Bot Amerikaans

Iedereen met een stem in de openbaarheid spreekt er inmiddels over, over de weergaloze verachting die links en rechts in Amerika voor elkaar hebben ontwikkeld....

In de beschouwingen in de media gaat het over de haat an sich, maar ook over de middelen waarmee de strijd kan worden beslecht. Er bestaat een stille bewondering voor de harde, op vernietiging gerichte aanpak van de Republikeinen. Het verweer der Democraten is zo zacht als snot in een chocoladekikker.

Ruige tijden zijn het.

Van recente datum is de zaak van de tvserie over The Reagans. CBS zou een gedramatiseerde biografie uitzenden van het politieke leven van de Reagans-– meervoud, want de rol van mevrouw Reagan in het succes van haar echtgenoot zou niet onderbelicht blijven. Het stond in de agenda's, we zouden ervoor gaan zitten, zondag en dinsdag, het beloofde pikant en vermakelijk te worden en met George W. Bush aan het bewind kon een terugblik op de dagen van diens echte politieke vader nog leerzaam zijn ook.

CBS heeft de handen afgetrokken van de serie, het zal bekend zijn. Het is niet erg karaktervol, maar dat is ook niet de doelstelling van een commerciële organisatie. Wat de rel over de miniserie zo interessant maakte, was dat in zakformaat de toeschouwer nagenoeg alle kanten werden gepresenteerd van een nationale verzieking.

Allereerst was er natuurlijk de fascinerende golf van verontwaardiging die losbrak onder conservatieven toen de eerste berichten verschenen over een mogelijk niet zo vleiend portret van de Reagans. Niet dat iemand er iets met zekerheid over kon zeggen – wie had de film tenslotte gezien? – maar dat hoefde ook niet en was in zekere zin ook ongewenst.

De zaak werd op stoom gebracht door dat wonderlijke Amerikaanse verschijnsel van de talkradio – met bijna uitsluitend populistische presentatoren die hun planken bijna uitsluitend zagen uit dik hout. De mooist gekwetste was de zoon van de Reagans, Michael. Hij trad overal op. Vader Reagan zou op een goed moment in de serie genoeg hebben gehad van het poken en stoken van moeder Reagan en haar hebben toegevoegd: 'Ga godverdomme eens van mijn rug af.' Wie ooit getrouwd was, kan zich er van alles bij voorstellen. Zoon Michael: 'Ik heb Pap nooit boos gezien en ik heb hem nooit van mijn leven dat gvd-woord horen gebruiken.' Enfin, het werd een nationale affaire, maar van de Democraten kwam taal noch teken. Het leek er soms op dat in die kring een zekere verkneukeling bestond over het feit dat na al die schimpscheuten jegens de Clintons nu eens een vogel uit het andere nest aan de beurt was. Maar die ene van die andere club was wel hoogbejaard, was vergevorderd in zijn Alzheimer en had in betere dagen het wereldcommunisme een kopje kleiner gemaakt. Het was toch ook een beetje alsof de Vara in 2003 een enigszins meewarig tv-stuk over prinses Juliana zou uitzenden.

Bovendien werd die ene in het televisiedrama gespeeld door James Brolin, van wie iedereen in Amerika weet dat hij de echtgenoot is van Barbara Streisand, van wie iedereen weer weet dat zij behalve met James ook getrouwd is met de Democratische partij. En zij, Nancy Reagan, werd gespeeld door de Australische Judy Davis, volgens Lee Edwards, de voorzitter van de Stichting tot Herdenking van de Slachtoffers van het Communisme, 'links van Jane Fonda'.

Zo wordt het spel gespeeld en zo hoort het ook.

Niet dat de Democraten iets in de gaten hadden. De stormloop richtte zich op CBS, maar ging natuurlijk in werkelijkheid tegen de respectlozen van links, tegen die zogenaamde intellectuelen die misbruik makend van de Amerikaanse Constitutie denken dat alles is toegestaan.

Het is moeilijk te begrijpen dat de Democraten de bui niet hebben zien hangen. Misschien wisten ze niet wat te doen. Toen CBS door de bocht ging had in elk geval ook de Democratische partij een wedstrijd verloren.

Dit is het patroon: over en weer wordt ruimschoots vitriool geschonken; het zijn meestal de Democraten die met de kater achterblijven. Joshua Marshall kent politiek Washington tot in de ziel. Hij is columnist van een aantal tijdschriften, verzorgt een eigen, drukbezochte website en wijdt overigens zijn bestaan aan de politiek. Hij benoemt het trauma van de Democraten: 'Bush heeft in 2000 het presidentschap gestolen, met de hulp van zijn broer, de gouverneur van Florida, en met de steun van het Hooggerechtshof. Gore

Rechts Amerika wist een tv-serie over de Reagans van de buis te houden. De VS worden steeds meer een land van twee culturen: religieuze conservatieven tegen liberale kosmopolieten. En rechts vecht een stuk harder.

had meer stemmen, Bush werd president. Hij beloofde een meelevend conservatisme, maar het is nog nooit zo agressief geweest. Hij heeft het mandaat niet president te zijn, hij heeft het mandaat niet zo'n scherp rechts beleid te voeren. Dit is een heel sterk ontwikkeld sentiment onder progressieve Amerikanen.'

Het verklaart misschien waarom de tegenstellingen zo groot zijn; het verklaart nog niet waarom Democraten als regel aan het kortste eind trekken.

De hooggenoteerde Republikeinse politicus Bill Thomas voelde zich in een vergadering van het Huis van Afgevaardigden geschoffeerd door Democratische collega's. Hij liet de zaal ontruimen door de politie. In Texas hebben de Republikeinen alles op haren en snaren gezet om verkiezingsdistricten opnieuw in te delen. Uiteindelijk is het gelukt: op veel plaatsen is Democratische machtsvorming nu versplinterd. Een coalitie van orthodoxe kerkgemeenschappen vroeg het ministerie van Justitie een einde te maken aan subsidies voor nationale gezondheidscentra. Het was de kerkgangers gebleken dat de centra ondermeer de levenspatronen onderzoeken van prostituees en drugsgebruikers. De kerken willen dat er een einde komt aan dit 'geflikflooi'. Steeds meer gesubsidieerde instellingen voelen zich gecontroleerd, en bedreigd.

De Republikeinen hebben de president, ze hebben de meerderheid in het Congres – het maakt het leven een stuk gemakkelijker. Joshua Marshall: 'Maar het echte verschil met de Democraten is dat de Republikeinen keihard zijn. Er wordt vaak gezegd dat het straatvechters zijn, veel meer dan de intellectuelen van links. Nou ja, dat is natuurlijk gewoon waar.'

Er gaapt een interessante kloof tussen vader Bush en de zoon. In de familie spreekt men over '41' en '43'. De vader, de 41ste president van de Verenigde Staten, was een patriciër. De 43ste president, de tweede uit het geslacht-Bush, is een nerveuze vechtersbaas. Vader hoort tot de oude elite van de Grand Old Party. Het was blank en protestants en conservatief, maar altijd van de gematigde, weloverwogen soort. De zoon is van een andere firma. Die vleugel is enerzijds democratischer, opener, maar anderzijds aanzienlijk fanatieker en rechtser.

Meestal zijn de foto's in Amerikaanse kranten het bekijken niet waard, het zijn domme kiekjes. Vorige week stond er op de voorpagina van de New York Times een fantastische foto die in één keer het hele verhaal vertelde.

De president had niet minder dan vierhonderd getrouwen uitgenodigd om in het Ronald Reagangebouw (!) de ondertekening op te luisteren van de nieuwe, beperkende wet op de abortus. Applaus toen de president zijn wetgevende taak had volbracht. Op de foto in de krant zie je het netwerk in de handen klappen: een voorman uit de baptistenkerk, de voorzitter van de Coalitie van Traditionele Waarden, twee presentatoren van radio-talkshows, de kardinaal en tenslotte de meest missionaire minister uit het kabinet van de president, minister van Justitie Ashcroft.

Het is de viering van de victorie in eigen kring, en tegelijk is het de wraak van de nerveuze vechtersbaas op links, op de goddelozen, op de Clintons. Niet vergeten mag worden dat in april 1996 de president van toen in de Roosevelt Room (!) een beperking van de abortuswet, door het Congres in meerderheid aanvaard, van zijn veto voorzag en vijf vrouwen emotioneel verslag liet doen van de zegeningen van de wet.

Amerika is hopeloos verdeeld en de conservatieven zijn aan de winnende hand. Gertrude Himmelfarb, emeritus hoogleraar in de geschiedenis, een uitgesproken conservatief, schreef er een mooi boek over: One Nation, Two Cultures. Het zijn de traditionele waarden van de gezinsmoraal, schrijft ze, die het leven in de VS bepalen – niet het klasse-bewustzijn. Zwarte ouders sturen hun kinderen naar katholieke scholen. Niet omdat ze van hun oorspronkelijke geloof zijn gevallen, maar omdat de katholieke school een doelgerichte, gedisciplineerde gemeenschap wil zijn. Omdat, in andere woorden, het op de openbare school een troep is, waar ze niet bij willen horen. Eén tot twee miljoen leerlingen krijgt zelfs thuis onderwijs, omdat hun ouders geen enkele school meer vertrouwen.

De etnische kloof die altijd het leven in de VS bepaalde is volgens Himmelfarb een ethische kloof geworden. Het is wel duidelijk welke gezindheid aan welke kant van de kloof staat, ook al expliciteert Himmelfarb dat niet. Een tijd lang heeft links zich rijk gerekend met de democratisering van de bohème, ook in de VS. Maar er is een tegenbeweging onderweg die volks is en traditioneel. Inmiddels zegt meer dan 90 procent van de Amerikaanse teenagers in God te geloven. Meer dan 50 procent van de meisjes zegt dat seks voor het huwelijk verkeerd is.

Dit is de wereld van George W. Bush. Hij weet dat in eigen land een culturele oorlog sluimert. Ook die moet worden gewonnen. Hij dringt de Democraten in het defensief. Ze geven onvolkomen antwoorden op de thema's die rechts dicteert en het blijkt keer op keer moeilijk om eigen, progressieve thema's te ontwikkelen.

'We volgen voortdurend de tafelschikking van Bush en van de conservatieven', zegt John Podesta. 'We moeten de tafel opnieuw indelen. De enige manier waarop het kan, is te beginnen met de essentie: wat willen we?'

Podesta was chef van de staf van het Witte Huis onder president Clinton. Hij wordt beschouwd als een van de scherpste geesten waarover de Democratische partij beschikt. Hij staat aan het hoofd van het Center for American Progress, een nieuwe denktank.

Hij heeft goed naar de Republikeinen gekeken. Hij wil een progressieve tegenhanger ontwikkelen van de Heritage Foundation, het geoliede intellect waarop het Amerikaanse conservatisme voor een goed deel drijft. De Heritage Foundation begon in 1973. Podesta weet dat hij zijn tijd moet nemen. 'Liever dan hijgend een agenda op te stellen om te helpen in 2004 de verkiezingen te winnen', aldus Podesta in de New York Times, 'willen we bouwen aan een idee voor de lange termijn, om een blijvende progressieve meerderheid te verzekeren.'

Joshua Marshall, de man op de uitkijkpost in Washington, houdt vol dat het beter gaat met de Democraten. 'Het gaat langzaam, maar het gaat. Er is een zekere mate van organisatie, er is een begin van mobilisatie.'

Hij gelooft dat de achterstand in ideologische weerbaarheid de Democraten niet zal schaden in de presidentsverkiezingen van volgend jaar. Hij zegt: 'Intimideren hoort bij de stijl van de Republikeinen. Dat is min of meer standaard. Toch heeft de Democratische partij latent een sterke, natuurlijke aanhang onder kiezers. Dat zal ook straks weer blijken. Iets meer dan 50 procent van de Amerikanen vindt nu al dat Bush straks niet moet worden herkozen. Ik ben er zeker van: dit worden net als in 2000 weer heel spannende verkiezingen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden