Interview Jasper Wolf

Cameraman Jasper Wolf moest voor Monos, de bejubelde film van Alejandro Landes, de bergen én de jungle van Colombia in

De loodzware omstandigheden waaronder de bejubelde film Monos van Alejandro Landes moesten worden gemaakt, maakten zijn werk juist beter. 

Cinematograaf Jasper Wolf Beeld Nick Helderman

Uiteraard zou cameraman Jasper Wolf zich áltijd zorgen maken als een regisseur vlak voor een draaidag wakker werd met een plotselinge, hevige buikpijn. Maar ‘zorgen’ is een understatement als zoiets gebeurt in een kamp in de Colombiaanse jungle, waar de filmploeg van Monos bivakkeerde. Om er te komen moest je vanaf Medellín eerst twee uur met de auto, daarna een uur hobbelen in een fourwheeldrive en dan een pittige voettocht afleggen van anderhalf uur. 

Bovendien, zo vertelt Wolf, kwam de regen met bakken uit de lucht. Daardoor kon de helikopter, die in noodgevallen met de satelliettelefoon kon worden opgeroepen, niet landen.

‘Dan ga je rekenen. Vier uur om bij het lokale ziekenhuis te komen. Als het een acute blindedarmontsteking is, kan het binnen zes uur fataal zijn. Je móét handelen.’

Dus werd de kermende regisseur, Alejandro Landes, op een geïmproviseerde stretcher gelegd en door een stel lokale goudzoekers die hand- en spandiensten verrichtten op de set, naar het ziekenhuis gebracht.

Waar de regisseur zich alweer beter voelde. Natúúrlijk.

‘Waarschijnlijk was het gewoon uitputting’, vertelt Wolf terwijl hij thuis in Amsterdam zijn espresso-apparaat aanzet. En dat was niet zo gek. ‘Die hele draaiperiode was een aanslag op lichaam en geest.’

Uit de mond van Wolf is dit geen klacht. Integendeel. De cameraman maakte in Nederland vooral acteurfilms. Code Blue (2011) bijvoorbeeld, waarmee hij een Gouden Kalf won, en Niemand in de Stad (2018), de openingsfilm van het Nederlands Film Festival vorig jaar. Dit jaar staat zijn naam weer op de aftiteling bij de openingsfilm van het NFF: in Instinct, de debuutfilm van Halina Reijn, vangt hij de broeierige relatie tussen een manipulatieve tbs’er en zijn therapeut. Wolf geldt als een cameraman met een scherp oog voor menselijke verhoudingen.

Beeld uit Monos van regisseur Alejandro Landes.

Maar Monos, een film die leunt op krachtige beelden en die onder loodzware omstandigheden werd gefilmd, eiste veel méér van hem, artistiek en fysiek. ‘Daardoor werk je op de toppen van je kunnen.’

Monos volgt een groep tienersoldaten die een Amerikaanse gijzelaar moet bewaken. Het verhaal van de film, die tijdens het Amerikaanse filmfestival Sundance in wereldpremière ging, werd al vergeleken met dat van Lord of the Flies en Heart of Darkness. Regisseur Landes laat zien hoe de tot de tanden bewapende tieners een minimaatschappij vormen, waarin machtsverhoudingen fragiel zijn en waanzin en verveling voortdurend op de loer liggen.

Mede dankzij Wolfs camerawerk wordt de film een zintuiglijke ervaring. Zijn gebergte is overdonderend rauw, omringd door schitterende wolkenpartijen; zijn vochtige, klamme jungle is even benauwend als sprookjesachtig. Minstens zo indrukwekkend is de manier waarop hij de dierlijke energie van de jonge acteurs van 16, 17 jaar weet te vangen. Net als in het door hem gefilmde Atlantic. (2014) raken de personages nooit ondergesneeuwd door de overdonderende landschappen.

Met Landes bedacht Wolf vooraf al een afwisselende beeldtaal, die varieert tussen intiem en groots, tussen beweging en stilstand. ‘De beelden moesten een soort stempels zijn die op het netvlies van de kijker geramd zouden worden. Zodat ze ook na afloop van de film nog in het hoofd blijven spoken.’

Beeld uit Monos van regisseur Alejandro Landesos.

En dat valt op, nu Monos internationaal bezig is aan een zegetocht. De film won de speciale juryprijs tijdens Sundance, werd vertoond tijdens prestigieuze filmfestivals als die van Berlijn en San Sebastian, en is de Colombiaanse Oscarinzending. Vorige week werd Wolf door de filmwebsite IndieWire uitgeroepen tot ‘cinematograaf om in de gaten te houden tijdens het komende Oscarseizoen.’ In dat lijstje prijken verder grote namen als Roger Deakins en Hoyte van Hoytema. ‘Ik kreeg berichtjes met veel hartjes van mijn internationale agenten.’ 

Ja, veel beelden uit Monos zou je zo kunnen inlijsten, maar het mocht nooit alleen maar fraai zijn, benadrukt Wolf. Die natuur moest een gevangenis zijn voor de kinderen en de gijzelaar. ‘De bergen moesten zo uitgestrekt voelen, zo koud en bar, dat de kijker snapt dat je daar niet zomaar aan de wandel gaat.’ Voor de jungle gold precies het omgekeerde – Wolf omringt de groep daar juist met een muur van groen, waardoor je nooit weet wat voor gevaar er tussen de bomen schuilt. ‘We hadden bedacht dat je daar alleen de hemel ziet wanneer de de vrijheid lonkt, of als de tieners tijdens spelletjes gewoon weer even kind lijken.’

Beeld uit Monos van regisseur Alejandro Landes.

In het kamp in de jungle, waar de ploeg drie weken zat, was geen contact mogelijk met de buitenwereld. Je moest je schoenen uitkloppen voor je ze aantrok. Toch heeft Wolf zich nooit onveilig gevoeld, zegt hij. Er waren mannen in het kamp die de set slang-vrij moesten houden. Er was een arts met antigif. Andere beestjes? De zandvlooien die de Mexicaanse production designer flink te pakken hadden genomen, lieten Wolf met rust. ‘En verder liepen we rond met literflessen insectenverdelger. Iedereen rook naar insectenverdelger.’

Ontberingen wennen, zegt hij. Of nee, je merkt ze niet op als je aan het werk bent. ‘Dan ben je in een staat van bezetenheid.’ Bovendien was het filmen in de bergen eigenlijk een grotere uitputtingsslag dan het filmen in de jungle, vertelt Wolf. ‘We zaten op 4.000 meter – hoogteziekte was het grootste gevaar. Verder kon het er opeens ijskoud worden en overal lagen plassen: als je niet oppaste, liep je de hele dag met natte voeten. Er is weinig zuurstof en doordat de set zo uitgestrekt en heuvelachtig was, moest de crew bij vragen tijdens het draaien geregeld omhoog en omlaag rennen. Door de regen en de wind versta je elkaar amper en iedereen was steeds volledig ingepakt, dat gaf een heel andere energie. In de jungle trok iedereen juist zijn kleren uit, omdat het er zo heet was. En tijdens de lunchpauze kon je in de rivier springen en naar de catering dobberen.’

Doordat de locaties zo afgelegen waren moest Wolf werken met flinke beperkingen. Weerberichten waren altijd onbetrouwbaar. Het viel nooit te voorspellen wanneer de mist zou komen aanrollen in de bergen. ‘Voor sommige scènes was het hopen op mist, voor andere juist weer niet.’ In de jungle moest de apparatuur op de rug van ezels worden gebracht – er kon dus niet zoveel mee. Met provisorische pompen werd het water uit de rivier gebruikt om regen te kunnen maken. ‘Oerwoud is magisch als het bos nat is en ademt. Maar zodra het opdroogt, en dat gebeurt binnen tien minuten, wordt alles steeds fletser. En we wilden juist dat fabelachtige.

Toch dringt de vraag zich op: was er geen bos of berg dichter bij Bogotá of Medellín? Had het logistiek niet makkelijker gekund? Kun je de afgelegenheid met de juiste kadrering niet faken? Nou nee, zegt Wolf, die ook hielp bij het vinden van de juiste locatie. Op de ene plek was het ‘te bossig’, een andere was te dichtbij de kust – ‘dat zie je aan de plantengroei’.

‘En we gingen de extreme omstandigheden ook niet uit de weg. Als je een film maakt over mensen in een barre situatie, helpt het als je dat gevoel zelf ook ervaart, in de voorbereiding en tijdens het draaien. Het geeft zo veel extra inspiratie en het beïnvloedt ook de prestaties van de cast. In Monos spelen bijna alleen maar ongetrainde acteurs, tieners, van wie sommigen nog nooit buiten de stad waren geweest en die nu opeens dertien weken in de natuur op elkaar waren aangewezen. De groepsdynamiek die dan ontstaat, die kun je niet spelen.’

Oorlog in Colombia

Monos speelt zich af tijdens een verder onbenoemde burgeroorlog. Toch speelde de oorlog in Colombia op de achtergrond een belangrijke rol omdat er in het land generaties zijn opgegroeid met terreur en bomaanslagen, met alle nog sluimerende ressentimenten van dien.

Regisseur Alejandro Landes vond een van zijn acteurs in een rehabilitatiekamp. De bevelhebber van de groep tienersoldaten wordt gespeeld door een ex-FARC-commandant, die na zijn desertie van zowel de FARC als de Colombiaanse regering een prijs op zijn hoofd kreeg. Jasper Wolf: ’Een crewlid vertelde dat zijn familie ontvoerd was geweest door de groep waaraan de ex-commandant leidinggaf. ‘Als ik hun zou vertellen dat ik hier met hem werk, zouden ze dat nooit begrijpen’, zei hij. Maar voor ons was hij daarom juist een belangrijk onderdeel van de film – je moet toch weer met elkaar de toekomst in.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden