Column Tv-recensie

Bij Sporza neemt men dagelijks een voorschotje op de wereldtitel

Daar kreeg Jan Mulder zowaar opeens ruzie met Bob Peeters. Voor de rest zit de stemming bij Sporza erin.

In een gebouw ergens in Brussel wordt al enkele weken een man in gijzeling gehouden. Op een dieet van WK-wedstrijden wordt hij gedwongen alles te analyseren wat hem wordt voorgezet. Dit wordt gefilmd. Naar omstandigheden gaat het goed met hem.

Al een paar voetbaltoernooien achtereen zendt de Belgische publieke omroep VRT uit vanuit een studio op een veldje aan de Brusselse Reyerslaan. Buiten wordt voetbal gekeken, Jupiler gedronken en getafelvoetbald. Binnen wordt het WK ernstig en eindeloos besproken, tot zelfs de fanatiekste WK-o-fiel het wel voldoende vindt.

Met het toenemen van de kansen van de Rode Duivels neemt ook de zendtijd toe: inmiddels wordt elke wedstrijd zo’n vijf uur lang onafgebroken voor-, na- en tussenbeschouwd door een klein trosje analytici die er, nu de kwartfinales eraan komen, uitzien zoals je verwacht dat mensen er uitzien als je ze wekenlang uren achtereen naar voetbal laat kijken. En als alle analyses (en wedstrijden) achter de rug zijn, wordt er enkele minuten gepauzeerd en wordt alles – vanuit exact dezelfde studio, vanachter dezelfde tafel – onder een andere naam nog eens dunnetjes overgedaan. Dan heet het programma Villa Sporza en zakt ook de laatste kijker uitgeput weg.

De stemming zit erin. Met een aan overmoed grenzend zelfvertrouwen, dat de Nederlandse voetballiefhebber een vertrouwd gevoel moet geven, neemt men bij Sporza dagelijks een voorschotje op de wereldtitel. Vaste gasten in de kasachtige studio zijn Wesley Sonck (ex-Ajax), Geert De Vlieger (ex-Willem II), Dennis van Wijk (ex- Volewijckers), Bob Peeters (ex-Roda) en Youri Mulder (ex-Twente). De vrouwelijke inbreng komt van (ex-internationals) Heleen Jacques en Imke Courtois. Die laatste is al langer van de partij, maar brak vorige week ook eindelijk in Nederland door, toen ze bij de NOS het pincet ter hand nam waarmee ze elke wedstrijd tot in de kleinste vezel ontleedt. De algehele toon: opgewekt-ernstig.

En dan Jan Mulder. Erevoorzitter van de Bond der Voetbalanalytici. 73 is hij intussen en nog altijd vindt hij op een gemiddelde WK-dag méér zaken om zich over op te winden dan een ander mens in een jaar, nog altijd kan hij plots uitbarsten in een lyrische ode en af en toe werpt hij er een ongeduldig ‘Hè?’ tussendoor, een ‘Hè?’ waarin de echo van Nieuwoldase akkers doorklinkt. Altijd bereid het onverdedigbare te verdedigen, of het gewoon met alles oneens te zijn.

Maandag werd het ruzie. Tijdens een oeverloze analyse van België’s winnende doelpunt tegen Japan (in de dying seconds) maakte de anders zo olijke Bob Peeters een zure opmerking over Mulders achterhaalde voetbalideeën. ‘Dat is van een kinderachtigheid die hier niet gepast is’, mompelde Mulder. Hij keek oprecht gekweld. Even oogde hij zo oud als hij is, definitief ingehaald door de tijd.

Maar ik vermoed dat het de schrijver Mulder was die de analyticus te hulp schoot, want de schrijver weet dat er in een verhaal soms iets onverwachts moet gebeuren. Anders zakken de mensen maar weg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.