Biografie en autobiografie: wat voor man is Luis Suárez eigenlijk?

Wat voor man is Luis Suárez, de voetballer uit Uruguay die al drie keer zijn tanden zette in tegenstanders? Dat leren we een beetje uit een biografie en een autobiografie.

Luis Suarez voelt zijn tanden nadat hij Giorgio Chiellini heeft gebetenBeeld anp

Vier jaar geleden, het was op een zaterdag, beet El Pistolero van Ajax in de eindfase van een tamme wedstrijd met een opwindend slot een tegenstander van PSV in de nek. Zoiets was nog nooit vertoond, en het was pas het begin.

Luis Suárez, ook wel Dracula, Het Konijntje en El Caníbal genaamd - in vooral Zuid-Europa en Zuid-Amerika worden bijnamen grif gegeven - koos geen willekeurig slachtoffer uit. Otman Bakkal van PSV had hem geprovoceerd, zei Suárez na afloop in een korte toelichting.

Niemand begreep waar hij op doelde. Dat Bakkal bekend stond om zijn zachtmoedigheid, sprak ook al niet in het voordeel van 'De Schutter' uit Salto, de op één na grootste stad van Uruguay.

Het incident in de Amsterdam Arena wordt uitgebreid beschreven in twee (vertaalde) boeken die over Suárez zijn verschenen. Nieuw Amsterdam bracht deze maand een autobiografie op de markt, geschreven door de Engelse voetbaljournalisten Peter Jenson en Sid Lowe, Thomas Rap twee maanden geleden al een biografie van de Italiaan Luca Caioli.

Beide uitgevers kozen op de cover voor een foto waarop Suárez ernstig, een tikje bedroefd zelfs, voor zich uit staart. Hij heeft zich niet geschoren. Het ene boek heet Luis Suárez, het andere SUÁREZ. Wat ook opvalt, maar er verder niet toe doet, is de vreemde vorm van de oren van de hoofdpersoon.

In de biografie wordt het eerste bijtincident uit de geschiedenis van het Nederlandse voetbal het meest uitgebreid en het meest nauwkeurig beschreven. De journalisten die het levensverhaal van Suárez opschreven, in de ik-vorm in vaak plechtige volzinnen, laten hem zeggen dat hij het in Eindhoven aan de stok had met Bakkal - een irritante onjuistheid.

Kannibaal

De kannibaal van Ajax, noemde De Telegraaf hem na de beet, en daar was de bijnaam. Ajax-trainer Martin Jol, een overlever met ordinaire trekjes, probeerde grappig te zijn en sprak vergoelijkend over een liefdesbeet. Intussen vroeg de halve voetbalwereld zich af wat Suárez bezielde toen hij zijn tanden in een tegenstander zette.

Suárez zei dat hij gefrustreerd was, een wat onbevredigende verklaring. In de biografie wordt een spelersbegeleider van Ajax geciteerd die hem goed kent, Herman Pinkster. Volgens hem hebben we - cliché - hier te maken met 'een soort Jekyll en Hyde' en moeten we een onderscheid maken tussen 'een Luis buiten het veld, en een Luis binnen het veld.'

Dat komt in het voetbal vaker voor, die tweedeling. Bedaarde huisvaders met pappadagen kunnen tussen de lijnen veranderen in vervaarlijk schreeuwende monsters. Het hoort erbij.

Maar Pinkster waagt zich ook aan de vraag waaróm de ene Luis de andere niet is. Dat is moedig, want het is een moeilijk te beantwoorden vraag, helemaal als je niet bereid bent de psycholoog uit te hangen of een verklaring zoekt in de wat onfortuinlijke jeugd van het parttime monster.

Jekyll en Hyde

Een soort Jekyll en Hyde dus. 'Waarom? Omdat hij het voetbal heel intens, heel hartstochtelijk beleeft. Hij is een krijger die koste wat kost wil winnen, hoe dan ook.'

Ook dat hebben we vaker gehoord, als verklaring voor afwijkend gedrag, maar Suárez is volgens Pinkster echt uitzonderlijk. Bij Ajax hadden ze nog nooit zo'n speler meegemaakt, 'met die passie, die onverzettelijkheid en verbetenheid.'

En met die moeilijk te verklaren neiging tot bijten, dus.

Suárez deed het, voor zover bekend, drie keer. In 2010 stort hij zich als Ajacied op Otman Bakkal. Schorsing: zeven wedstrijden.

Zijn volgende slachtoffer, Suárez speelt inmiddels voor Liverpool, is in 2013 een Servische verdediger van Chelsea, Branislav Ivanovic. Hij wordt in zijn bovenarm gebeten. Schorsing: tien wedstrijden.

Het drieluik wordt in 2014 voltooid tijdens het wereldkampioenschap in Brazilië. In een wedstrijd tegen Italië bijt hij in de schouder van verdediger Giorgio Chiellini. Schorsing: vier maanden.

Spanning

Het is de spanning, zegt Suárez in de autobiografie. Het zijn de frustraties. Het is het vooruitzicht van een nederlaag. Het is de buitensporige druk. 'Het is niet dat ik wil winnen: ik móét winnen.' Ook dat hebben we vaker gehoord, maar Suárez gaat een stap verder.

'De angst om te falen verduistert alles voor me, zelfs het overduidelijke gegeven dat er minstens 20.000 paar ogen op me gericht zullen zijn: het is niet zo dat ik denk dat ze me niet zullen zien. Er wordt iets uitgeschakeld in mijn hoofd. Ik kan niet meer logisch denken.'

Hij begrijpt zichzelf niet helemaal, maar een beetje toch wel. En natuurlijk brengt hij het argument ter tafel dat de gevolgen van een zogenaamde 'doodschop', jargon voor een harde overtreding, voor een tegenstander veel ernstiger kunnen zijn dan een beet in nek, biceps of schouder - wat trouwens ook zo is.

En natuurlijk stelt hij vast dat diezelfde impulsiviteit die hem tot bijten dwong, hem als voetballer aan de top (Barcelona) heeft gebracht. Suárez is een voetballer die het juist van die impulsen moet hebben, van de onvoorspelbare en weergaloze ingevingen waarmee verdedigers op het verkeerde been worden gezet en het publiek wordt vermaakt.

Voor de rest is het een mooi, klassiek verhaal, met een roerige jeugd in armoede en het voetbal als redding. Er is een schamele woning met een golfplaten dak, ouders die scheiden als hij 9 jaar is, een vader die in een koekjesfabriek werkt en een moeder die haar kostje bij elkaar scharrelt met schoonmaakwerkzaamheden, een verhuizing naar hoofdstad Montevideo, een mislukte schoolcarrière (twee keer blijven zitten in de eerste klas), de transfer naar een kleine Europese club (FC Groningen) en de opmars naar Barcelona, via Ajax (111 doelpunten in 159 wedstrijden) en Liverpool (82 doelpunten in 133 wedstrijden).

Er is succes, en rijkdom. Vaderschap. En er is een vrouw, Sofi, zijn jeugdliefde met wie hij - opmerkelijk ook, zeker in een wereld met vele verleidingen en gierende hormonen - nog steeds samen is. Samengevat: Luis Suárez heeft veel, zo niet alles aan haar te danken.

Sofi is zijn steun en toeverlaat, de vrouw die hem stuurt. Behalve aan zijn eigen talent heeft hij het aan haar te danken dat hij dit seizoen deel uitmaakt van Barcelona, in een droomvoorhoede met Messi en Neymar.

En is er dus dat bijten, die zonderlinge uitspatting die zijn loopbaan zo'n rauwe dimensie geeft. Het heeft hem ook iets opgeleverd natuurlijk. Het is zeer de vraag of twee gerenommeerde Nederlandse uitgevers, om maar een voorbeeld te noemen, op het idee zouden zijn gekomen een biografie en een autobiografie uit te geven van een voetballer uit Uruguay als deze niet óók omstreden was geweest. Het is juist die ongewone combinatie van talent en ontsporingen die fascineert.

Om zijn driften te beteugelen en omdat Sofi het eiste heeft Suárez professionele hulp ingeschakeld. 'Ik heb altijd gezegd dat ik thuis de beste psycholoog heb zitten. Maar heel lang heeft ze me gezegd dat dat niet genoeg was en dat ik me tot echte professionals moest wenden.' Weigeren was geen optie.

Waarom, was de eerste vraag die hij moest beantwoorden. 'Waarom, Luis, waarom heb je dat gedaan?' In zijn autobiografie geeft Luis Suárez een optimistisch antwoord: 'Ik weet het nog steeds niet. Maar ik ben op de juiste weg om dat voor mezelf te begrijpen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden