Bong is in staat te schakelen in vertelvorm, toon en esthetiek

Bong Joon-ho demonstreert zijn talent voor het grillige, het schakelen. De regisseur weet zijn Koreaanse cultuur op te voeren en toch een wereldwijd publiek te bedienen.

Okja heeft het goed, daar in de afgelegen jungle van Zuid-Korea. Liefdevol verzorgd door het boerenmeisje Mija (Ahn Seo-hyun) dat zich dagelijks ontfermt over het superzwijn, maatje nijlpaard. Je zou je dit duo ook zo kunnen voorstellen in een kinderprentenboek. Mija klein, maar beslist de baas. Okja de onverstoorbare kolos. Vriendelijk voor haar, opofferingsgezind. Maar wel een dier: vol oerkracht en instinct.

De boerenidylle wordt verstoord. Tien jaar eerder, zo leert de proloog van zesde speelfilm van de Zuid-Koreaanse cineast Bong Joon-ho, werd een eerste serie genetisch gemanipuleerde superbiggen verzonden aan boeren in alle uithoeken van de wereld, als onderdeel van een publiciteitscircus van de voedselindustrie. En nu komt de eigenaar collecteren; een agrochemisch conglomeraat, aangestuurd door de egomane ceo Lucy Mirando (Tilda Swinton).

Beeld RV

Mija wist niks van de afspraak, gemaakt door haar grootvader. Maar zodra een ijdele tv-zoöloog (Jake Gyllenhaal) met een televisieploeg arriveert, wordt haar kameraad vastgeklonken en afgevoerd naar Amerika.

Tot hier zou je Okja kunnen aanzien voor een kinderfilm. Maar dan demonstreert de 47-jarige Bong zijn talent voor het grillige, zijn vermogen om te kunnen schakelen in vertelvorm, toon en esthetiek. Het Koreaans en Engels gesproken Okja gaat over in een avontuur waarin Mija - ongevraagd - wordt bijgestaan door het niet altijd handig opererende dierenbevrijdingsfront, onder aanvoering van een zeer beleefde leidsman (Paul Dano).

Okja

Drama

Regie: Bong Joon-ho

Met: Ahn Seo-hyun, Lily Collins, Jake Gyllenhaal, Tilda Swinton, Paul Dano

120 min. Te zien bij Netflix vanaf 28/6.

Er volgen grootse actiescènes in Seoul, elegant en indrukwekkend. Okja, denderend door een Koreaans winkelcentrum, is fabuleus als schouwspel.

Bong mengt graag onverbloemd ecologisch commentaar in zijn films. Het amfibische monster in zijn doorbraakfilm The Host ontstond na illegale lozingen in de Han-rivier. Zijn vorige film, de sciencefictionthriller Snowpiercer (2013, eveneens met Swinton) speelde zich af in de toekomstige ijstijd. Ditmaal mept de Koraan naar het kapitalisme: de buitenkant is vrolijk gekleurd en volstrekt opportunistisch, opgetuigd als een spelshow, terwijl achter de façade een dieren-holocaust plaatsvindt. Veel van de Amerikaanse aanwezigheid in Okja is cartoonesk, alsof Bong zijn cast aanspoorde zo veel mogelijk maniertjes in het spel te stoppen. Swinton weet daar wel raad mee, verbeten slissend. Gyllenhaals bijrol, met overdreven piepstem, is een kwelling.

Okja telt een of twee bijfiguren te veel, maar in al z'n bonte onvoorspelbaarheid regisseert Bong ontegenzeggelijk fris. Enkel al om die aangename vanzelfsprekendheid waarmee hij zijn Koreaanse cultuur opvoert, ook nu hij met Amerikaanse financiers en internationale sterren in zee gaat en een wereldwijd publiek bedient.

Het fantasiedier in de film werd tot leven gewekt door de Nederlandse animator Erik-Jan de Boer, die eerder een Oscar won voor zijn bijdrage aan de digitale tijgers in Life of Pi. En ook voor zijn kunst blijft het wel een beetje zonde dat deze Netflixproductie geen gewone bioscooprelease kreeg.

Interview regisseur Bong Joon-ho

Vanaf volgende week is een Zuid-Koreaanse monsterfilm met Amerikaanse sterrencast te zien op Netflix. De Volkskrant sprak regisseur Bong Joon-ho in Londen over zijn wonderbaarlijke internationale productie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden