Blake, Mortimer en Van Dongen

Het is het jaar van Peter van Dongen. Zaterdag krijgt hij de Stripschapprijs voor onder meer zijn graphic novel Rampokan. In de herfst volgt een album uit de klassieke reeks Blake en Mortimer, dat Van Dongen samen tekent met Teun Berserik.

Door Joost Pollman

Peter van Dongen Beeld RV

'Een Klare Lijn met een Indisch tintje.' Zo is het oeuvre samen te vatten van tekenaar Peter van Dongen, die 31 maart de Stripschapprijs krijgt tijdens De Stripdagen & Dutch Comic Con in Utrecht. Het citaat komt uit het juryrapport, waarin Van Dongen (51) wordt geroemd om zijn graphic novel Rampokan, over de politionele acties in Indonesië. De auteur brak er internationaal mee door. Eind vorig jaar voegde hij opnieuw een parel aan zijn werk toe: de getekende versie van de Indische roman Familieziek van Adriaan van Dis. 

Wat de Klare Lijn betreft: dat is de schone, schaduwloze lijn die we kennen van Kuifje. Diens schepper Hergé was niet de enige Brusselaar die er furore mee maakte. Ook E.P. Jacobs van de bijna net zo klassieke stripreeks Blake en Mortimer werd er beroemd mee. Zijn album Het Gele Teken is in België zelfs uitgeroepen tot de strip van de 20ste eeuw. Peter van Dongen werkt al sinds de jaren tachtig in de Klare Lijn, maar zijn meesterstuk moet nog komen. Dit najaar verschijnt De Vallei der Onsterfelijken, een nieuw album in de Blake en Mortimer-serie, dat hij tekent met collega Teun Berserik naar een scenario van de Franstalige Belg Yves Sente. Bij zulke reeksen gaat het om grote getallen: de Nederlandse oplage zal 30 duizend albums bedragen, de Franse zelfs 400 duizend.

Dit megaproject heeft een voorgeschiedenis. Edgar P. Jacobs (1904-1987) verbond zijn naam aan twaalf albums, maar heeft het laatste deel niet kunnen afmaken. Dat deed zijn collega Bob de Moor in 1990, waarna een omvangrijk postuum oeuvre zou volgen. Nieuwe avonturen van de Britse professor Philip Mortimer en kapitein Francis Blake zijn sindsdien bedacht door diverse tandems van Frans- Belgische afkomst, nooit door Nederlanders. 'Alles van boven Brussel was niet goed genoeg', zegt Van Dongen.

Dat fatale oordeel werd ook geveld over de proefpagina die tekenaar Theo van den Boogaard op verzoek van uitgeverij Dargaud maakte met zijn partner in crime Teun Berserik voor de decors.  Hun proefpagina verscheen alleen in het stripblad Eppo. Maar omdat Dargaud wel degelijk nieuwe tekenaars zocht en de naam Peter van Dongen in Brussel al was gevallen, besloot hij samen met Teun Berserik ook een proefpagina te tekenen. Een schot in de roos. Het duo kreeg meteen de opdracht voor een tweedelig verhaal. Dargaud vroeg Van Dongen ook om beide delen in te kleuren. Daar is hij nu mee bezig, één bladzijde kleuren duurt een dag. 'Dat is te lang', geeft hij toe.

Er is een rolverdeling. Teun Berserik tekent de cover van deel één, Peter van Dongen doet deel twee. Samen maakten ze een eerste indeling van het verhaal op postzegelformaat, 'om meer grip op het verhaal te krijgen'. Vervolgens deed Van Dongen de decoupage, het verdelen van de kaders op de strippagina. Hij is er verantwoordelijk voor dat elke spread rechtsonder klassiek eindigt met een cliffhanger. Zij volgen hiermee het voorbeeld van Jacobs, die nog tekende voor weekbladen en per aflevering de spanning erin moest houden. Van Dongen: 'Mijn Frans is slecht, dus ik heb met behulp van Google Translate het scenario uitgewerkt. Yves Sente zei later: 'Het is voor 99 procent precies zoals ik het zelf voor ogen had'

Peter van Dongen Beeld RV

Het Geheim van de Grote Piramide, om precies te zijn de Nederlandse editie uit 1954, gebruiken de tekenaars als stijlvoorbeeld. Van Dongen legt uit: 'Een kroontjespen geeft een strakke lijn, met penseel wordt het meer dik-dun. Het Gele Teken is bijvoorbeeld helemaal met penseel getekend, wat een vrij vette lijn geeft. De Grote Piramide gaat meer richting Kuifje. We kiezen ervoor om de achtergronden met kroontjespen te tekenen en de personages met penseel: zo creëer je diepte.'

De auteurs tekenen per deel ieder 27 pagina's en bieden elkaar hun potloodversies ter correctie aan. 'Teun is beter in auto's en vliegtuigen, ik in anatomie', zegt Van Dongen. Kritiek geven op elkaars werk, gaat dat zonder frictie? 'Natuurlijk! Als Teun zegt: 'Dit armpje staat een beetje gek', is dat wel vervelend, maar hij kijkt met een frisse blik en ik kan het dan nog verbeteren. Straks kijken er 400 duizend lezers over je schouder mee. Met de Klare Lijn kun je niet schmieren. Je kunt je niet verschuilen, want je ziet alles!'

Van Dongen: 'De Vallei der Onsterfelijken gaat over een document dat beschrijft hoe de eerste keizer van China aan de macht is gekomen: dankzij het spanmechaniek van een kruisboog. Professor Mortimer reist naar de Britse enclave Hongkong om dat te onderzoeken, terwijl een Chinese warlord de macht wil grijpen.

Met dit script borduurt Yves Sente voort op Het geheim van de zwaardvis uit 1950, dat eindigt met een bombardement op Llhasa in Tibet. 'Daarom hebben wij het bombardement nog een keer getekend, maar vanuit een ander standpunt: de positie van raketten en het paleis zijn gespiegeld. Wat in het origineel ontbreekt is de bom, die ik centraal in een cirkel heb geplaatst. Jacobs gebruikte ook zulke cirkels. Het model van de bom heb ik ontleend aan dat van Little Boy, die op Hiroshima is gegooid.'

Van Dongen: 'Je kunt in dit verhaal veel Britse dingen kwijt, ook al omdat de eerste bladzijden zich afspelen in Londen. Dat is echt Teun z'n ding, hij is een anglofiel en weet bijvoorbeeld alles van de RAF in de Tweede Wereldoorlog. Ik wilde graag de Aziatische dingen tekenen, zoals de riksja's. Die staan ook in De Blauwe Lotus van Kuifje. Dat zijn dingen die je als kind las en het is merkwaardig om ze nu zelf  te maken. Collega Gerrit de Jager zei: Alsof je met de Beatles een nummertje mag meedrummen!'

'In de ruwe schetsversie was het stadsgezicht van Hong Kong nog horizontaal getekend, maar dat hebben we later verticaal gemaakt omdat er meer aandacht moest komen voor de Egyptenaar rechtsonder. Die stond eerst een beetje op de achtergrond, waardoor de lezer niet direct snapt dat hij belangrijk is. De Egyptenaar staat nu als cliffhanger in close-up, zodat je als lezer denkt: wat doet die man daar?'

Volgens Van Dongen gebeurt de inkleuring op basis van de  De Grote Piramide uit de jaren vijftig, want in de latere herdrukken zijn de kleuren te fel. 'Het geel in de oudere editie is donkerder. Onderaan steekt het voetje van Mortimer nog uit het kader, maar dat moesten we corrigeren: dat is Kuifje, niet Jacobs!'

De Stripdagen & Dutch Comic Con, 31 maart en 1 april. Uitreiking Stripschapprijs, zaterdag 31 maart, 13:00 uur, Hal 10, Jaarbeurs Utrecht.

Onsterfelijke sequel

Professor Mortimer en kapitein Blake hebben eeuwigheidswaarde. Na de dood van de geestelijk vader E.P. Jacobs hebben andere auteurs dertien albums in de geest van Jacobs gepubliceerd. Ted Benoit en Jean Van Hamme begonnen in 1996 met De zaak Francis Blake.  In het najaar volgt De Vallei der Onsterfelijken. Het betekent niet dat Peter van Dongen en Teun Berserik het rustig aan kunnen gaan doen. 'Teun en ik moeten het honorarium fiftyfifty splitten, dus we kunnen er net niet van leven en moeten er nog illustratiewerk naast doen. Maar in vergelijking met wat in Nederland gebruikelijk is, mogen we niet klagen. En bij de berekening van het honorarium zijn we uitgegaan van een oplage van 300 duizend exemplaren, terwijl ik heb horen zeggen dat die twee keer zo hoog kan worden. We zijn nu al gevraagd of we nog een volgend duo-album wille maken, op tekst van Jean van Hamme, de productiefste scenarist van Europa. Hij schijnt er al aan bezig te zijn.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.