Boeken pluggen in Casablanca

Reportage..

Casablanca Abdelkader Benali en Dominique de Villepin spraken afgelopen weekend beiden op de Salon International de l’Edition et du Livre, de boekenpresentatie in Casablanca, die bekend is geworden onder de afkorting SIEL. De voormalige premier van Frankrijk stond op een podium te vertellen over het belang van cultuur in de wereld; in de zaal ertegenover zat de Nederlands-Marokkaanse schrijver Benali op een bank te vertellen over zichzelf.

Ze deelden één ding: beiden werden geboren in Marokko, De Villepin in de hoofdstad Rabat, Benali in het gehucht Ighazzazan in het noordelijke Rif-gebergte. Voor de rest waren er alleen verschillen. De Villepin werd dagen van tevoren in de Marokkaanse media opgewonden aangekondigd, zijn zaal puilde uit. Benali kwam aanlopen met zijn eigen fotocamera om zijn hals en nam plaats voor een publiek bestaande uit een stuk of twintig mensen.

‘Waarom kennen we jullie niet?’, krijgt Benali in Marokko vaak te horen over hem en de andere Nederlands-Marokkaanse schrijvers. Het antwoord op die vraag is deels op de SIEL te vinden. Afgelopen vrijdag begon de zestiende editie.

In een enorm complex in Casablanca, de Foire Internationale, laten veertig landen waaronder Saoedi-Arabië, Syrië en Palestina, zien wat ze op het gebied van boeken in huis hebben. Van de westerse landen is meteen duidelijk dat oud-kolonisator Frankrijk de nummer één is, met het grootste paviljoen en de mooiste folder waarin oude (Tahar Ben Jelloun) en nieuwe schrijvers (Bruno Nassim Aboudrar) van Marokkaanse origine worden aangeprezen.

Maar waar is Nederland?

Er zijn bijdragen uit de Verenigde Staten, Spanje, Portugal, Italië, Griekenland, België en Duitsland, maar er is niets uit Nederland. De Nederlandse afwezigheid valt extra op, omdat het thema van de SIEL dit jaar de Marokkaanse diaspora is. In Duitsland wonen 100 duizend Marokkanen, in Nederland rond 330 duizend.

In die Nederlands-Marokkaanse gemeenschap manifesteert zich bovendien een uitdijende groep artiesten die door de Franse hoogleraar Dominique Caubet, gespecialiseerd in het Marokkaans-Arabisch, als een bijzonder fenomeen wordt onderkend.

In 2005 wijdde zij er haar boek Shouf Shouf Hollanda aan en op de SIEL legt zij het nogmaals uit. Schrijvers en dichters als Abdelkader Benali, Hafid Bouazza, Said El Haji, Mustafa Stitou en Naima El Bezaz werden geboren in Marokko, maar ze bedienen zich van de Nederlandse taal en ze zien zichzelf als Nederlandse schrijvers. Marokko is soms wel en soms niet het thema van hun boeken. ‘Maar het is nooit het Marokko van de clichés’, aldus Caubet.

‘Wij wisten van niks’, zegt een woordvoerder van de Nederlandse ambassade in Rabat. ‘Uiteraard hadden we graag een standje willen inrichten, maar we hebben nooit een uitnodiging gekregen.’

Daar zit overigens niets achter. Zo gaan de dingen in Marokko soms.

Er blijkt nog een reden te zijn voor de geringe bekendheid van de Nederlands-Marokkaanse schrijvers in Marokko. Er wordt nauwelijks werk van hen in het Frans vertaald en in het Arabisch verschijnt niets. ‘Al tien jaar ga ik op en neer naar de Arabische wereld en elke keer zeggen uitgevers dat ze mijn boeken willen vertalen in het Arabisch’, zegt Benali. ‘Maar je hoort er nooit meer wat van.’

Volgens schrijfster Hassnae Bouazza is het een kwestie van marktwerking: ‘Er wordt in de Arabische wereld minder gelezen dan bij ons in Nederland.’

Of zouden het ook de onderwerpen zijn die de Nederlanders behandelen? Op Marokkaanse tv-zenders wordt nauwelijks een kusje uitgewisseld. ‘Maar in de Arabische literatuur komt seksualiteit wel voor’, zegt Bouazza. ‘Dat kan het dus niet zijn.’

Tijdens een debat onderstreept Hassnae Bouazza hoe belangrijk het is dat westerse auteurs met een Marokkaanse achtergrond in Marokko worden gelezen: ‘Dat is belangrijk voor de emancipatie, van zowel vrouwen als mannen.’ De Vlaams-Marokkaanse auteur Yamila Idrissi knikt. ‘Als wij in Marokko worden gelezen en Marokkaanse schrijvers bij ons, gaat er iets bewegen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden