Buddy Miller gloedvol in stevig repertoire

Buddy Miller: Cruel Moon. Hightone Records...

Als echtgenote Julie een plaatje uit heeft, laat Buddy Miller doorgaans niet lang op zich wachten. En altijd staan ze elkaar bij: Buddy speelt gitaar bij Julie, Julie doet zangpartijen voor Bud. Ook veel van de songs schrijven ze samen: Brooks & Dunn en de Dixie Chicks namen onlangs Miller-songs op.

Buddy Miller is een van de beste gitaristen in de countryrock: even stevig als subtiel, even fantasierijk als vertrouwd. Die eigenschappen maken hem tot een ideale sparringpartner en veelgevraagd gastmuzikant. Sinds een paar jaar heeft hij ook als solo-artiest een naam op te houden. Zijn stem doet in de verte denken aan die van John Hiatt. Cruel Moon ontleent zijn kracht daarnaast aan de gastvocalen van Steve Earle, Emmylou Harris en Jim Lauderdale. I'm gonna be strong van Gene Pitney krijgt een gloedvolle cover. Miller is op z'n best in het wat steviger repertoire, zoals Does my ring burn your finger.

John Prine: In Spite of Ourselves. Ulftone Music (Bertus).

Vijf jaar was het stil rond de Amerikaanse folklegende John Prine. Het vooruitzicht van een album met duetten hielp hem de kankertherapie die hij nodig had te doorstaan. Inmiddels ligt die plaat er en is de therapie gestaakt.

In Spite of Ourselves telt zestien duetten, gezongen met een aantal van de beste zangeressen uit de country en folk. Lucinda Williams staat hem bij in Wedding Bells en Let's Turn Back the Years van Hank Williams, Trisha Yearwood draafde op voor When Two Worlds Collide en Iris DeMent is zijn partner in onder andere (We're not) the Jet Set, We're the old Chevro-let Set, onsterfelijk gemaakt door George Jones en Tammy Wynette. Prine ontvangt zijn damesbezoek met een licht zweverige stem, die een huiselijk gevoel oproept.

Diversen: The Alan Lomax Collection (Rounder).

We zijn inmiddels zo'n beetje halverwege The Alan Lomax Collection, die uiteindelijk ruim honderd cd's zal omvatten. Kwam de vorige worp nog uit het Italië van de jaren vijftig, nu slingert de pendule terug naar het Zuiden van de Verenigde Staten, en de periode voor de Tweede Wereldoorlog. Een van de hoogtepunten in de reeks is de cd Mississippi: The Blues Lineage, opnamen van Muddy Waters, Son House, Lucious Curtis en andere bluesmannen, lang voordat ze een platencontract kregen. De opnamen maken meteen duidelijk waarom Lomax zo van hen onder de indruk was. Nog iets verder terug in de tijd gaat Mississippi: Saints & Sinners, een collectie songs die samen iets van de grondtonen laten horen waaruit de blues zou worden gekneed.

Twee cd's zijn ingeruimd voor Cajun & Creole Music 1934-1937, een knarsend en ruisend overzicht van de vruchtbare muzikale botsingen van Bretons, Creolen en Angelsaksen in Louisiana. Met flink wat accordeon, fiddle en gesproken cajun-commentaar. Een genre waarin sinds de begindagen eigenlijk niet bar veel is veranderd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden