Broedplaats van beton, dat schuurt

Dit weekeinde ging er weer een broedplaats open: goedkope werkruimte voor kunstenaars. ‘Het blijft schipperen’...

Van onze verslaggeefster Anna van den Breemer

‘ Toen ik die piratenvlag zag, kreeg ik weer adem.’ Beeldend kunstenaar Patricia de Ruijter (47) wijst naar een woonboot in het water tegenover haar nieuwe atelier. ‘Dat rauwe herken ik. Verder is alles keurig beton hier.’

Patricia is een van de kunstenaars die een plek hebben gekregen in Westerdok, de nieuwe broedplaats midden in een nieuwbouwwijk op het Westerdokseiland in Amsterdam. Afgelopen weekeinde werd de opening van de broedplaats, bestaande uit vijftien ateliers, gevierd.

De Ruijters wortels als kunstenaar liggen in kraakpanden en vrijplaatsen zoals de Silo en de Rijkshemelvaartdienst. ‘Toen had ik schijt aan alles, hier moet ik rekening houden met buurtbewoners.’ Een atelier voor 350 euro per maand – in het centrum betaal je 2.000 euro – is een geweldige kans. Maar, zegt Patricia, de broedplaats moet niet als vervanging worden gezien van de vroegere vrijplaatsen. ‘Het eigen initiatief moet je blijven koesteren.’

Tien jaar geleden begon de gemeente Amsterdam met het opzetten van broedplaatsen; plekken (inmiddels zo’n vijftig) waar kunstenaars goedkoop kunnen werken. Stedelijke ontwikkeling aan de IJ-oevers leidde ertoe dat veel panden met krakers en kunstenaars verdwenen. ‘Er ontstond een gevoel van onbehagen bij de gemeente’, zegt wethouder Maarten van Poelgeest (Ruimtelijke Ordening) die in een knalgele ligfiets met Yellow Submarine van de Beatles uit de speakers Westerdok opende. ‘Die vrijgevochten kunstenaars zijn toch de humuslaag voor verschillende culturen. Die tegenstroom biedt een creatief milieu dat bij een stad hoort.’

Volgens Pieter Breek van De Vrije Ruimte, een actiegroep voor vrijplaatsen in Amsterdam, bieden broedplaatsen niet die tegencultuur en creativiteit waarvoor ze zijn bedoeld. ‘Het karakteristieke aan de vrijplaats was dat het semi-illegaal was. Die onzekerheid geeft dynamiek aan de plek. Als zo’n plek wordt gelegaliseerd, verdwijnt dat.’ De vrijplaats van vroeger was een zooitje, vertelt Breek. ‘Vaak werd er twee jaar aangelummeld. Een broedplaats moet direct ergens toe leiden, politiek te verkopen zijn. De ruimte om aan te klooien is weg.’

Een tegencultuur vanuit de gemeente regelen, het klinkt tegenstrijdig, beaamt Van Poelgeest. ‘Je kunt moeilijk tegen een ambtenaar zeggen; ga jij eens een wilde plek organiseren.’ Maar hij vindt het broedplaatsenbeleid geslaagd. ‘Er is een goed evenwicht gevonden tussen het vrijlaten van de kunstenaars en het in de gaten houden waar het gemeentegeld voor wordt gebruikt. Maar het blijft schipperen.’

Volgens Rietveld Academie-docent Joost van Haaften hoort kunst in de maatschappij, en niet in een ‘gekunstelde atelierroute’ zoals Westerdok. ‘Kunstenaars worden vaak uitgenodigd om de slingers op te hangen. Om een kwetsbare plek leuk te maken, daarna trekken dure advocaten erin. Dat is jammer.’

Eric van Duivenvoorden van Urban Resort, de stichting die het beheer van de ateliers op zich neemt, herkent deze kritiek. Volgens hem moet het niet zo zijn dat kunstenaars enkel als economisch goed wordt gezien, om een vergeten locatie even snel interessant te maken. ‘In Westerdok mogen ze in elk geval vijftien jaar blijven.’

Terwijl in een van de ateliers een debat wordt gevoerd over de ziel van het Westerdok, zit Patricia de Ruijter op een rotsje buiten haar atelier. ‘Ruigheid en rauwheid waren altijd de kracht van Amsterdam’, zegt ze. ‘Vrijplaatsen waren meer inspiratiebronnen dan letterlijke producten. Ze waren zinvol voor de stad, zonder dat het direct concreet zichtbaar was. Ik hoop dat we daarvoor hier de tijd krijgen. Om rustig te broeden.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden