Drama

Big Wednesday

Wetsuit, géén bikini

De surffilm kent een lange traditie, met aanstekelijke flutfilms waarin surfen bijzaak is. 'Blue Crush' lijkt daar gezien de ondertitel - drie babes, een passie, geen grenzen! - naadloos in te passen. Maar schijn bedriegt.

De zee dient in Costa! slechts als excuus om mooie jongens en meisjes schaarsgekleed in beeld te brengen. Het enige wat het water ingaat, zowel in de film als in de tv-serie, zijn luchtbedden en rubberboten. In Charlie's Angels Full Throttle staat engel Natalie Cook (Cameron Diaz) wel even op een surfboard, maar komt ze al snel het strand weer op zodat ze haar kleine witte bikini kan showen. Op het zonovergoten zand vol gebronsde jongelui schiet ze een hunk met een wasbordje aan. 'Sorry for breaking your stick. You know, when it's big like that, I'd just like to ride it rough and hard', zegt zij. Strand en surfboard als excuus om dubbelzinnigheden te debiteren.

De surf- en strandfilm kent een lange traditie, met aanstekelijke flutfilms als Muscle Beach Party, Bikini Beach en Beach Blanket Bingo, Frankie Avalon-vehikels uit de tijd dat Jan & Dean ('Two girls for every boy!') en The Beach Boys gouden stranden en blonde meisjes bezongen. Maar in Blue Crush lijkt daar gezien de ondertitel - drie babes, één passie, geen grenzen! - naadloos in te passen, maar schijn bedriegt: in van John Stockwell s film is surfen hoofdzaak. Als het er ruig aan toe gaat, draagt toptalent Anne Marie (Kate Bosworth) een wetsuit, géén bikini.


En ruig gaat het er aan toe in de pipe - de 'tunnel'. Zo ruig dat de amateurkampioen drie jaar geleden bijna verdronk, toen een vernietigende golf haar onder water sleurde, en met haar hoofd hard in aanraking kwam met het koraalrif.


In het scenario van Lizzy Weiss en John Stockwell vindt bij hetzelfde Hawaiiaanse strand de Pipe Masters plaats, een wedstrijd die wordt gevolgd door talentenjagers van vermogende surfteams, waarvoor Anne Marie zich een slag in de rondte traint. Op de spiegel boven de wastafel houdt ze met rode lippenstift bij hoeveel dagen het nog is tot De Grote Dag.


De training schiet er vaker bij in dan Anne Marie lief is; omdat haar moeder er om onduidelijke redenen vandoor is, moet de bruinverbrande blondine haar rebelse zusje opvoeden. Geld verdient ze door, samen met haar beste vriendinnen, kamers schoon te maken in een peperduur Hawaiiaans hotel. Daar ontmoet ze Matt, een knappe, stinkend rijke NFL-quarterback (American Football; nog zo'n voor Europeanen maar moeilijk te begrijpen Amerikaanse sport die nagelbijtend spannende films heeft opgeleverd).


Net als in zijn debuut crazy/beautiful stipt regisseur John Stockwell van alles aan, maar daar blijft het ook bij; zijn sport- annex coming of age-film is géén pamflet over klassentegenstellingen. Tegen een decor van zon, zee en babes volgt Blue Crush een vast stramien, bekend uit films als Rocky en 8 Mile: Anne Marie moet voordat ze de surfwedstrijd kan winnen eerst zichzelf overwinnen.


De grootste attractie van Blue Crush - gebaseerd op een artikel in Outside Magazine over een aantal arme surfmeisjes - zijn de spectaculaire surfopnamen, die 40 procent van de film beslaan. Ze zijn gemaakt, zo benadrukken de makers, zonder één blue screen- of watertankshot. Er werden cameramannen ingeschakeld die veel ervaring hadden op het water: Don King werkte mee aan Cast Away (Robert Zemeckis, 2000), Sonny Miller aan In God's Hands (Zalman King, 1998). Negenvoudig wereldkampioen body-boarder Michael Stewart maakte opnamen terwijl hij op zijn plank lag, met de camera tussen zijn ellebogen. Andere bekende surfers werken mee als dubbels in de zwaarste surfscènes, en zijn te zien als zichzelf in de wedstrijd. De crew verbleef maanden op Hawaï om op de juiste golfen te wachten.


Het resultaat is er naar. In de woorden van producent Brian Grazer (A Beautiful Mind, 8 Mile), zelf een enthousiast surfer: 'Wat Twister

voor de tornado, is Blue Crush voor de branding'.


De wateropnamen van het zomerse niemendalletje kunnen de vergelijking doorstaan met Big Wednesday, John Milius' surf-mijlpaal uit 1978. Destijds kon nog niet worden gerekend op satellietbeelden en voorspellingen van meteorologische diensten; Milius, zelf een ervaren surfer, moest op zijn gevoel afgaan. Dat was niet zonder gevaar: een cameraman werd bijna verpletterd toen hij opnamen in de 'tunnel' maakte. Met die beelden moest de regisseur het doen; een tweede keer durfde de cameraman de branding niet in.


In Big Wednesday spelen drie jongens uit Los Angeles de hoofdrol, bruine hunks met blonde haren. Zij zijn de helden van het strand; ze worden vol bewondering 'de pioniers van de moderne stijl' genoemd. De vrienden consumeren grote hoeveelheden bier en marihuana, en genieten van stevige knokpartijen. Op de achterbank hebben ze seks met mooie meisjes.


Maar het is niet alleen maar 'vrijheid, blijheid'; de Vietnam-oorlog is nadrukkelijk aanwezig, en zorgt ervoor dat de jongens mannen worden, en vriendschappen onder druk komen te staan.


Milius schreef ook het scenario van Apocalypse Now, allesbehalve een surffilm, maar Francis Ford Coppola's klassieker uit 1979 bevat wel een van de meest memorabele (surf)scènes uit de filmgeschiedenis, bedoeld om de bravoure en krankzinnige moed van luitenant-kolonel Bill Kalgore te illustreren.


Tussen de mannen van Benjamin Willard (Martin Sheen) heeft Kilgore (Robert Duvall) Lance Johnson ontdekt, een bekende surfer. 'Ik bewonder je nose riding', zegt Kilgore. 'En je cut back is de beste van allemaal.' Johnson moet een demonstratie geven. Terwijl de bommen naast hem inslaan, vraagt iemand Kilgore of ze het niet beter ergens anders kunnen proberen. 'Wat weet jij van surfen', riposteert hij bits. 'Jij komt uit New Jersey!'


Terwijl twee van zijn eigen mannen - Mike uit San Diego en Johnny uit Malibu - zich in de branding wagen, geeft Kilgore opdracht de Vietnamesen naar het stenen tijdperk te bombarderen. En spreekt hij, met zijn handen in de zij de legendarische woorden: 'Napalm, son. Nothing else in the world smells like that. I love the smell of napalm in the morning.' Maar de napalm zorgt voor 'collateral damage': de luchtdrukverplaatsing is funest voor de golven. Tot grote opluchting van soldaat Johnson; een surfheld is nog geen oorlogsheld.


Apocalypse Now komt niet voor op de aanbevolenlijstjes van surfers; Blue Crush en Big Wednesday, die in 1978 genadeloos werd gekraakt en hopeloos flopte, wel. 'Ik heb intens genoten van de vette onderwatershots (echt freaky shit) en shots van de pipe van bovenaf. Blue Crush is echt helemaal te gek', staat op een site met beste surfmomenten. En: 'De film heeft bijna geen goede recensies gekregen, maar who cares... er zit surfen in!' Zo is het precies; Blue Crush is de ideale zomerzotheid.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden