Boschma duikt met zijn lapjes in het verleden

De poppen aan het dansen, jubileumprogramma van Feike Boschma. Nieuwe de la Martheater, Amsterdam. 5 november. Tournee...

MARIAN BUIJS

Marionettenspeler Feike Boschma moet de afgelopen vijftig jaar een goede klant geweest zijn van de stoffenhandel. Duizenden lapjes verzamelde hij om ze door middel van draadjes om te toveren tot bezielde wezens. Couponnetjes meestal, de prijskaartjes hangen er nog aan in zijn nieuwe voorstelling De poppen aan het dansen.

De productie, door het impresariaat nadrukkelijk aangekondigd als jubileumprogramma, heeft het karakter van een terugblik. Losse scènes, aan elkaar gepraat door de meester zelf. Oude nummers keren terug, zoals Naamloos leed op een tekst van Alexander Pola en de eeuwige Pierrot. Zelfs het witte danseresje, de eerste marionet waarmee hij in 1945 debuteerde, is weer van de partij.

Een beetje weemoedig laat hij het fragiele danseresje rondtrippelen op een tafel. De lange, wat gebogen man beweegt de touwtjes en we kijken met hem mee hoe de piepkleine voetjes het tafelblad nauwelijks raken, hoe het lijfje neigt in een révérence. Om tot slot als een onbetekenend hoopje neer te ploffen. Boschma houdt ervan elke neiging tot lievigheid met droge humor de nek om te draaien.

Hoe abstracter zijn figuren zijn, hoe meer ze tot de verbeelding spreken. In zijn nieuwe versie van Moederliefde is de 'baby' een vormeloos kussentje dat zich keer op keer uit de voeten probeert te maken voor de moeder, niet meer dan een fladderend lapje met handjes.

Zonder tekst, op ijle muziek ontspint zich een verhaal dat louter bestaat uit suggestie. De baby komt tot slot in een onderwaterwereld terecht waar tussen dromerig zwevende kwallen toch weer een grijpgrage moederfiguur verschijnt. Nu is ze zelfs voorzien van drie paar handen.

De meer realistische scènes spreken veel minder aan. Een net echte zwaan die worstelt met menselijke afvalresten in het water, kon een publiek twintig jaar geleden nog verrukken. Inmiddels hebben we dat vaker en beter gezien in animatiefilms.

Dat weerhoudt Boschma er niet van onbekommerd in zijn verleden te duiken. Mijmerend zit hij op het toneel, terwijl achter zijn rug de lapjes vrolijk ronddartelen, bewogen door zijn assistenten. Eenkennig was hij nooit. Hij trad op in het cabaret van Wim Kan, werkte voor televisie, in musicals en met Rob van Houten in de legendarische Funhouse-revues.

Boschma was daarnaast een van de weinige theoretici van het poppenspel. En het is vooral voor die onvermoeibare pionier dat we applaudisseren. Want de tijd dat een publiek zich nog gretig liet betoveren door een flodderig lapje is voorbij.

Boschma zelf is er nog steeds door gefascineerd. En zijn verwondering is oprecht als hij tenslotte met zo'n frommeltje in zijn handen constateert dat hij hier zijn hele leven mee bezig is geweest.

Marian Buijs

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden