BoekrecensieDe kloof – Een weekend

Bevreemdende, exotische novelle van 94-jarige debutant Dorothea Tanning ★★★★☆

Pas op 94-jarige leeftijd debuteerde kunstenaar Dorothea Tanning als auteur. Haar exotische novelle over een waanzinnig weekend op een ranch was het wachten waard.

Beeld Tzenko

Geheel passend bij haar status als surrealistisch kunstenaar debuteerde de Amerikaanse schilderes Dorothea Tanning op 94-jarige leeftijd als auteur met de novelle Chasm. Dat was in 2004. Ze zou daarna nog zeven jaar leven. Maar voor een ontdekking is het nooit te laat  het verhaal over de excentrieke dikzak en rijkaard Meridian die voor een weekend een aantal gasten heeft uitgenodigd in Windcote, zijn aparte landhuis aan de rand van de woestijn in Arizona, verdient die kennismaking, wat des te gemakkelijker wordt door de zojuist verschenen Nederlandse vertaling De kloof.

Dat woestijnhuis was geen verzinsel. Tanning was tussen 1946 en 1976 de echtgenote van de surrealist Max Ernst en in de jaren vijftig woonden ze een tijdje in Sedona, inderdaad aan de rand van de woestijn in Arizona, met uitzicht op de rode aarde, rotsen en kloven. Een plek waar je goed gek kunt worden of je dromen uitleven, zonder dat er een haan naar kraait.

Meer dan een halve eeuw schijnt Tanning met dit verhaal bezig te zijn geweest. Dat zegt, behalve over haar schrijftempo, ook iets over de betekenis die het voor haar had. ‘Alles is hier anders’, krijgen de stelletjes te horen die door Meridian zijn uitgenodigd op zijn immense ranch, een ‘ongemakkelijke amalgaam van architectonische grillen’. Op de eerste verdieping heeft Meridian het meisje Destina (7) – moeder dood, vader onbekend – en de gouvernante Nelly ondergebracht, en dan is er ook nog de oude barones die als een orakel af en toe een raadselspreuk debiteert: ‘Stoot je teen tegen een struikelsteen en ween.’

Van het geïnviteerde mooie meisje Nadine laat Meridian al snel de lange blonde lokken afknippen, omdat hij daarop zijn zinnen had gezet. Of is dat een voorproefje en wil hij daarna meer van haar? Dan zal hij eerst haar verloofde Albert Exodus van haar zijde moeten krijgen. Dat lijkt te lukken als Albert lange tijd naar boven verdwijnt, gehypnotiseerd door Destina’s ogen en door de verzekering van het kind dat haar beste vriend een leeuw is waarmee ze geregeld in de canyon speelt. Wil Albert dat niet ook eens meemaken?

Dorothea Tanning en haar echtgenoot Max Ernst in de tuin bij hun huis, 1961.Beeld Getty

‘Ik was met een leeuw aan het spelen’, zegt hij, verlaat aan het diner beneden verschijnend, nog diep onder de indruk van wat hij heeft gezien en gehoord. Niemand reageert verbaasd, want men begrijpt dat het een spel is. Maar Exodus weet beter en Destina weet dat hij een nieuwe vriend is, anders dan veel andere volwassenen. Voor haar zijn vijanden ‘degenen die zijn opgehouden met kind zijn’.

De droomachtige sfeer, de bevreemding, aantrekkelijk en potentieel sinister, heeft allen in de greep en dirigeert deze vertelling, met een plastiek waarin Tanning aan F. Bordewijk doet denken. Haar mensen beschrijft ze als levende voorwerpen, zoals in deze karakteristiek van het echtpaar Ralph en Maya Vine: ‘Nu hij dichterbij was, kon hij hen zien. Vine: besnord, rood gezicht, ogen die diep onder de borstels van zijn wenkbrauwen waren geplant, de vrouw vlezig-fragiel, ronde ogen en duidelijk bijeengehouden door ingenieuze bandjes, spelden, elastiek en een ongetwijfeld ijzeren wil.’ De man had bovendien een gezicht ‘als een logo dat zichzelf adverteerde’.

De woestijn ligt als een rode schreeuw achter de woning, en als Albert ’s nachts aan zijn kortgeknipte meisje Nadine de leeuw wil laten zien en de twee er met paarden op uit gaan, naar de kloof, voelt niet alleen de smachtende gastheer Meridian (die ‘schimmelachtige woekering van glimmend vlees’) zich op zijn zachtst gezegd ongerust.

Niet alle personages halen het einde van De kloof in levenden lijve. Volgens inleider Hans den Hartog Jager kan Tannings boodschap zijn dat we onze dromen en fantasieën moeten delen, en dus niet in een duistere uithoek wegstoppen. Dat is maar de vraag. Dorothea Tannings exotische vertelling laat zien dat schoonheid en wreedheid zich soms dicht bij elkaar bevinden en dat het verkennen van grensgebieden zo verleidelijk kan zijn dat het een groot offer waard is. De overlevenden, die na dit waanzinnige weekend weer de doodgewoonheid in moeten, zou je immers net zo goed slachtoffers kunnen noemen. 

Dorothea Tanning: De kloof – Een weekend 
Uit het Engels vertaald door Annelies de Hertogh en Els de Roon Hertoge. Orlando; 175 pagina’s; € 21,50.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden