Cabaretier Jasper van Kuijk: 'Ik vind juist niet dat iedereen altijd maar genuanceerd moet zijn'

De missie: zijn eigen filterbubbel doorprikken

Voor Jasper van Kuijk begon het maken van zijn vierde cabaretvoorstelling met een opdracht aan zichzelf: zijn filterbubbel doorprikken en op zoek naar radicale nuance.

'Het is wat mij betreft het ultieme compromis, dat we zowel het compromis nodig hebben als de radicalen.' Foto Boudewijn Bollmann / de Volkskrant

'Ik was het niet met alles eens', zei een oudere man vrijdagavond bij de uitgang van Theater de Winsinghhof in het Drentse Roden tegen cabaretier Jasper van Kuijk, die daar de laatste try-out van zijn voorstelling Janus speelde. En zijn vrouw: 'Zwarte Piet, daar denken jullie in het westen toch heel anders over dan wij in het noorden.'

Hoe reageerde jij?

'Ik zei iets als: 'Je hoeft het ook niet eens te zijn met alles wat ik zeg.' Het is niet mijn bedoeling dat je het goed vindt omdat je precies vindt wat ik vind, het is de bedoeling dat je er íéts van vindt.'

De komende maanden toert Jasper van Kuijk (41) met zijn vierde avondvullende programma, dat zaterdag in première gaat. Uit zijn eigen omschrijving: 'Nu alles en iedereen steeds extremer wordt, verlangt Jasper van Kuijk terug naar het midden. Maar zijn uitgesproken meningen passen niet tussen gemiddeld en modaal.' In Janus, vernoemd naar de Romeinse god met twee gezichten, één blik naar voren gericht en één blik achterom, bekijkt hij actuele onderwerpen waar veel discussie over is 'radicaal van twee kanten'.

Het begon als een opdracht die hij zichzelf gaf, zoals tot nu toe elke voorstelling ontstond uit een opdracht of vraag. Eerder vroeg hij zich af: wat doet het met je wereldbeeld als je de wereld alleen maar via de televisie bekijkt? Hoe ziet het leven eruit als marktwerking je leidende principe is? Is meer kennis altijd beter?

Dat laatste thema lag dichtbij zijn andere beroepspraktijk. Van Kuijk promoveerde in 2010 als industrieel ontwerper op een onderzoek naar de gebruiksvriendelijkheid van apparaten. Twee weken eerder won hij zowel de jury- als de publieksprijs op cabaretfestival Cameretten.

Sindsdien maakte hij drie voorstellingen, maar ondertussen bleef hij werken als universitair docent op de Technische Universiteit in zijn woonplaats Delft en deed hij onderzoek naar het gebruiksgemak van de OV-chipkaart. Zijn wekelijkse column 'Hoe moeilijk kan het zijn?' in de Volkskrant gaat over denkfouten in hedendaags ontwerp. De blikvanger-afvalnetten langs de weg bijvoorbeeld: één grote denkfout. En wat moeten consumenten met de woorden 'na openen beperkt houdbaar' op een pak appelsap?

Foto Boudewijn Bollmann / de Volkskrant

CV Jasper van Kuijk

Jasper van Kuijk (Den Haag, 1976) maakte deel uit van de 11-persoons cabaretformatie Delfts Blok, waarmee hij in 2001 het Groninger Studenten Cabaret Festival won.

Hij studeerde af als industrieel ontwerper aan de TU in Delft, waar hij in 2010 promoveerde op een onderzoek naar de gebruiksvriendelijkheid van apparaten.
Vlak voor zijn promotie won hij de jury- en publieksprijs op cabaretfestival Cameretten.

Hij is universitair docent, schrijft een wekelijkse column in de Volkskrant en toert de komende maanden met zijn vierde voorstelling Janus.

Van Kuijk woont met zijn vriendin en drie kinderen in Delft.

Hij heeft nooit willen kiezen tussen de wetenschap en het theater, zegt hij, wel leerde hij de afgelopen tijd vaker nee te zeggen. Dat leidde tot minder dagen op de universiteit en meer tijd voor cabaret. 'Je kunt nu eenmaal niet zeggen: ik heb een drukke week qua cabaret, even geen projectmeeting nu, even geen college.'

Op dinsdag is er dus de geliefde kantooromgeving, met logica, structuur en hypotheses. 'En daarna mag ik in het theater mijn eigen waarheid maken. In het theater is voor mij meer waarheid te vinden dan op de universiteit. Wat bij het optreden in Roden gebeurde, dat was wáár. De mensen waren er, wat ik gezegd heb is gezegd, er is gelachen, die anderhalf uur was er niks anders dan dat. Dat vind ik zó fijn. Het is de puurste flow die ik kan bedenken.'

Hoe pak je dat aan, alles radicaal van twee kanten bekijken?

'Ik ben andere mensen gaan volgen op Twitter, buiten mijn links-van-het-midden-filterbubbel. Ik heb mezelf verplicht geïnformeerd te zijn en informatie bij verschillende bronnen te halen, en om mijn meningen steeds te scherpen en te spiegelen aan die van anderen. Bij alles wat ik vond, moest ik de andere kant opzoeken en verdedigen.

'Ik moest ook de onredelijke meningen uitdiepen die weleens uit mijn onderbuik komen, maar waarvan ik normaal gesproken zeg: 'Nou nou, Jasper...' Ik vond: als je alles wilt bediscussiëren, dan ook die elementen van onredelijkheid. Ik heb me beter ingelezen en beter geluisterd.'

Vond je dat moeilijk, beter luisteren?

'Volgens mij is luisteren vooral moeilijk als je iets hoort wat je niet wilt horen, iets dat niet in jouw wereldbeeld past. Je wilt toch het liefst gewoon bevestiging. En daarbij: wie luistert, wordt niet gehoord. Dus sluiten sommige mensen zich af of overschreeuwen ze de ander.'

Wat is volgens jou het voordeel van twijfel boven overtuiging?

'Twijfel is minder comfortabel dan bevestiging. Toch heb ik mijn twijfel lief. Dat is vast ook een gevolg van mijn promotie. Promoveren was voor mij de laatste stap in de afbraak van het beeld dat er één waarheid is. Ik leerde hoe wetenschappelijke kennis tot stand komt en dat daar allerlei voorbehoud aan zit, dat er soms inderdaad gediscussieerd kan worden over feiten, over de totstandkoming en vooral ook over de interpretatie ervan. Ik denk dat je je als wetenschapper óók altijd moet afvragen: 'Oké, maar wat nou als het níét zo is?' Je moet ruimte houden voor twijfel en voortschrijdend inzicht, anders krijg je tunnelvisie.'

Een goede cabaretvoorstelling kan hetzelfde teweegbrengen, denkt Van Kuijk. 'Een van de begeleiders van mijn promotie zei destijds: 'Je moet in je onderzoek op zoek gaan naar de punten waar het schuurt en wringt.' Naast zoeken naar bewijs voor een stelling, moet je ook actief proberen om hem te ontkrachten. Als je dat doet en hij blijft overeind, dan is de overtuigingskracht groter. Dat geldt ook voor cabaret. Waar zit de hypocrisie, waar zit het menselijke tekort, waar denken we te makkelijk? Ik hoop dat mensen bij mij in de zaal zitten, twee dagen later iets zien of lezen en dan denken: verrek, daar had hij het ook over.'

'Naast zoeken naar bewijs voor een stelling, moet je ook actief proberen om hem te ontkrachten. Als je dat doet en hij blijft overeind, dan is de overtuigingskracht groter. Dat geldt ook voor cabaret.' Foto Boudewijn Bollmann / de Volkskrant

Dat vrouwen inderdaad nóóit 'Daar moet een kut omheen!' zullen roepen als een man op een inspreekavond iets zegt waarmee ze het niet eens zijn. Of dat ze terugdenken aan Van Kuijks idee van 'radicale nuance': dat streven naar een keuze tussen het ene óf het andere uiterste geen recht doet aan de mogelijkheid in allebei wel wat te zien.

'Prachtig voorbeeld van wat ik daarmee bedoel: in Noorwegen is tot twee keer toe een referendum geweest over toetreding tot de EU. De uitslag was vergelijkbaar met die van Brexit, bijna fifty-fifty. De Noren pakten het alleen anders aan, door te zoeken naar een manier die recht doet aan beide kanten. Noorwegen zit niet in de EU, maar doet wel mee aan het vrije verkeer van goederen, diensten en personen en betaalt mee aan de EU-begroting. Democratie is geen winner takes it all.'

Wat heeft deze opdracht aan jezelf jou opgeleverd?

'Meer empathie en de bereidheid om voorbij te gaan aan mijn eigen weerstand. Ik heb bijvoorbeeld het boek van Anousha Nzume gelezen, Hallo witte mensen. Dat heeft bij mij meer begrip opgeleverd voor hoe fel zij in discussies is.

'Ik vind juist niet dat iedereen altijd maar genuanceerd moet zijn. Radicalen zetten de boel in beweging en stellen confronterende vragen bij de status quo, durven te irriteren. Het is wat mij betreft het ultieme compromis, dat we zowel het compromis nodig hebben als de radicalen.

'Ik ben ook wel cynischer geworden. De discussie over Zwarte Piet, daar word ik mismoedig van. Ik denk dat veel witte Nederlanders niet half beseffen wat gekleurde Nederlanders meemaken. Maar dat betekent niet dat je tegen elkaar kunt zeggen: 'Jij raakt niks kwijt als Zwarte Piet niet meer zwart is.' Ineens wordt wat jij ziet als een leuk kinderfeest, 'racistisch' genoemd en - dit is dan weer extreem pragmatisch - de buurman kan niet meer voor Zwarte Piet komen spelen omdat hij zonder schmink herkend wordt. Maar de vraag voor mensen die voor Zwarte Piet zijn is dus: ben je bereid om iets in te leveren, om het verdriet van anderen te verminderen? Ik denk dat er ook begrip moet zijn voor de mensen die houden van Zwarte Piet. Je kunt niet simpelweg tegen ze zeggen: 'Jij bent niet gekwetst, want ik ben erger gekwetst.' Dan zijn we klaar, toch?'

'Je kunt niet simpelweg tegen ze zeggen: 'Jij bent niet gekwetst, want ik ben erger gekwetst.' Dan zijn we klaar, toch?' Foto Boudewijn Bollmann

Heb jij zelf eigenlijk last van wat je 'emancipatoire kramp' noemt; het gevoel dat je niets meer kan zeggen zonder iemand voor het hoofd te stoten?

'Hm, nee. Maar het is er niet makkelijker op geworden om je mening te geven zonder dat je iemand kwetst of tegen je in het harnas jaagt. De vraag is alleen: werden vrouwen - ik noem maar een voorbeeld - een paar jaar geleden ook al zo vaak gemansplaind en had ik het toen gewoon niet door, of is er nu een woord voor en zien we het daardoor vaker? Ik weet het niet, want ik ben die ander niet.

'Ik doe nu actief mijn best om vrouwen meer uit te laten praten en niet de belerende man uit te hangen, maar ik ben überhaupt heel slecht in mensen laten uitpraten. Hoe dan ook is het een goed idee mensen vaker te laten uitpraten. Wat ik bedoel te zeggen: mijn ongemak is hier en daar toegenomen, maar misschien was mijn comfort ook wel héél hoog.

'Ik vind het in ieder geval belangrijk dat we kunnen blijven lachen om wat grappig is, om niet in die kramp te schieten. Dat er nu een afkorting LHBTQIAP-plus is; mensen, dat ís gewoon grappig.'

Première 20/1 in Theater Bellevue, Amsterdam, tournee t/m 25/4.

Meer over