Bezonken

Het werk van de Fries-Nederlandse dichteres Albertina Soepboer (1969) is moeilijk onder één noemer te vangen. Het is beeldend, maar niet verhalend. Het zit strak in de vorm, maar kent geen hoofdletters of punten en veel zinnen breken halverwege af. Het lijkt in een doorgaande stroom op papier gezet en toch is er diep over nagedacht.

Vier jaar na de tweetalige bundel de trektocht komt Soepboer met een Nederlandse bundel, bezonken. In drie lange hoofdstukken, elk voorafgegaan door een opmaat van vier gedichten onder de noemer 'dieplood', beschrijft ze de zoektocht naar een verdwenen nederzetting, 'slechts een uur/ gaans van het gebulder op de vloedlijn'.

De storm die het dorp verzwolg, omschrijft Soepboer als een engel die 'van zijn ladder afdaalde'. Een bakker met 'de koffierand/ rond zijn mond' ziet de ladder opdoemen en niet veel later ziet een visser op zijn beurt de bakker voorbijkomen, 'drijvend op zijn rug, haar lippen bloedrood'. Naar wie het woordje 'haar' verwijst, wordt niet duidelijk.

Het thema van 'de reis' is een constante in het werk van Soepboer, al gaat het nooit om een reis met een duidelijk begin- en eindpunt. Wel is er een zeker tijdsverloop. Om de vier gedichten staat er een witte of een zwarte cirkel boven aan de pagina, als teken voor volle of nieuwe maan.

Het blijft gissen wat hier de betekenis van is en of dat symbool een relatie heeft met het eronder staande gedicht. Maar misschien is dat wel wat deze gedichten willen laten zien, dat ook de geschiedenis haar eigen getijwerking kent.

De bundel van zestig verzen van elk vijf regels is te lezen als één lang gedicht, waarin de ik-figuur langzaam opgaat in een onzichtbare wereld, en andersom. Land is zee geworden, zee is land geworden, de ik en de jij-figuur vormen in de tweede helft een wij, suggererend dat hier ook sprake kan zijn van een liefdesgedicht.

De innerlijke wereld die Soepboer beschrijft, is niet eenvoudig te betreden, maar omdat ze het zo nuchter doet, raak je meer en meer gefascineerd. En als de emotie dan aan de oppervlakte komt, dan is het ook raak: 'je moet niet geloven aan dit daglicht/ maar kamers betreden, deuren rukken/ tot ik godvergeten naar de kelder zink.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.