Blues bij kaarslicht

Hans Dulfer toont zich in zijn voorwoord erg ingenomen met de nieuwe cd van Lils Mackintosh. 'Telkens als ik naar dit album luister, voel ik me heel goed', schrijft hij (maar dan in het Engels)....

'Wow!', besluit Dulfer zijn inleiding. Gek genoeg roept hij dat eigenlijk heel hard en zelfvoldaan in zijn eigen oor. Want het was Dulfer die de cd produceerde, het was Dulfer die met het idee van de muziek kwam en het was Dulfer die ook nog een paar van die fine solos leverde. Wat hebben we het toch goed getroffen met onszelf. Zo goed dat hij de naam van de door hem zo bewonderde zangeres Lils Mackintosh (dochter van Max Woiski jr.) tot twee keer toe verkeerd spelt.

Die naamsverhaspeling is exemplarisch voor de hele onderneming. Zangeres Mackintosh heeft zich op advies van Dulfer op het oeuvre van Huddie (uit te spreken als Hoedie) Ledbetter gestort, de folkblueszanger die door de muziekjagers John en Alan Lomax werd ontdekt in de Angola-gevangenis van Louisiana, waar hij een straf uitzat wegens poging tot moord. Dankzij een gezongen smeekbede aan de gouverneur van Louisiana - en niet Texas, zoals het hoesje vermeldt - kwam hij in 1934 op vrije voeten. Als Leadbelly (soms ook geschreven als Lead Belly) groeide hij uit tot een van de eerste zwarte muzikanten die een blank publiek aan hun voeten kregen. Good Night, Irene werd in 1950, een jaar nadat hij overleed, een grote hit.

Ook Lils Mackintosh zingt Good Night, Irene, zij het dat het bij haar Good Night My Teen, Good Night heet, en veranderd is in een ode aan haar jeugd. Zoals Black Betty in haar handen een loflied op Leadbelly werd ('Wo-ho Ledbetter had to die Before his fame, I ask you why'). Ook andere teksten zijn aangepast.

Dat zou nog wel te verdedigen zijn. Ook Leadbelly mocht graag op bestaande liedteksten variëren. In hun studie The Life and Legend of Leadbelly maken Charles Wolfe en Kip Lornell aannemelijk dat Good Night, Irene al bestond voordat Leadbelly zelfs maar geboren was, en op het repertoire stond van rondreizende muziekshows in de jaren tachtig van de voorvorige eeuw. Leadbelly nam de driekwartsmaat over, maar paste de woorden aan.

Erger is dat de vaak zo venijnige muziek van Leadbelly hier in de week wordt gelegd in een lauwwarm badje van semi-jazzy gemakzucht. De hartekreten van de bluesman zijn geschikt gemaakt voor een dinertje bij kaarslicht. Dat de zangeres zich op de hoes achter de tralies laat vereeuwigen met een kroon van gestileerde schakels om haar hoofd, past helemaal in het patroon. Zoals je ook maar voor lief moet nemen dat de biografische informatie over Leadbelly op het hoesje allerlei fouten bevat, zoals een verkeerd geboortejaar.

Van de echte Leadbelly verscheen een cd met nooit eerder uitgebrachte opnamen voor de BBC-radio uit 1938, aangevuld met live-opnamen uit 1946, gemaakt in Salt Lake City. Alle bronnen waaruit zijn muziek voortkomt zijn hier aanwezig: de liedjes die de gevangenen zongen, uit ellende en om de verveling te verdrijven, het lied van de ossendrijver, bluesballads, en de gezongen pleitnota aan Governor O.K. Allen: If I had you like you got me, I'd wake up in the morning, and set you free. Ook deze cd bevat aardige staaltjes van het improvisatievermogen van Leadbelly. Zo is Irene in twee versies vertegenwoordigd, en blijkt hij zijn lied New York City voor de gelegenheid om te bouwen tot Salt Lake City.

Maar het mooist zijn de worksongs, die hij hier a cappella zingt. Echte blues, zonder arrangementen en zonder solo's, met een fantastische Leadbelly. Wow!

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden