig' de ministeriële verantwoordelijkheid liet uitstrekken over zijn boeken. 'Aan het hof vond men dit, zo had ik de indruk, maar onzin.'

Het verwijt dat zijn werk niet wetenschappelijk zou zijn, bij gebrek aan de mogelijkheid tot controle door vakbroeders, doet hij af als 'kinnesinne'. Immers: 'Vroeg of laat kan iedereen weten of ik in mijn onderzoek correct te werk ben gegaan.' De twee Wilhelmina-delen, in 1998 en 2001, werden bestsellers. Dat hij niettemin het predikaat 'hofbiograaf' kreeg opgeplakt, komt vooral door zijn publicatie nadien over het huwelijksleven van Juliana en Bernhard.

Beatrix vraagt Fasseur in 2005 of hij bereid zou zijn het geheime rapport van de commissie-Beel uit 1956, over de langjarige crisis op paleis Soestdijk, 'in een duidelijke context' te publiceren. Haar beide ouders zijn het jaar tevoren overleden en 'zij had haast, vermoedelijk om haar zoon en opvolger Willem-Alexander, als het zover was, een schone lei te kunnen meegeven'. De koningin weet inmiddels dat Fasseur snel en 'passabel' kan werken, 'met een gevestigde klandizie en reputatie'. In zijn boek neemt hij het op voor Bernhard, wat hem op veel kritiek komt te staan. Maar ook nu nog zegt Fasseur: 'Een kwade kerel was het niet.'

Goede titel

Dubbelspoor is een goed gekozen titel. Fasseur schrijft op zijn bekende, lichte toon over de zware ambtelijke en politieke gevechten die schuilgingen achter de totstandkoming van onder meer de abortus-, euthanasie- en politiewet. Als hoogleraar en decaan in Leiden leerde hij ook de universitaire loopgraven kennen. Zo diende Fasseur in zijn werkzame leven 'de dames Themis en Clio', soms vilein, vaak met humor, altijd scherp, waarbij hij voor zijn publicaties steeds het adagium laat gelden: 'Geschiedenis mag geen geheimtaal zijn. Iedereen moet de boeken kunnen lezen.' Ook met het onverwachte sluitstuk van zijn oeuvre is hij daarin geslaagd.

Debat en presentatie morgen bij 'De Volkskrant op Zondag' met Jan Bank, Leonard Blussé, Dik van der Meulen en Annejet van der Zijl. rodehoed.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden