de keuzen van Ans Markus

Boek of schilderij? Ans Markus hoeft er niet lang over na te denken

Ans Markus: ‘Ik heb er hard voor gewerkt om het negatieve om te buigen tot iets positiefs.’ Beeld Frank Ruiter

Als schilder Ans Markus moet kiezen tussen schilderen of schrijven dan is de keus makkelijk: schilderen natuurlijk. Maar tussen diva en duivel? Tja.

Oogschaduw of lippenstift?

‘Oogschaduw! Mijn doopnamen zijn Antje Geertje. Nou, zonder oogmake-up zie ik er ook uit als een Antje Geertje. Ik heb het echt nodig om mijn ogen zo zwart te maken. Zonder oogschaduw of een grote zwarte zonnebril ga ik de straat niet op.

Ik lijk daardoor onbenaderbaar, sommige mensen durven me amper aan te spreken, maar ik ben diep van binnen heel onzeker. Ik waardeer het zo als mijn partner Wybe tegen me zegt dat ik me de dingen niet zo aan moet trekken, dat ik de mooiste en de liefste ben. Dat helpt dan. Even.

Ik kan mijn make-up heel snel opbrengen, het is altijd hetzelfde. Mijn oogschaduw lijkt een potje schoensmeer en loopt nooit uit, zelfs niet als je staat te grienen bij een bruiloft.

Ik maak mijn ogen al op sinds de middelbare school, geïnspireerd door Juliette Greco. Ik had het nodig om me te wapenen, als een soort masker. Ik werd gepest omdat ik zou stinken, we woonden in Halfweg en ons huis stond letterlijk in de rook van de suikerfabriek.

Ik heb er als klein meisje eindeloos gespeeld bij de vuilstort en de kalkput – dat zou nu echt niet meer kunnen, veel te milieuonvriendelijk. Ik vond vooral het struinen tussen de rommel heerlijk. Ik denk dat ik daarom ook zo graag bergen tweedehandskleding uitpluis: schatten ­zoeken, dat is het.’

Boek of schilderij?

‘Schilderij! Het maken van een schilderijenserie is een fantastisch proces. Allereerst moet je de geest krijgen. Dat is het mooiste moment: het gevoel iets te willen maken, te móéten maken. Mijn moeder zei altijd: wat Ansje in d’r hoofd heeft, heeft ze niet in d’r kont. En zo is het nog steeds. Het zal drang zijn, passie.

Inspiratie kan overal vandaan ­komen. Zoals de daklozen die ik bij een workshop bij het Leger des Heils trof. Zulke gegroefde en bedroefde hoofden zeggen meer dan een heel boek. Dakloze mannen, dat is natuurlijk geen commerciële onderwerpkeuze. Ik kan me in elk geval niet voorstellen dat je een huilende man boven de bank wilt.

Maar als ze dan allemaal aan een muur bij elkaar hangen, zoals bij mijn tentoonstelling in Museum de Fundatie, dan hoop ik dat het mensen aan het denken zet. Dat ze zich afvragen wat er aan de hand is, waarom die mannen zo huilen. Als maar een paar mensen zich realiseren dat verdriet dichter bij is dan je denkt, en oog krijgen voor andermans ellende, dan heeft het nut gehad. Vriendelijk zijn kost niks, maar het kan wel je dag kleuren.’

Anna Magnani of Medea?

‘Anna Magnani was jarenlang mijn stijlicoon. Die naam alleen al! Ik ben stikjaloers op alle vrouwen die Anna heten. Maar ik kies voor de fictieve Medea uit het toneelstuk van Euripides. Hoofdpersoon van een schilderijenserie waaraan ik zo’n drie, vier jaar heb gewerkt.

Ik kreeg de inspiratie toen ik in Café Luxembourg aan de leestafel een artikel over het stuk las. Ik ben er volledig ingedoken, heb internet afgestruind, boeken gelezen. Dan volgt het proces van schetsen en uitwerken. Fascinerend dat een stuk uit 431 voor Christus nog zo actueel is. Het gaat over haat, afgunst en liefde, en het lijkt wel of de mensheid in de tussentijd niks heeft geleerd.

Maria Callas, die Medea heeft ­gespeeld, is ook al zo’n fascinerende vrouw. Haar verhaal en dat van Medea zijn veel tragischer dan mijn levensverhaal. Ik heb vanaf mijn 30ste al mijn angsten en onzekerheden van me af kunnen schilderen. De windselschilderijen, waarmee ik bekend ben geworden, illustreren dat. Uiteindelijk heb ik de windsels waarachter ik me verstopte af durven gooien en ­mezelf leren tonen.’

Ans Markus. Beeld Frank Ruiter

Duivel of diva?

Na lang dubben: ‘Duivel dan maar, want ik heb satan gespeeld in een ­toneelstuk van Arjan Ederveen. Arjan woont in de buurt, dus hij zag me ­weleens langsfietsen met m’n donkere haar, zwarte kleren en zwart omlijnde ogen. Hij had een duivel nodig voor zijn nieuwe kunstrevue, of ik wilde? Ik heb er lang over nagedacht.

Ik heb het gedaan, omdat ik Arjan heel graag mag, en omdat het stuk als rode draad had: oordeel niet te snel. Want dat is wat mensen ­deden toen ik jong was, en nu nog steeds doen: ­anderen meteen beoordelen en veroordelen. God werd gespeeld door een jongen met Down. En de duivel, ik dus, was een enorme twijfelkont. Dat herkende ik wel.

Elke keer als ik op het toneel stond, stond ik stijf van de zenuwen. Ik had maar een paar zinnen tekst, maar wilde die wel goed doen natuurlijk. We hebben in een half jaar tijd 95 voorstellingen gespeeld, en ik heb ervan genoten. Het was een jong team, met leuke mensen. In mijn ­atelier zit ik altijd maar in mijn eentje. En toch, na die 95 voorstellingen was ik ook wel weer blij om achter mijn ezel te kunnen kruipen.’

Kunstenares of societyschilder?

‘Kunstenaar graag. Societyschilder vind ik zo’n naar woord, alsof ik alleen rijke mensen schilder! Dat is niet zo, anders zou ik ook geen daklozen schilderen of lesgeven.

Het komt ­natuurlijk door allerlei feestjes waar ik heen ben geweest: Carré, balletvoorstellingen, modeshows. Dientengevolge heb ik in allerlei bladen gestaan. In Nederland is het helaas zo dat als je in het ene blad staat, je voor het andere niet meer interessant bent. Kom je weer bij dat oordelen en veroordelen. Mijn partner en ik zijn alleseters qua bladen, we lezen de Story én Vrij Nederland. Maar daar zijn we vrij uniek in, vrees ik.’ 

Moeder of dochter?

‘Voordat mijn moeder stierf op haar 101e was ik het allebei. Ik ben achteraf zo blij dat ik de laatste jaren elke dag bij haar langs ben geweest en we alsnog een intense band kregen. Vroeger hadden we die niet, zo close als mijn dochter Sigrid en ik zijn, waren mijn moeder en ik vroeger niet. Ze was van voor de oorlog, heeft hard moeten sjouwen en leerde flink te zijn. Voor knuffelen werd geen tijd uitgetrokken. 

Tegenwoordig is het zo gemakkelijk: je kunt even bellen of appen als de ander ver weg zit. Toen Sigrid uit huis ging en zes weken in de kibboets ging werken, en later, toen ze drie maanden bij bedoeïenen woonde – in totaal is ze tien jaar weggeweest – heb ik alles van me af geschilderd. Zij had juist die afzondering nodig om de ruzies en de stiltes van vroeger, vóór mijn scheiding van haar vader, te verwerken. Kun je nagaan: drie maanden taal noch teken van je kind, want toen hadden de bedoeïenen nog geen mobieltjes. Die afzondering was goed voor haar. En voor mij. Als moeder moet je vroeg of laat toch je kind loslaten’.

Koorddansen of schommelen?

‘Schommelen! Ik zou hier in mijn atelier aan de balken best een schommel kunnen hangen. Er hangen wel ringen, daar maak ik graag gebruik van. Ik kan geen zwaantje meer maken, maar probeer toch elke dag even te oefenen. Het schilderij met de schommelende vrouw is heel belangrijk voor me, het is het eerste schilderij dat ik verkocht heb. Met pijn in het hart, ik wilde er geen afstand van doen, maar we moesten toch eten, Sigrid en ik. 

Het schilderij van de geblinddoekte koorddanseres heb ik altijd gehouden, het hangt hier in mijn atelier. Als ik het zie snap ik weer precies hoe het was, om alleenstaande moeder te zijn zonder vast inkomen: onzeker, instabiel. Ik ben zo dankbaar dat alles nu anders is. 

Ik heb er hard voor gewerkt om het negatieve om te buigen tot iets positiefs, en daar staat dit schilderij symbool voor. Ik had het heus kunnen verkopen, er waren meerdere belangstellenden, maar niet alles is te koop. Dit blijft bij mij’.

Ans Markus, Masker af - Lessen uit mijn leven, uitgeverij Het Spectrum, € 20

CV

1947 Geboren in Halfweg

1964 gaat werken op de afdeling loonadministratie van betonfabriek Van Baarsen in Geertruidenberg

1965 wordt verkoopster in een bontzaak in Breda

1968 geboorte dochter Sigrid

1977 verkoopt na scheiding op braderie in Tilburg eerste portretjes voor 25 gulden

1980 expositie bij Kunsthandel Lambert Tegenbosch in Heusden

1982 solotentoonstelling museum Markiezenhof Bergen op Zoom

1984 kunstbeurs Basel, Keulen en Londen

1986 tentoonstelling Museum Kempenland Eindhoven

1990 Hofstra Museum New York

1995 beste geklede vrouw van het jaar volgens modejournalisten

2000 Museum of New Art Estland

2003 Museum Jan van der Togt Amstelveen

2003 Officier in de orde van Oranje Nassau

2007 solo tentoonstelling Noordbrabants Museum ’s Hertogenbosch

2009-2010 Kunstenaar van het jaar

2012 Briljant kunstenaar van het jaar

2016 overzichtstentoonstelling Museum de Fundatie Zwolle

2017-2018 overzichtstentoonstelling in Museum Jan van der Togt

2019 11e boek Masker af, levensverhaal met schilderijen 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden