Tv-recensie Is er een dokter in de zaal?

Bij Is er een dokter in de zaal? wordt er wat afgelachen. Maar het is flauwekul op de automatische piloot

De panelshow. Bekende mensen aan een desk. Soms zitten ze, soms staan ze. Soms gaat het over iets juridisch, dan weer over taal, over de actualiteit, over leugens vertellen of over wetenschap. Wat ze gemeen hebben, is dat het onderwerp niet zo ter zake doet. Als er maar gelachen wordt.

Soms is die lach verdiend. Dan gebeurt er daadwerkelijk iets grappigs, of iemand zegt iets geks. Meestal is de lach gewoon een gegeven, zoals de studiolampen en een puntentelling die niemand kan schelen.

In een van zijn Houdt Het Voor Bekeken-shows (te zien op YouTube trouwens – dikke tip) – waarin de oogst aan Vlaamse films en tv-programma’s van het afgelopen seizoen vilein en komisch in kleine stukjes wordt gezaagd – zegt Xander De Rycke over een of andere lamlendige panelshow: ‘Weet je wat mij kwaad maakt op tv? Als ik zie dat mensen zich rot amuseren, en ik weet niet waaróm.’

Die emotie ervaar ik bij panelshows. De kandidaten lachen, het studiopubliek lacht, de presentator doet het bijna in zijn/haar broek, maar ik weet niet waaróm.

En nogmaals: soms werkt het. Gewoon, omdat mensen hun best doen er wat van te maken.

Gisteravond zag ik, op RTL4, Is er een dokter in de zaal?, een panelshow over medische zaken. Presentator was Philippe Geubels, comedian en zelf ervaren panelzitter. Er werd gespeeld in twee teams, met elk twee kandidaten: Arie Koomen en Kaj Gorgels namen het op tegen Jörgen Raymann en Erik Van Looy. Van Looy is een Vlaamse filmregisseur die er vermoedelijk zat omdat hij in de Vlaamse Slimste Mens de grappen over zijn uiterlijk van jurylid Geubels altijd zo gul giechelend incasseert.

Het spel begon. Er werden wat grappen verteld – waaronder eentje die ik me woordelijk herinnerde uit de Vlaamse Slimste Mens – en wat vragen beantwoord, maar er werd vooral ontzettend veel gelachen. Gegierd. Geschaterd zelfs. Zodra de lach even wegstierf in de holle leegte van het programma-idee, ving je, als je goed oplette, een glimp op van de harde werkelijkheid. In de ogen van Van Looy stond paniek te lezen, Koomen oogde als een man die zich realiseert dat hij zich toch wéér heeft laten overhalen en Gorgels keek zoals ik kijk als ik me op een naargeestig feestje afvraag wanneer ik naar huis mag.

Gelukkig is er dan Jörgen Raymann, later op de avond ook in het panel van Mag dat?! (NPO1), die dan altijd een grap paraat heeft. Jammer genoeg wel altijd dezelfde.

Misschien is dat wel wat me zo tegenstaat aan programma’s als deze: een groep mensen die daadwerkelijk iets kunnen, maar zich, eenmaal in een panel, beperken tot wezenloos gehinnik. Dat is geen ‘breed amusement’, dat is flauwekul op de automatische piloot.

Na een kwart aflevering kondigde Geubels plots een compilatie van hoogtepunten aan. Dat bleek een montage die volledig uit gehinnik bestond.

Het was de beste grap van de avond.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden