Bekende wereld maar zelden afgebeeld

Fotografie..

Antwerpen Hoe kunnen Afrikaanse fotografen hun continent nog in een nieuw licht laten zien? Er is al zoveel gefotografeerd – nieuwsfoto’s, natuurfoto’s, fotoreportages. Grote westerse fotografen wonnen er prijzen mee. Afrika is fotogeniek in zijn schoonheid en met zijn gruwelijke oorlogen. Armoede in Afrika is bijna een fotogenre op zich geworden. Afrikanen willen breken met wat zij zien als de fotoclichés over hun levens. Hoe de jonge fotografen dat proberen te doen is elke twee jaar te zien op de fotobiënnale van Bamako, de hoofdstad van Mali. De selectie uit najaar 2009 is nu voor het eerst dichtbij te zien: in het fotomuseum van Antwerpen.

De exposite biedt een indrukwekkende staalkaart, én de worsteling van de fotografen. Van sommige foto’s straalt een zekere vermoeidheid af, weer een heel gezin met bagage op een scooter, scheepswrakken, drugsverslaafde jongeren. Andere fotografen zoeken een uitweg door het medium te manipuleren. Daarin gaat Nestor Da (Burkina Faso) het verst: hij maakte gefotografeerde collages met verf, gescheurd papier en foto’s. Het zijn aantrekkelijke ‘schilderijen’ met een sarcastische ondertoon. Op ‘Identy’ staan twee jonge mannen als gearresteerden, handen op de rug, gezicht tegen een geschilderde muur. Op Charity bedelen gehurkte kinderen met een emmer door een hekwerk.

Nog directer werkt Robert Mafuta (DR. Congo). Hij liet een model poseren in fotocartoons, met vlaggen en politieke omslagdoeken als achtergrond. Barthélémy Toguo (Kameroen) zette een model in een maatpak achter een microfoon voor een kaart van Afrika en gaf die foto de titel Stupid African president 2. Op een andere foto zit het model in een olievat met een lege waterfles in zijn mond: Afrika oil? Grappig, maar meer illustraties voor bij een tijdschriftartikel dan een blijvend boeiend beeld in een museum.

Dan werken de geabstraheerde collages van kleine foto’s beter, zoals de patronen van Mouna Jemal Siala (Tunesië), die doen denken aan kleden en sjaals, maar van dichtbij blijken te bestaan uit aan elkaar geplakte en gespiegelde fotootjes. Of de wand met polaroids van Saïdou Dicko (Burkina Faso): World Mosaïc. Op die fotootjes zijn alleen de schaduwen van mensen en dieren te zien, van elk een stuk of vijf zodat de suggestie van beweging ontstaat. Het geheel maakt een dansend patroon, van dichtbij toont elk beeldje de werkelijkheid zoals we die vaak zien, omdat onbekenden vaker langs elkaar heen kijken naar de schaduwen dan recht in het gezicht. Een bekende wereld, die zelden wordt afgebeeld en daardoor vreemd lijkt. Dicko laat raden naar de taferelen uit het Afrikaanse leven die bij die schaduwen horen.

Op en rond de biënnale was veel discussie over de rol van deze kunstzinnige variant van de fotografie. De fototentoonstelling wordt toch vooral bezocht door westerlingen: de sponsoren, westerse fotografen en diplomaten van de ambassades die het geld voor het festival fourneren. De Franse culturele ontwikkelingshulp heeft een grote invloed. Het is dezelfde discussie als over de Afrikaanse film en ook moderne beeldende kunst: de Afrikaanse kunstenaars veroveren eindelijk een plaatsje op het wereldtoneel, maar raken vervreemd van het publiek thuis. De regering van Mali doet er van alles aan om de eigen burgers naar de foto’s te trekken, maar ook afgelopen najaar lukte dat slecht, zoals was te zien in de VPRO documentaire van fotografe Sofie Knijff. (Die film wordt nu in het Antwerpse museum getoond.)

Eigenlijk alleen in Zuid-Afrika bestaat een flink publiek, omdat de goed opgeleide en artistiek geïnteresseerde elite daar groter is dan elders in Afrika (en er minder van hen naar het Westen zijn vertrokken). De Zuid-Afrikaanse fotografen kunnen voortbouwen op zeker een halve eeuw gevarieerde geschiedenis van toonaangevende fotografen – deels groot geworden als chroniqueurs van de apartheid – een afgrijselijk maar ook meeslepend foto-onderwerp. Het sociaal-realistische zwartwit werk van Jodi Bieber is een ode aan haar voorgangers, alleen fotografeerde zij nu de razzia’s op Mozambikaanse illegale werkzoekers in het nieuwe Zuid-Afrika. Een nieuwe trend zet haar landgenote Zanele Muholi met kleurrijke portretten van prachtige, excentrieke homoseksuelen. Fraaie foto’s, en tegelijk zeer politiek: ze bestrijdt een dodelijk taboe in Afrika.

Al met al laten toch de ‘gewone’ foto’s de meeste indruk achter. George Osodi (Nigeria), die nu internationaal furore maakt, schoot een reportage over reinigingsrituelen tegen hekserij. Een hand met een mes snijdt door een vogeltje. Mohamed Bourouissa fotografeerde jongeren van de banlieues van Parijs, onder elkaar. Het zijn intrigerende beelden van binnenuit vastgelegd, zoals je ze heel weinig ziet. Uche Okpa Iroha (Nigeria, winnaar van de grote prijs van de biënnale) bivakkeerde tussen de daklozen onder een brug. Vanuit één positie schoot hij steeds een andere persoon op de voorgrond, een vader met vier kinderen, een bloot kind, een jonge man met een geit, een zwierige vrouw in prachtige jurk. De personen zijn onscherp, want het focus ligt op de achtergrond: zo te zien een winkeltje, een kroeg. Hier wordt geleefd, plezier gemaakt. Hoe zou dat gaan?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden