Bruce Henderson sprak veel van de Ritchie Boys, en zette de geheime operatie in de oorlog goed uiteen

Boek (non-fictie) - De Ritchie Boys

2.200 joodse jongens maakten deel uit van een speciale Amerikaanse eenheid die werd ingezet in de strijd tegen nazi-Duitsland.

Martin Selling was in 1938, als 20-jarige joodse jongen, uit zijn huis gehaald in een dorpje in Beieren, tijdens de Kristallnacht. Hij was naar Dachau overgebracht, waar hij acht maanden lang de gruwelpraktijken van de SS had doorstaan. Daarna was hij over de grens gezet. Hij emigreerde naar de Verenigde Staten.

Vijf jaar later was hij terug in Europa, als lid van een speciale afdeling van het Amerikaanse leger, die bestond uit goed Duits sprekende ondervragers van krijgsgevangenen. Martin Selling was daar bedreven in geworden. Maar soms weigerden de gevangen militairen enige inlichting te geven. En er was er ook een die hem op beschuldigende toon vroeg waar hij, als Amerikaanse militair, zo goed Duits had geleerd. Waarop Selling antwoordde: 'In Duitsland, waar ik in Dachau ook gezien heb hoe de SS krijgsgevangenen ondervraagt.' Dat bleek een probaat middel tegen zwijgzaamheid.

De Ritchie Boys (***)
Non-fictie
Bruce Henderson
Vertaald uit het Engels door Irving Pardoen.
Athenaeum - Polak & Van Gennep
424 pagina's; €24,99.

Martin Selling was een van de naar schatting 2.200 joodse jongens die deel uitmaakten van die speciale eenheid. Ze waren opgeleid in Camp Ritchie, in Maryland, waar hun, als toekomstig veldwerkers van de militaire inlichtingendiensten, contraspionage en ondervragingstechnieken werden bijgebracht. Ze werden Ritchie Boys genoemd.

Ze bleven, logisch voor zo'n geheim project, lang onder de radar. In 2004 werd er een documentaire over ze gemaakt, maar in het boek van de Amerikaan Bruce Henderson, die velen van hen sprak en diepgaand onderzoek deed, wordt pas echt goed duidelijk wat er bij deze operatie op het spel stond.

Het opleiden van ondervragers van krijgsgevangenen, om daarmee tactische en strategische informatie los te krijgen over de vijand, was in de Tweede Wereldoorlog nog vrijwel nieuw. Het heeft zeker in veel gevallen resultaat opgeleverd. Maar het inzetten van zoveel joodse jongens in de strijd tegen nazi-Duitsland hield ook extra risico's in. Henderson beschrijft hoe in december 1944 twee joodse Amerikanen op bevel van een Duitse Wehrmacht-commandant zijn geëxecuteerd. Ze waren met hun eenheid in Duitse handen gevallen en door toedoen van ontsnapte krijgsgevangenen herkend als 'joden uit Berlijn'. Commandant Bruns ondervroeg ze en zei ter afsluiting: 'Joden hebben niet het recht om in Duitsland te leven.' Hij droeg ze over aan een van zijn sergeants, die ze een stuk verder liet neerschieten. Het pleidooi van een van hen, dat ze behandeld behoorden te worden volgens de Conventie van Genève, had niet geholpen.

Het is een andere Ritchie-boy, Guy Stern, die ervoor zorgt dat deze oorlogsmisdaad niet onbestraft blijft. Hij hoort van de executie tijdens een verhoor van een krijgsgevangene, verspreidt een opsporingsbericht en hoort weken later dat Bruns is opgepakt. De Amerikanen zetten dan een celspion in om Bruns uit te horen en dat lukt: Bruns zegt pochend dat hij een stelletje joden uit het Amerikaanse leger heeft laten neermaaien. Bruns' berechting door een Amerikaanse militaire rechtbank te velde vindt een maand voor de capitulatie plaats, de voltrekking van zijn doodvonnis een maand erna.

Hendersons boek volgt een aantal joodse Ritchie-boys gedurende hun inzet vanaf de geallieerde invasie in juni 1944. Hun belevenissen lopen nogal uiteen, en veel ervan worden nogal uitvoerig beschreven, wat de spanning van het boek niet ten goede komt. Het verhaal wordt weer meeslepend als joodse Ritchie-boys aanwezig zijn bij de bevrijding van Duitse concentratiekampen. Stephan Lewy had als jongetje meegemaakt dat zijn vader opgesloten was in kamp Oranienburg en pas na twee jaar en een hartaanval als een strompelend geraamte was vrijgelaten. Nu zag hij Buchenwald, direct na het vertrek van de beulen: stapels lijken, uitgemergelde gevangenen, een ondraaglijke stank. Maar hij registreerde ook de dankbaarheid en de opluchting van degenen voor wie de bevrijding nog net op tijd kwam.

Dat is het sluitstuk van de avonturen van de Ritchie-boys. Minstens zo aangrijpend is in veel gevallen het begin. Het is voor joodse gezinnen na Hitlers machtsovername heel moeilijk om naar de Verenigde Staten te emigreren: je hebt een verklaring nodig van iemand die garant wil staan voor je kosten van levensonderhoud. Er zijn maar weinig mensen die zo'n verklaring loskrijgen. Voor het gezin Stern uit Hildesheim is er, bijvoorbeeld, maar één garantie beschikbaar: die gaat naar oudste zoon Günther (dan 16), die in Amerika Guy gaat heten. 'Mutti, moet ik dan alleen naar Amerika?', vraagt hij angstig. Ja, dat moet. In juni 1945 keert Stern terug naar het stadje in Noord-Duitsland waar hij zijn familie zoekt. Met een tragisch resultaat: vader, moeder, zus en broer - allemaal via het getto Warschau afgevoerd naar de gaskamers van Treblinka.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.