Boonofiel

Over twee jaar is Louis Paul Boon twintig jaar dood. Dat gaat gevierd worden met talrijke evenementen. Gert-Jan de Bruijn (1944) zal in dat jaar geen enkele afspraak maken, om zich volledig beschikbaar te houden voor zijn fascinatie....

In 1980 werd deze conciërge van een Zeister scholengemeenschap gegrepen door het werk van de Vlaming. Niet verwonderlijk. Eerdere liefdes betroffen Multatuli, Domela Nieuwenhuis en Anton Constandse. Ook Boon was anarchistisch angehaucht en bovendien een begenadigd schrijver en graficus.

In bijna twee decennia groeide De Bruijns verzameling uit tot wat er nu in de voorkamers van het Havenhuis in Culemborg is tentoongesteld. Eerste drukken van klassiekers als De voorstad groeit en Mijn kleine oorlog, een paar erotische tekeningen, posters, buitenlandse uitgaven, de video van Daens, een lp waarop Louis Paul enkele Boontjes voordraagt, De Bende van Jan de Lichte als stripboek, flessen Daens-bier en een doosje met Ondineke-bonbons, gemodelleerd naar de heldin van De kapellekensbaan.

Aan een drietal waslijnen hangen krantenknipsels en tijdschriftafleveringen, zoals het Maandelijks Tijdschrift van de Socialistische Mutualiteit met de geruststellende aanhef De kandidaat-Nobelprijswinnaar bleef een Aalsterse werkman.

De verzamelaar wordt nerveus als hij ergens de lettercombinatie B-O-O-N ontwaart. Toch hoopt hij met beide benen op de grond te blijven en niet alleen te leven voor zijn collectie. Er is een Vlaamse postbode die nog veel meer Booniana bezit, weet hij. Maar wat wil je, die woonde op een steenworp afstand van de auteur zelf, en kon eenvoudig aan uniek materiaal komen.

Bij de opening van de expositie, die geen verkooptentoonstelling is want De Bruijn piekert niet over verpatsen, was een man of zestig aanwezig. Onder hen de postbode, die zo royaal is af en toe een knipsel te ruilen met de Hollandse collega. De andere bezoekers waren grotendeels gerecruteerd uit het Boon Genootschap, dat met een Nederlandse en Vlaamse afdeling te zamen vierhonderd leden telt.

Gelukkig is niet ieder van hen verzamelaar, want dat zou de prijzen maar opdrijven en de lol verminderen. Er zijn natuurlijk Boonofielen die het bij lezen houden of die artikelen schrijven in een periodiek. De Bruijn heeft ze paraat, zoals Berichten uit Boonland.

In de aflevering die hij me toont, staat een stuk over de uitgave Boontjes 1963. Dialectwoorden die daarin niet worden verklaard, vinden hier alsnog uitleg: met de pikkels omhoog liggen (ziek zijn), op snee pakken (scherp observeren) en pieren uit de neus halen (uithoren).

Boon was een groot innemer, kettingroker en wild-eter. De Bruijn is vegetariër. Toch is hij verzot op de man. Diens gewoontes raken immers niet aan de kern. Dat is de strijd van een werkman. Vechter onder literatoren.

De verzamelaar straalt.

Arjan Peters

Louis Paul Boon, de fascinatie van een verzamelaar. Expositie op 22 en 23 november, van 13 tot 17 uur, in Culemborg, Havendijk nr 15.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden