Brahms zou zich ter plekke bekeren

Met het thema ‘zingen’ koos het Delft Chamber Music Festival dit jaar voor een brede aanpak. Dat werkte...

In de formule van het Delft Chamber Music Festival zit een eenvoudig maar aantrekkelijk soort logica. Publiek luistert op de overkapte binnenplaats van het Delftse Prinsenhof naar kamermuziek. Als het pauze is, loopt het naar een tentachtig drankbuffet, buiten aan een grachtje dat Oude Delft heet. Is de pauze voorbij, dan zwaait de horecabaas met een schoolbel en gaat iedereen weer naar binnen.

Intussen hebben festivalgangers op straat een praatje kunnen maken met coryfeeën als de mezzosopraan Christianne Stotijn of de pianist Jonathan Biss. Want musici die net nog op het podium stonden, of later in het festival pas aan de beurt zijn, horen in Delft ook tot het publiek. Andere musici spelen zich in, achter open ramen op de bovenetage, of buigen zich over een vensterbank om te zien of de binnenplaats al volloopt. Boven dit alles torent de spits uit van de Oude Kerk.

Kortom: er zijn weinig gedenkplaatsen op de wereld waar ooit een Vader des Vaderlands door pistoolschoten om het leven kwam, en waar nu gezongen wordt: Koekoek, koekoek, koekoek.

Maar in Delft kan dat. In het Prinsenhof waar Balthasar G. 424 jaar geleden Willem van Oranje liquideerde, had Christianne Stotijn vrijdag liederen van Tsjaikovski op het programma. Waaronder Tsjaikovski’s opus 54 nr 8, over een koekoek, een van de luchtiger werkjes in een liedoeuvre dat zwanger is van tragiek en broeierige verlangens.

Liedkunst van Tsjaikovski hoor je betrekkelijk zelden. Maar er zitten nummers bij die zich kunnen meten met het beste van Brahms, Wolf en Moesorgski, en als een Christianne Stotijn en haar pianist Julius Drake besluiten een Delftse zomeravond op te luisteren met tien van die Russische razernijen, dan is het advies: erop af.

En het loonde. ‘Zingen’, is het thema dat de violiste en festivalgastvrouw Liza Ferschtman voor dit jaar heeft uitgekozen. In de editie 2008, vertelde ze in haar welkomsttoespraak, zitten niet alleen ‘echte zangers’, maar ook ‘echte zangers op hun instrument’.

Goed thema. Naast gezongen werk bestaat er immers maar weinig instrumentale muziek die zich aan de geschreven en ongeschreven wetten van het cantabile onttrekt. Van operafantasieën en Lieder ohne Worte tot grote kamermuziekkluiven als Beethovens Aartshertogtrio: het past er allemaal bij. Zo ook het Duo in D voor cello en contrabas van Rossini – ongeveer de lastigste virtuozenmuziek die ooit tussen de schuifdeuren van onze muziekcultuur is terechtgekomen.

Johannes Brahms (1833-1897) zei ooit dat iedere zuivere noot op een contrabas ‘toeval’ was. Als hij het meende, zou hij zich vrijdag hebben bekeerd bij het optreden van Rick Stotijn, contrabassist en broer van de zangeres. Hij is sinds een jaar of vijf medeverantwoordelijk voor de soepele basklank van het strijkorkest Amsterdam Sinfonietta.

Stotijn bleek in Rossini’s duo nog trefzekerder en ingetogener te musiceren dan zijn cellospelende duopartner, de evenmin te onderschatten Française Anne Gastinel. Qua zangerigheid bleek hij bovendien zijn zuster naar de kroon te steken, in een curieuze triobewerking van Chopins piano-etude opus 25/7 door de 19de-eeuwer Bottessini.

Zulke surprises vormen de charme van een festival waarin nu eens een jonge violiste als Nadia Wijzenbeek een visitekaartje afgeeft (aanstaande vrijdag), dan weer een wereldster als Midori plotseling opduikt voor een paar vioolpartijen. Een festival waarin de pianist Enrico Pace met iedereen samenspeelt die hij tegenkomt, en waarin nachtelijke kussengevechten te vermoeden vallen tussen het Belcea Kwartet uit Londen en de Duitse dames en heren van het nog eminenter Fauré Pianokwartet.

Met collega-strijkers onder wie de Fauré-leden Erika Geldsetzer, Sascha Frömbling en Konstantin Heidrich gaf festivalleidster Liza Ferschtman via een schitterend-onstuimige uitvoering van Tsjaikovski’s sextet Souvenir de Florence te kennen waar het in de kamermuziek om draait: de juiste vrienden kiezen en hard met ze werken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden