Benjamin Herman: 'Mijn doel was niet beroemd worden, maar werken als muzikant'

Wat betekent het om nu man te zijn? Saxofonist Benjamin Herman (49): 'Er is niemand leuker dan mijn vrouw.'

Benjamin Herman: Als iets verkeerd gaat, hoeft dat niet te betekenen dat iemand iets verkeerd heeft gedáán Foto Imke Panhuijzen

Jazzsaxofonist Benjamin Herman (49) toert al dertig jaar langs podia over de hele wereld, maakte tientallen platen en won drie Edisons. Ter ere van zijn 50ste verjaardag brengt hij binnenkort drie nieuwe soloalbums uit.

Wat heeft u van uw moeder geleerd?

'Discipline. Ze is 86, maar gaat nog als een speer. Als voorzitter van een 50-plussersclub moet ze onder andere de jaarcijfers opstellen. Daar heeft ze geen zin in, maar ze doet het toch.'

Op haar 86ste.

'Dat bedoel ik. Ik ben trots op haar. Ze heeft altijd doorgezet. Ons verleden valt in twee delen uiteen. Toen mijn oudere zusje op haar 13de dodelijk verongelukte, veranderde alles. Het huwelijk van mijn ouders heeft die klap niet overleefd. Ze scheidden, mijn vader en oudere broers en zus verhuisden. Eerst waren we thuis met zijn achten, daarna waren mijn tweelingbroer, mijn moeder en ik nog maar met zijn drieën. Zij heeft niet bij de pakken neergezeten. Niet zeuren, was haar houding.

'Ik werd geboren in Noord-Londen, waar mijn vader rabbijn was van de synagoge van Southgate. Elke vrijdag en zaterdag stond hij op het podium en mochten mijn broer en ik backstage. We kenden alle kruip-door-sluip-doorroutes, op feestdagen waren wij er als eersten. Het leuke aan religie is dat het eigenlijk één groot familiefeest is. Ik herinner me de geuren van de lekkere gerechten tijdens de sjabbes, de kip met roast potatoes op zaterdagmiddag. Wij waren een leuk gezin.

'Op mijn 8ste verhuisden we naar Zaandijk. Daar is het ongeluk gebeurd. Ze fietste door rood licht, op de Rijksweg. De jaren daarna waren een wazige warboel. Het was zwemmen of verzuipen. Mijn vader kwam eerst nog in de weekends om ons te zien, toen ik tiener was, werd het contact een tijd minder. Met hem verdween ook de religie uit ons huis. Ik kreeg een drumstel. Daar kon ik op rammen.'

Benjamin Herman 

1968 Geboren in Londen 1976 Verhuisd naar Nederland 1991 'Wessel Ilcken Prijs' beste jonge Nederlandse muzikant 1992 Cum laude afgestudeerd aan het Hilversum Conservatorium 1993 Manhattan School of Music, New York 1993 Oprichting New Cool Collective 1991-2017 Tientallen albums, solo en met New Cool Collective (en met o.a. Paul Weller, Matt Bianco, Tony Allen) 2000, 2005 en 2008 Edison Music Award 2008 en 2017 Bestgeklede man (Esquire Magazine) Voorjaar 2018 Viering 50ste verjaardag met drie nieuwe albums.

Uw redding.

'Zeker weten. De muziek was een manier om mij een weg te banen. Sociaal was ik niet zo handig. Ik zat niet op hockey, droeg niet de juiste trui met de juiste krokodil, maar dankzij de bandjes waarin ik speelde, kreeg ik vrienden. En zodra ik op het schoolfeest mijn saxofoon uitpakte, riepen meisjes: 'Hé, wat leuk.'' (Lacht.)

Wat vond u van die meisjes?

'Vreemde wezens. Ik was doodsbang voor ze. Wat moest je nou tegen zo iemand zeggen? O nee! Ze komt deze kant op! (Maakt wegduikende beweging.) Van dat jagen op meisjes heb ik nooit de lol gezien. Ik ben er gewoon niet zo'n kei in. Mijn tweelingbroer was handiger dan ik. Op feestjes sta ik het liefst naast de ijskast biertjes uit te delen. Ik vind het fijn om een taakje te hebben.'

Kon u met die vreemde wezens uiteindelijk toch door één deur?

'Met sommige wel, ja. Vanaf mijn 17de kreeg ik vriendinnetjes, maar mijn relaties zijn niet altijd even goed gegaan. Als je pas om vier uur 's nachts thuiskomt, naar sigaretten en drank stinkt en weer saxofoon wilt studeren zodra je wakker wordt, leidt dat tot problemen. De muziek is hoofdzaak voor mij.'

Uw huidige vrouw begrijpt dat?

'Caat snapt dat de muziek mijn werk is. Zij heeft haar appartement in Rotterdam, ik in Amsterdam. (Tijdens het interview appt zij over schone overhemden die hij 's avonds nodig heeft, DH.) Ze zit niet te wachten op een gozer die op de bank met zijn hand in zijn joggingbroek tv zit te kijken en ik vind het fijn om na een optreden thuis nog een drankje te nemen zonder dat ik iemand wakker maak. Wij hebben altijd veel zin om elkaar te zien. Maar als ik een tijdje bij haar ben geweest, vindt ze het soms wel fijn als ik ook weer even wegga.'

Heeft u ooit vader willen worden?

'De behoefte aan een gezin was er nooit en door een operatie is voor mijn vrouw besloten dat het niet kon. Het is moeilijk als dat buiten je macht gebeurt, maar we wilden geen leven waarin we zielig zouden zijn omdat iets níét kon. We zijn juist dingen gaan doen die niet kunnen als je wél kinderen hebt, zoals veel reizen. De maatschappij masseert je de kant van een gezin op, maar ik mis het niet.'

Is er één ware liefde?

'In de afgelopen achttien jaar heb ik nooit iemand ontmoet die ik leuker vond dan mijn vrouw. Ze is optimistisch, doet nooit moeilijk. Ze lijkt af en toe net een soort gozer.'

Hoezo een gozer?

'Omdat ze niet snel op haar teentjes getrapt is. Maar nu ik dit zeg, besef ik dat veel gozers wél snel op hun teentjes getrapt zijn, dus ik neem het terug.'

Is monogamie natuurlijk?

'Als ik in de verleiding kom, denk ik: leuker dan met Caat wordt het toch niet. Vreemdgaan geeft narigheid. Van mannen die op mijn leeftijd plotseling gaan denken dat ze weer 17 zijn, is nog nooit iets goeds gekomen. Het lijkt me ook vreselijk om tegen mijn vrouw te moeten liegen.'

Wanneer is uw succes begonnen?

'Tijdens mijn opleiding in New York hoopte ik ontdekt te worden, maar dat was moeilijker dan ik dacht. Alles draait daar om de grootheden; wie daar niet bij hoort, moet sappelen. Dan heb ik liever mijn eigen bandje in Nederland. In de jazz komt de roem langzaam, maar na jaren doorbeunen, krijg je een trouw publiek. Ik heb nooit in de top-40 gestaan, maar treed wel bijna elke avond ergens op.'

Voelt het alsof u in de hemel bent, als u speelt?

'Soms gaat alles vanzelf, denk ik aan niets anders en vraag ik me na afloop verdwaasd af: wat is er gebeurd? Maar dat gebeurt een paar keer per jaar. Meestal is het ploeteren. Spelen is een strijd.'

Wat houdt u dan allemaal bezig?

'Wat er misgaat, of kan gaan, waarom iemand in het publiek zuur staat te kijken, dat ik te veel lasagne heb gegeten. Mijn hoofd is zelden stil, ik oordeel hard over mezelf. Van het spelen met Paul Weller (Britse muzikant van The Jam en The Style Council, DH.) heb ik geleerd dat je productiever wordt als je meer toelaat. Zonder hard oordeel is meer mogelijk. Dat inzicht was bevrijdend voor me. Sindsdien sluit ik vooraf niets meer uit. Easy listening kan ook mooi zijn en ik ben nu bezig met een punkplaat.'

U bent populair in Japan.

'Ik ben gek op dat land. Zelfs de meest vrije vogels gedragen zich daar aanvankelijk formeel. Die zorgvuldige, wellevende manier waarop de mensen daar rekening met elkaar houden, spreekt mij aan. Ik ben Japans aan het leren.'

U bent bijna 50. Vreest u de aftakeling?

'Ik ben daarmee nogal hard geconfronteerd toen ik een paar jaar geleden alopecia kreeg (plotselinge zware haaruitval, DH.). Hele plukken haar vielen ineens van mijn hoofd. Iedereen zei: je werkt te hard, hebt te veel stress. Maar het kwam door de malariapillen die ik had geslikt. Toen ik een hoed op deed, vroeg iedereen dáár weer naar. Alles ging alleen nog maar daarover, zodat ik op een gegeven moment maar liever niet meer naar buiten ging. Tot het na twee jaar zomaar overging.

'Het was een vervelende ervaring, maar ik heb er ook iets van geleerd. Namelijk dat je niet alles in de hand hebt. Als iets verkeerd gaat, hoeft dat niet te betekenen dat iemand iets verkeerd heeft gedáán. Sindsdien voel ik me nederiger, relaxter en gelukkiger.'

Bent u ijdel?

'Ik vrees van wel. Niet ten koste van alles, maar goede kleding vind ik fijn. Ik ben er steeds wijzer in geworden. Van Esquire heb ik twee Best Geklede Man-awards gekregen. Als ik een stijl heb, ligt de bron daarvan in de tijd van de ska-revival: Madness en The Specials.'

Draagt u altijd een das?

'Als ik met vakantie ben, draag ik soms een T-shirt, omdat het een beetje overdreven is in vol ornaat een berg op te wandelen. Maar liefst draag ik een das. Als je saxofoon speelt, is het ook praktisch. Een boord verdeelt het gewicht aan je nek.'

Journalist en schrijver Daniela Hooghiemstra interviewt voor de Volkskrant bekende mannen over wat het betekent man te zijn anno nu.