Bij De Freudjes, geen familie ontbreekt ontwikkeling

Eerder een leuke situatiekomedie dan een diepgaande tragikomedie. Niets mis mee, zeker niet omdat er erg goed wordt gespeeld. De tegen haar imago in ordinair acterende Schluter steelt de show in haar te korte rokje.

Beeld Sanne Peper

Zet drie zussen op het podium en je hebt een toneelstuk. Dat had Tsjechov in 1900 al bedacht toen hij zijn Drie zusters schreef. Ook recentelijk zijn er voorbeelden te over, zowel in het theater als in de film, met Woody Allens Interiors en Hannah and her sisters als de standaard. Ook toneelstukken als Augustus: Oklahoma van Tracy Letts en Het geheugen van water, waarin Tjitske Reidinga haar debuut maakte als megaster van het DeLaMar Theater, gingen over zussen en alles wat daarbij komt kijken. Vaak ook over hun moeders trouwens, die soms lijfelijk op het toneel aanwezig waren; soms op sterven na dood en ook wel eens morsdood.

Voor Mugmetdegoudentand schreef Joan Nederlof het toneelstuk De Freudjes, geen familie. Over drie zussen die samenkomen in het huis van de oudste, waar op de bovenverdieping hun moeder haar laatste dagen slijt. Of misschien ook niet, misschien is ze niet echt ziek maar dementerend. Daarover wordt geheimzinnig gedaan, zoals er wel meer haakt en schuurt aan de omstandigheden die Nederlof schetst. In wezen speelt De Freudjes, geen familie zich af in een vrij realistische setting, maar de schrijfster wil overduidelijk af en toe iets absurds toevoegen en de situaties laten kantelen, om het niet een al te gelikt well-made play te laten zijn.

Wat aanvankelijk doodnormaal lijkt - drie zussen komen samen om hun moeder op weg naar het einde te begeleiden - wordt allengs steeds maffer. Oudste zus Mathilde (Lineke Rijxman) blijkt sadistische neigingen te hebben. Ze giet hete thee over de één en stopt een hete knakworst in de mond van de ander. Anna (Ariane Schluter) is de middelste en een ietwat volks type, die al whatsappend de scheiding van haar man regelt en intussen in de schuldhulpverlening zit. De jongste, Renée (Karina Smulders), staat aan het begin van een glanzende medische carrière. Zij worstelt met datgene waarmee veel dertigers van nu worstelen: te veel zelfgenoegzaamheid en egoïsme, gekoppeld aan een chronische onzekerheid en dus nu al overspannen.

De Freudjes, geen familie. Door Mugmetdegouden-tand. Tekst: Joan Nederlof, regie: Lineke Rijxman. 16/3, De Toneelschuur Haarlem. Tournee.

Bij aanvang is de eerste fles wit al ontkurkt, in de koektrommel worden medicijnen verzameld voor de eventuele illegale euthanasie van moeder, van de antidepressiva lusten de dames zelf pap en diverse neurosen komen open en bloot te liggen. Nederlof wil veel zeggen over het moderne leven, maar maakt nauwelijks psychologische studie van haar personages (zie ook de titel van haar stuk).

Derhalve blijven de drie zussen Freudjes typetjes in een stuk dat eerder een leuke situatiekomedie is dan een diepgaande tragikomedie. Niets mis mee, zeker niet omdat er erg goed wordt gespeeld. De tegen haar imago in lichtelijk ordinair acterende Schluter steelt de show in haar te korte rokje, te krappe vestje en te grote mond. Veel vrouwen in het publiek moesten om haar lachen. Smulders is op het irritante af de verwende jongste en Rijxman angstaanjagend in haar morbide eenzaamheid. De scène waarin zij bijna een zenuwinstorting krijgt, is er een om niet snel te vergeten - doodeng en zeer geloofwaardig.

Van De Toneelschuur naar het grote Carré: wat zal dat doen met Kunsthart?

'Een geslaagde cabareteske voorstelling', schreef de Volkskrant over Kunsthart, de vorige productie van mugmetdegoudentand. In dit drieluik, geschreven door Nathan Vecht, kwamen uiteenlopende, bestaande personages bijeen: Wim Pijbes, Mariss Jansons, mevrouw Jansons, Armin van Buuren en Mark Rutte voerden gesprekken waarin het uiteindelijk ging over de Nederlandse volksaard en hoe we ons verhouden tot de kunst. Kunsthart werd vorig jaar geselecteerd voor Het Theaterfestival en komt wegens succes nog één keer terug: 27/5 in theater Carré in Amsterdam. Van de intimiteit van De Toneelschuur naar de tempel van het amusement - benieuwd.

In haar regie heeft Rijxman tempo en kluchteffecten gebracht, soms op het hysterische af, waardoor het gebrek aan ontwikkeling wordt gemaskeerd, zoals met enkele erg grappige scènes, zoals het maken van selfies op de bank en het serveren van een bespottelijke hoeveelheid borrelhapjes. Ook zijn er rake zinnen en dialogen:

Renée: 'O, ik kan soms zo verlangen naar een korenveld.'

Anna: 'Nou, geef mij meteen maar een fles jenever.'

Toch zit je aan het eind met het gevoel getuige te zijn geweest van een net niet gelukte therapeutische sessie. Nee, als recensent moet je nooit op de stoel van de makers gaan zitten. Maar als ik Nederlof was, had ik er op zijn minst nog een grande finale aan toegevoegd. Waarin de moeder naar het emotionele slagveld afdaalt en die drie irritante, zelfingenomen dochters van haar alle hoeken van de kamer laat zien. En tenslotte al die halve flessen wijn zelf leegzuipt. Wat zou dat een mooie rol voor Annemarie Prins zijn geweest!

Maar ik ben Nederlof niet. En die finale kwam er dus niet.

Jammer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden