Bettie Serveert klinkt ingetogen op eigen label

Bettie Serveert: Private Suit. Palomine...

Een beetje wrang is het wel. Juist nu het Amerikaanse avontuur op een mislukking is uitgelopen en de groep weer terug bij af is, maakt Bettie serveert een van de beste platen uit z'n carrière. Het pleit voor het doorzettingsvermogen van het gezelschap rond zangeres-gitariste Carol van Dyk. Het songmateriaal op Private Suit, dat op het eigen label Palomine verschijnt, is wat ingetogener en beheerster dan voorheen.

Van Dyk is gegroeid als zangeres: haar vertolkingen hebben meer diepte gekregen. Dat valt des te meer op door de productie van P.J. Harvey-gitarist/componist en producer John Parish, die de Bettie Serveert-sound mooi transparant heeft vastgelegd. Dat hij zich tot in het laatste stadium van het productieproces - het masteren - met Private Suit bemoeide, zegt veel over zijn betrokkenheid.

XTC: Apple Venus, vol 2. Cooking Vinyl.

XTC is terug, en dat zullen we weten ook. Na het vorig jaar verschenen Apple Venus part 1, later gevolgd door een (enigszins overbodige) uitgave met demo-versies van die plaat, is er nu Apple Venus 2. Dit album is de tegenhanger van de bijna geheel akoestische voorganger en laat het duo - zanger-gitarist Andy Partridge en bassist-zanger Colin Moulding - horen zoals ze twintig jaar geleden klonken in de meest succesvolle XTC-periode. Met mooi heldere, intelligente gitaarsongs in de beste Britpoptraditie, een term die toen nog bedacht moest worden. Wie bij het vorige album vreesde dat XTC zijn scherpe, energieke kant verloren had, kan opgelucht ademhalen. Apple Venus 2 brengt het XTC-oeuvre weer mooi in evenwicht.

Popa Chubby: How'd a White Boy Get the Blues? Dixiefrog.

Omar & The Howlers: Live At the Opera House, Austin, Texas. Provogue.

T-Model Ford: She Ain't None of You'rn. Epitaph.

Blues en bluesrock ploeteren intussen onverstoorbaar verder. Zeker in het live-circuit, waar iemand als Popa Chubby het al een aantal jaren goed doet. How'd A White Boy Get the Blues? is een nieuwe proeve van bekwaamheid van deze uit de kluiten gewassen New Yorkse bluesrocker met de gruizige stem en een stevige, publieksvriendelijke bluesrocksound.

Omar Dykes draait al wat langer mee. Met zijn groep Omar & The Howlers heeft hij de nodige succesvolle Nederlandse tournees op zijn naam staan. Op het podium is Dykes op zijn best, zoals valt te horen op Live At the Opera House, Austin, Texas, een oude registratie (1987), maar zanger-gitarist en band zijn zo goed op dreef dat het zonde was geweest als deze opnamen op de plank waren blijven liggen.

T. Model Ford is de enige zwarte bluesmuzikant in dit rijtje, en verreweg de oudste. In een aantal opzichten is zijn sound ook de puurste, al was het maar omdat hij zijn stem en elektrische gitaar slechts door een drummer laat begeleiden. Op She Ain't None of You'rn brengt hij de blues terug tot zijn essentie. Jon Spencer bestudeerde die oude bluesmannen goed: ook zijn Blues Explosion, die eenzelfde rauwe bluessound nastreeft, werkt zonder bassist.

Darren Emerson: Uruguay. Zomba.

Goede timing. Kort na het bericht dat dj Darren Emerson de groep Underworld heeft verlaten, verschijnt een mix-cd onder zijn eigen naam. Darren Emerson: Uruguay lijkt een vreemde titel, maar het dubbelalbum maakt deel uit van een serie van het label Global Underground, die grote namen uit de Engelse dance combineert met hot spots uit het internationale nachtleven. Paul Oakenfold werd gecombineerd met Oslo, John Digweed met Sydney, Sasha met Ibiza. En Emerson, de veertiende dj in het rijtje, kreeg Uruguay toegewezen.

De opnamen zijn gewoon in Engeland gemaakt, de sfeer is wel Zuid-Amerikaans. Emerson vertaalt het broeierige van latin party's naar een lekker losse house-set in een tempo dat wat lager ligt dan de muziek van Underworld. Zijn voormalige groep schittert daarin door afwezigheid, toch is goed te horen hoe mooi zijn warme, groovy sound paste bij die van Rick Smith en Karl Hyde.

In een collage van klassiekers (Lil' Louis' French Kiss) en nieuw werk (Tall Stories van Chaser) toont Emerson zich als altijd een smaakvol dj, die zijn platen eerder uitkiest op sound en melodie dan hitgevoeligheid. Hij blijft ook ver van de in Engeland nog altijd dominerende trance-sound. Sterker nog, de enige plek waar de term trance opduikt is in de bijdrage van een gezelschap dat zich Anti Trance Terrorists noemt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden