INTERVIEW

Biograaf Fasseur ontziet zijn hoofdpersonen niet

Cees Fasseur (75) heeft met zijn portret van oorlogspremier Gerbrandy waarschijnlijk zijn laatste biografie geschreven. Een gesprek over zijn contact met koningin Beatrix, struinen in de koninklijke archieven, de kritiek op zijn werk en de dilemma's van de biograaf.

Cees FasseurBeeld Jiri Buller

Hoe wordt een mens biograaf, en nog wel van koninklijke hoogheden? Voor Cees Fasseur, historicus, jurist, emeritus hoogleraar in de Nederlands-Indonesische betrekkingen begon het met een uitnodiging, begin jaren negentig. Of hij eens langs wilde komen, kennismaken met koningin Beatrix. Hij wist dat er aan een biografie van haar grootmoeder Wilhelmina werd gewerkt. De Nijmeegse historicus A.F. Manning was er aan begonnen, maar hij was in 1991 overleden.

Pieter Sjoerds Gerbrandy, het onderwerp van Fasseurs laatste boek.Beeld HH

Had u een visje uitgeworpen?

'Nee, helemaal niet. Ik dacht: daar kom ik niet voor in aanmerking. Ik was me aan het voorbereiden op het dekenaat. Ik zou in Leiden decaan worden van de faculteit der letteren.'

Er waren mensen met betere papieren, zegt hij. Jan Bank, Hans Blom. 'Grote namen van contemporaine Nederlandse geschiedbeoefening.'

Hebt u gevraagd aan de koningin wat haar bewoog om het oog op u te laten vallen?

'Nee, dat vond ik niet beleefd. En nog eens wat: ze had ook kunnen zeggen: nou, professor, u bent de vijfde keuze, we zijn heel blij dat u het wilt doen.'

Ze had ook kunnen zeggen: kom, kom, professor, niet zo argeloos, u weet zelf ook wel dat u de meest meegaande bent.

'Hoezo nu meegaand? Dat had ik in mijn geschriften tot dan toe niet laten blijken, lijkt me.

'Ik heb wel begrepen dat bij de koningin aarzelingen leefden. Fasseur? Die houdt zich toch bezig met Indische verhalen uit de koloniale tijd. Wesseling, collega in Leiden en mentor van Willem-Alexander was een van haar adviseurs. Hij schijnt de fameuze woorden gesproken te hebben: 'Jawel majesteit, maar he knows to deliver.' Op Justitie heb ik als raadadviseur twintig jaar aan wetgeving gewerkt. Ik heb er geleerd op tijd teksten te leveren.'

Cees Fasseur (1938) vertelt met smaak en gretigheid; het kan eigenlijk niet schelen wat het onderwerp is. Maandag wordt zijn jongste en, vermoedt hij zelf, laatste grote biografie gepresenteerd. Over Pieter Sjoerds Gerbrandy, premier in de oorlogsjaren in Londen, evenknie van Wilhelmina in staalharde koppigheid.

Eerder schreef Fasseur twee delen plus een naschrift over het leven van Wilhelmina en een onthullend boek over de eerste twintig jaar van het huwelijk tussen Juliana en Bernhard, tot en met de ontknoping van de Greet Hofmans-crisis in 1956. In beide gevallen kreeg hij toestemming van koningin Beatrix het Koninklijk Huis Archief in te zien, een gesloten boek, daarvoor én daarna. Ook voor de biografie van Gerbrandy heeft Fasseur kunnen putten uit privé-stukken van de Oranjes.

Toegang tot het familie-archief is een precaire kwestie. Hoe gaat zoiets? Hoe wordt jou de maat genomen?

In eerste instantie was hij uitgenodigd voor een van de bijeenkomsten van min of meer intellectueel geschoolden die de koningin en prins Claus van tijd tot tijd organiseerden in het paleis op de Dam. Er zou een Belgisch-Franse-Chinese schrijfster als spreker optreden, beroemdheid uit de jaren vijftig, haar naam zei hem niets. Hij dacht: daar hoef ik niet heen met mijn Frans dat affreus is. Helemaal niet toen hem bleek dat hij aan de tafel van de koningin zou aanzitten. 'Zit ik daar tegenover de koningin, naast een auteur van romans die ik niet heb gelezen en tegenover de Franse ambassadeur, die denkt: aha! Fasseur! Franse naam, gaan we eens uitgebreid mee converseren.'

Een ramp zou het worden, hij wist het zeker. Zijn servet zou op de grond vallen. 'Heb jij dat niet? Ik wel, gemiddeld drie keer per diner.'

Als het echt nodig is, is er altijd een act of God, zegt hij. Zijn vrouw moest naar het ziekenhuis voor een urgente oogoperatie. 'Toen ik het paleis belde, was er alle begrip. Uw echtgenote in het ziekenhuis? Nee, allicht bent u verhinderd, meneer Fasseur. Alle goeds voor u beiden.'

Hij vermoedde een vervolg en dat kwam er ook. Hij werd uitgenodigd in de stilte van Huis ten Bosch. Kijk, andere koek. Hij had erop gerekend dat tijdens het gesprek een kamerheer zou rondhangen of een hofdame of tenminste een lakei. Niets van dat alles. Een gesprek à deux werd het, in de werkkamer van de koningin. Twee uur lang.

En toen was u ingepakt, toch?

'Maar waarom? Ik zal zeggen waar de situatie mij aan deed denken. Soms werd je als jong student in Leiden voor de thee gevraagd in een ouderejaars meisjeshuis. Daar werd je eigenlijk, ik zal niet zeggen verneukt, maar wel gefeut, op een aardige manier. Er kwam een vriendin bij en nog een en dan probeerden ze je een beetje onderuit te halen, je kent het wel.'

Nee.

'Nou ja, ik wel en toen ik bij de koningin kwam, moest ik eraan denken. Het deed me erg vertrouwd aan. Ik dacht: hé, een beetje Leidse sfeer, ik vond het erg leuk. Natuurlijk wilde ze weten wat voor vlees ze in de kuip had, maar van voorwaarden of wat dan ook was geen enkele sprake.'

U hebt me ooit gezegd: ze begreep dat ik de boel niet zou vernachelen.

'Fair play, hè, daar gaat het om. Het kan me ontzettend boos maken als ik van die valse verhalen hoor over kennis die ik heb achtergehouden. De verhalen van Aalders, om een bekend voorbeeld te noemen. Dan denk ik: gewoon niet eerlijk. Vermoedens, geruchten, loze beweringen en dat dan zo'n beetje aan elkaar schrijven - dat is de werkwijze-Aalders.'

Aalders is Gerard Aalders, een historicus die een aantal keer publiceerde over de dubieuze levenswandel van prins Bernhard. In 2010 kreeg Fasseur een civiele procedure aan zijn broek van nazaten van I.G. van Maasdijk, vertrouweling aan het hof in de jaren vijftig. Dat kwam doordat Fasseur in zijn boek over Juliana en Bernhard Van Maasdijk sr. had neergezet als een Trojaans paard, een scheurmaker in het huwelijk van koningin en prins en een notoire ruziezoeker.

Fasseur: 'In die procedure heeft Aalders aan de erven-Van Maasdijk aangeboden om als getuige à charge tegen mij op te treden. Het verzoek is door de rechtbank in Amsterdam niet gehonoreerd. Maar ik dacht: met zo'n enorm oncollegiaal gedrag ga jij, Aalders, een grens over die je niet zou moeten willen overschrijden.'

Cees Fasseur poseert in 2008 met zijn biografie over Juliana en BernhardBeeld ANP

Bent u echt zo kwetsbaar?

'Nou, ik weet niet of je het kwetsbaar moet noemen. Maar soms betreur ik het dat ik niet twee meter lang ben. En oud-karatekampioen.

'Ik heb als enige toegang gekregen tot het Koninklijk Huis Archief. Ik weet dat je dan rekening moet houden met jaloezie. Ik weet dat je dan te horen krijgt: Fasseur? De hoflakei van de Oranjes. Het enige dat ik kan terugzeggen is: lees mijn boeken. En kijk of het niet waar is wat ik schrijf.'

Dat is nu juist het punt: je kunt niet weten wat je niet weet.

'Maar je kunt wel lezen wat er wel staat en dat is bepaald niet het beeld van een heiligenleven. Het is een kritisch, wetenschappelijk verhaal. Dat is mijn enige criterium.

'Kijk, vroeg of laat gaan die archieven open. Je dacht toch niet dat ik het op mijn geweten wil hebben, al was het slechts voor mijn vijf kleinkinderen, dat straks geschreven kan worden: die Fasseur, dat was een oplichter. Als de archieven openbaar zijn, zal er heel weinig, nee, eigenlijk niets gevonden worden op grond waarvan men met recht kan zeggen: Aalders zijn opwinding was zo gek nog niet.'

Toch nog even over die veronderstelde meegaandheid. Wat zei de koningin toen u haar het boek over haar ouders liet lezen?

'Ik heb het haar gevraagd: wilt u het lezen? 'Nee', zei ze. 'Ik lees het wel als het verschenen is, want als ik het nu ga lezen, heb ik duizend en een opmerkingen. Daar wordt u niet gelukkiger van, maar ik ook niet.' In de roos, dacht ik.'

Fasseur schrijft vlot, schrijven is geen kwelling. En soms, als hij even niet weet hoe het verder moet, leest hij zichzelf de laatste halve bladzijde voor. Dan kan hij als vanzelf weer vooruit. Schrijven zal zijn dagen blijven vullen. 'Ik moet wel, anders veroordeel ik mezelf tot golf en bridgen.' Hij verlangt terug naar zijn oude liefde: Indische geschiedenisverhalen. 'Korte schetsen', zegt hij, 'over ambtenaren, tijdgenoten van Multatuli die hoog stijgen. En diep vallen.'

Intussen heeft hij ervaring genoeg met de biografie om aan te geven wat het genre nodig heeft. Geen Dorknopers, maar dwarsliggers. 'In een artikel dat verscheen bij zijn 75ste verjaardag stond over Gerbrandy: zijn rug verdraagt geen juk. Dat is een man, denk ik dan, naar mijn hart. Iemand als Drees vind ik veel te evenwichtig, te regelmatig. '

Cees Fasseur overhandigt in 1998 het eerste deel van zijn biografie Wilhelmina aan Koning Willem Alexander, die toen nog kroonprins was.Beeld ANP

Er moet spektakel zijn?

'Liever wel, ja. Oorlog is altijd een prachtig thema. War makes good history is de uitdrukking. Ellende, hongersnood, dat zijn goeie thema's. Gelukkige volken hebben geen geschiedenis.'

Zijn er ethische dilemma's voor een biograaf?

'Die vraag is me een paar keer gesteld over mijn vorige boek, over Juliana en Bernhard. Of het wel ethisch is te citeren uit hun particuliere correspondentie. Elsbeth Etty zei het al: doden hebben geen privacy. Als je een bekende Nederlander bent geweest, geldt dat helaas.'

Wat hebben wij van doen met slaapkamergeheimen, wat gaan die ons aan?

'Ik schrijf biografieën over mensen die niet meer leven, juist om die reden. Omdat ik denk: je kunt het niet maken een levend iemand op zo'n manier te confronteren met zijn verleden.

'Maar het is ondenkbaar, op goede gronden ondenkbaar, om je hoofdpersoon, laat ik zeggen, te ontzien. Je boek veroordeelt dan namelijk zichzelf. Het is niet het levensverhaal, maar slechts een deel ervan en vermoedelijk slechts het mooie deel.'

Moet een biograaf verliefd zijn op z'n onderwerp?

'Het moet wel een beetje klikken. Lees Langeveld, een uitstekend historicus overigens, over Colijn; vanaf de eerste bladzijde proef je dat hij Colijn verafschuwt. Ik heb het vaak tegen hem gezegd: het dringt in alle bladzijden van je boek door. Het is niet goed, je mist onbevangenheid. Als lezer denk je: ja ja, het zal, maar ligt niet achter elke waarheid nog een andere waarheid?'

Cees FasseurBeeld Jiri Buller

U pretendeert wetenschappelijke biografieën af te leveren. Ander woord voor saai?

'Ja, dat is een moeilijk punt. Ik moet als wetenschapper elke bewering kunnen onderbouwen. Ik kijk met jaloezie naar mensen als Annejet van der Zijl. Die schrijft prachtig. Maar ze maakt het zichzelf ook gemakkelijk, doordat ze niet de ambitie heeft om elke zin te verantwoorden. Tegelijk wil ook ik het leesbaar houden. Dan krijg je van collega's al gauw de vraag of je nog wel wetenschap bedrijft.'

Maar u houdt toch ook van psychologiseren?

'Nee. Dat is niet wetenschappelijk. Je kunt het niet verantwoorden.'

Tot zover de leer.

'Een enkele keer doe ik het wel, maar dan zeg ik het erbij, bijvoorbeeld als ik schrijf dat mevrouw Gerbrandy vermoedelijk door haar overweldigende persoonlijkheid meneer Gerbrandy eronder hield.'

Fijn detail, goed om te weten. Bent u dol op de petite histoire?

'Ja, neem dat maar aan. Zelfs al is het niet helemaal waar, dan nog brengt het iemand dichterbij. Dat is het leuke ervan.

'Toen ik jong ambtenaar was op het ministerie werkte ik samen met mensen van wie sommigen Gerbrandy nog hadden meegemaakt. De heer Zaatman bijvoorbeeld, hoofd van de afdeling Gratie, leuke man. Dan vertelde hij hoe Gerbrandy aan het eind van de dag op zijn door het Rijk verstrekte dienstfiets stapte om op weg te gaan naar huis. Hij stepte een paar maal flink, om vaart te maken en slingerde dan met een grote zwaai zijn been over het zadel.

'Een paar meelezers zeiden: het gaat nergens over, schrap dat nou maar. Nee, zei ik, dat doe ik niet, ik vind het veel te leuk.'

Het eerste exemplaar van Eigen meester, niemands knecht wordt maandag in Den Haag aangeboden aan premier Rutte.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden