Boycot de popboycot

Muziek volgens Van Gijssel

Wekelijks nemen de cultuurspecialisten van de Volkskrant stelling in de wereld van film, muziek, theater of beeldende kunst. Deze week: Robert van Gijssel.

Protest tegen een optreden van Radiohead in Tel Aviv Foto afp

Radiohead speelt graag in Israël. De band heeft er genoeg fans, het is er vaak lekker weer, dus hup: op naar Tel Aviv.

Roger Waters speelt niet graag in Israël. Hij heeft er ook genoeg fans, maar Waters vindt Israël een fout land, ook al is het er vaak lekker weer, dus hij gaat niet naar Tel Aviv.

Prima, zoek het lekker uit allemaal. Zou je zeggen. Maar zo makkelijk gaat dat natuurlijk niet. Roger Waters vindt Israël zozeer een fout land vanwege de Palestijnse zaak, dat andere bands er volgens hem ook niet zouden moeten spelen. Waters wil een popboycot tegen Israël. En om de boycotoproep kracht bij te zetten, laat hij bij zijn shows opblaasbare varkens opstijgen met davidsterren op het spek.

In Duitsland vinden ze dat weinig smaakvol. De Duitse omroep WDR, die de aankomende concerten van Waters in Duitsland zou ondersteunen, heeft de samenwerking deze week opgezegd.

Radiohead kon afgelopen zomer ook niet zonder slag of stoot afreizen naar Tel Aviv. De band werd hard bekritiseerd door fans en collega-musici. Bij shows van Radiohead werd gedemonstreerd en er werd rotzooi op het podium gesmeten. Radiohead moest en zou Israël ook boycotten. Vanwege de Palestijnse zaak.

In een wereld die weer ouderwets uit elkaar dreigt te vallen, komt het fenomeen van de popboycot onherroepelijk op de ophefagenda. In de jaren tachtig werd je als artiest geacht beslist niet in Zuid-Afrika te spelen, vanwege het apartheidsregime. Paul Simon speelde er wel, met Zuid-Afrikaanse artiesten, en kreeg het zwaar te verduren.

De laatste jaren is Israël favoriet als boycotland. Staat Tel Aviv in je tourschema, dan kun je ellende verwachten die niet blijft bij twitterbombardementen. In 2010 al zag Elvis Costello zich genoodzaakt een voorgenomen concert in Israël af te blazen na felle protesten. Carlos Santana en Gil Scott-Heron gingen hem voor.

Toch is de popboycot een moeilijk te verdedigen actiemiddel. Allereerst omdat een boycot tegen Israël uitsluitend de fans van het bandje raakt en het beleid van het land ten aanzien van Palestina op geen enkele wijze zal beïnvloeden. Maar ook omdat het de vraag oproept of het niet een beetje hypocriet is om niet in Israël te spelen, en wel in - noem eens een land waar de mensenrechten onder druk staan - China? Kan Beyoncé voor héél veel geld wel spelen op een besloten concert voor de zoon van wijlen kolonel Khadafi? Of gelden voor haar andere regels?

Thom Yorke zei afgelopen zomer iets heel neutraals en eigenlijk best verstandigs over de popboycot. 'Spelen in een land betekent niet dat je de regering van dat land steunt.' Dat zou Roger Waters ook moeten weten. Op de opblaasbare varkens bij zijn show staat ook een portret van Trump getekend, naast de boodschap: 'Trump is a pig.' Maar Waters speelt wel in de Verenigde Staten. De Nederlandse band Within Temptation, die volgend jaar een serie concerten geeft in Rusland, is daarmee niet automatisch een Poetin-supporter.

De Arabisch-Israëlische zangeres Nasreen Qadri, die als openingsact optrad bij de show van Radiohead in Tel Aviv, raakte in een interview met het Amerikaanse blad Newsweek de kern van de zaak: 'Met een boycot bereik je alleen dat mensen tegenover elkaar komen te staan. Een boycot doet alleen de muziek verstommen.'

Wekelijks neemt Bor Beekman, Robert van Gijssel, Rutger Pontzen, Herien Wensink of Nell Westerlaken stelling in de wereld van film, muziek, theater of beeldende kunst.