Brenda van Osch schrijft ontroerend boek over te vroeg geboren kinderen

Bram Bakker

Al vroeg in de opleiding tot arts kregen we aan de Vrije Universiteit colleges over medische ethiek. De filosoof die ons destijds les gaf, was een excentrieke Belg, professor Jan Broekman. De man was een kei in het debiteren van oneliners waarachter omvangrijke en complexe vraagstukken schuilgingen. De mooiste vond ik zijn stelling dat ethiek in de geneeskunde uiteindelijk altijd neerkwam op: 'Wat kan, dat mag.'

Ik denk er nog geregeld aan terug, vooral op momenten dat in de krant artikelen staan over nieuwe medische technologie en in dat kader de vraag wordt opgeworpen of deze mag worden ingezet. Nog altijd lijkt de stelling van Broekman in de meeste gevallen van toepassing. Soms met wat vertraging vanwege kosten of mogelijke neveneffecten, maar toch: de ontwikkelingen in de geneeskunde zijn niet te stoppen; onder het motto dat nieuwe technieken vooruitgang betekenen draait de gezondheidszorgindustrie lekker door.

Emotionele achtbaan

Het is een rode draad in Het onvoltooide kind, waarin de auteur om te beginnen verhaalt over haar ervaringen met een veel te vroeg geboren dochter, om deze casus verder in het boek te verbreden naar de problemen waarmee iedereen te maken krijgt als een moeder al na 24 of 25 weken zwangerschap bevalt. En niet alleen de ouders, ook de (para)medische professionals die verantwoordelijk zijn voor zo'n kasplantje.

Van Osch kan geweldig schrijven. Hoewel ik wist dat haar dochter Eva inmiddels 12 jaar oud is, leest het verhaal over de eerste maanden van haar bestaan als een thriller. Meermalen biggelden de tranen over mijn wangen vanwege de gruwelijke gebeurtenissen waar de jonge ouders mee worden geconfronteerd. Je krijgt je eerste kind, en ineens beland je in een wereld die je niet kent en ook nooit had willen leren kennen. Talloze onderzoeken, met onduidelijke of soms zelfs tegenstrijdige uitkomsten, afgewisseld met steeds nieuwe incidenten, die alles bij elkaar een permanente emotionele achtbaan garanderen. Dat klinkt obligaat, maar in dit relaas voel je ook als lezer hoe dat moet zijn.

Gedwongen keuzes

Waarschijnlijk heeft iedere ouder tijdens de zwangerschap van zijn of haar kind zichzelf weleens de vraag gesteld wat er zou gebeuren als hun kind veel te vroeg en/of met ernstige afwijkingen ter wereld zou komen. Het is net zoiets als je proberen voor te stellen wat je zou doen als je midden in een oorlog belandt. In beide gevallen is het antwoord: je weet het pas als het je overkomt. En je wordt gedwongen tot het maken van keuzes waarvan je de gevolgen niet kunt overzien. Als je geluk hebt, stel je achteraf vast dat je goed hebt gegokt, maar evengoed neem je beslissingen die desastreus uitpakken. Hetzelfde geldt voor de artsen die je om advies vraagt: ook zij weten niet hoe een individueel kindje zal reageren op welke ingreep dan ook. Het is de tragiek van de geneeskunde als wetenschap: groepsgemiddelden hebben betrekkelijk weinig waarde voor de individuen uit die groep.

En zo lees je steeds opnieuw, tussen de regels door: 'Laten we het maar proberen, deze behandeling, want soms loopt het geweldig goed af.' Kenmerkend voor artsen, die dit veel liever zeggen dan dat ze moeten beargumenteren dat verder behandelen waarschijnlijk zinloos is. Want wanneer weet je dat laatste zeker?

Valkuilen

Het boek is extra pijnlijk, omdat het ook allemaal van die sympathieke mensen zijn die hiermee moeten dealen. De ouders zijn op hun kwetsbaarst, maar de mensen in het ziekenhuis lijken zonder uitzondering bekwaam in het hanteren hiervan. Hoewel de technologie allesbepalend lijkt, is het de menselijke warmte die ontroert.

Van Osch omzeilt twee belangrijke valkuilen die bij een boek over zo'n onderwerp gemakkelijk te veel aandacht krijgen: ze heeft het niet over de euro's die ermee gemoeid zijn. Want hoeveel het er waarschijnlijk ook zijn, uiteindelijk hoort dat geen argument van belang te worden in een beschaafd land dat zichzelf op de borst klopt vanwege zijn uitmuntende gezondheidszorg. En ze spreekt geen eenduidig oordeel uit in welke richting dan ook over wat je zou moeten doen als je in zo'n drama belandt. 'Wat kan, dat mag.' Nog steeds, maar het hoeft niet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden