Bedrijven veel actiever op sociale netwerken

Boekenverkoper Bol.com is het meest actief op sociale netwerken, gevolgd door Rabobank en HEMA. Dit blijkt uit Social Media Monitor, die donderdag is gepresenteerd.

Van onze verslaggeefster Heleen van Lier

Sociale media zijn volgens de monitor definitief doorgebroken bij bedrijven. In 1,5 jaar tijd is het actieve sociale-mediagebruik bij de honderd bedrijven die het meest adverteren toegenomen van 14 procent naar 67 procent.

De Social Media monitor , voor de derde keer uitgevoerd door adviesbureau Social Embassy, meet niet alleen de aanwezigheid op de netwerken, maar deelt ook punten uit voor de mate van interactiviteit en de hoeveelheid informatie die wordt gegeven. De top-100 bedrijven zijn op alle sociale netwerken actiever geworden. De aanwezigheid op Twitter is gestegen van 23 merken in oktober 2009, naar 39 merken op dit moment. Ook YouTube en LinkedIn worden door 39 merken uit de top 100 ingezet. Het aantal weblogs dat door de merken wordt onderhouden is vervijfvoudigd (van 2 naar 10) en Facebook kent een stijging van 100 procent, van 6 merken vorig jaar naar 12 merken dit jaar. De aanwezigheid van merken op Hyves is licht gestegen van 16 naar 17 merken.

Geen doel op zich

Netwerken als Facebook, Twitter en Hyves groeien nog maand na maand. Volgens Social Embassy is dit van grote invloed op de relatie tussen en merk en de doelgroep. Zo deelt een derde van de actieve twitteraars meningen met anderen over bedrijven en bouwen veel consumenten zelf communities op rond merken. Volgens de oprichter van Social Embassy Steven Jongeneel is de inzet van social media dan ook geen doel op zich. Hij ziet dat bedrijven er actief zijn om een aantal redenen, zoals marketing, nieuwe doelgroepen aanboren of het contact met bestaande klanten intensiveren. Bol.com heeft zijn omzet uit sociale media flink zien groeien. Computerverkoper Dell zegt zelfs 6,5 miljard dollar omzet uit sociale netwerken te krijgen.

Minder concreet resultaat, maar zeker niet minder waardevol, krijgen dienstverleners uit sociale netwerken. Deze gebruiken Twitter en andere netwerken vooral voor reputatiemanagement. Zo wil NS volgens Jongeneel het sentiment beïnvloeden. ‘Niemand zegt er iets van als de trein op tijd rijdt, maar als er een situatie is, dan hebben mensen het hoogste woord’, aldus Jongeneel. De NS zoekt hierom op Twitter naar mensen die over de NS twitteren en reageert daar op. Zo Twitterde Stefan Goemans donderdag: ‘Wat zijn dit voor slechte grappen van de NS? Met 5 km/h de laatste honderd meter voor 'n station rijden.’ De NS reageerde hier vrijwel direct op met: ‘Wij zouden ook graag doorrijden, maar dan moeten we wel ruimte krijgen van Prorail.’ Goemans gaat als tevreden klant naar huis. Hij antwoordt: ‘Oke, ja, had de schuld eigenlijk bij Prorail moeten neerleggen maar heb m'n bus gehaald, dus ik klaag al niet meer’. En even later: ‘Ik geef een klaagtweet over de NS en de NS reageert er direct op. Goede ontwikkeling!’

Niet aan de orde

Volgens Gerjan Vasse, communicatiemanager bij de NS, is niet aanwezig zijn op sociale netwerken geen optie voor de NS: ‘ Duizenden mensen hebben dagelijks met de NS te maken en uiten hun gevoelens, ervaringen en belevenissen met NS via social media.’

Belangrijker dan de groei, is volgens de Social Embassy de professionalisering van de inzet van sociale media. Sociale media krijgen bij steeds meer bedrijven een vaste plek, bijvoorbeeld door een Social Media Manager aan te stellen. Jongeneel vindt dit een goede ontwikkeling. ‘ Sociale media zijn geen makkelijk trucje of de heilige graal voor bedrijven. Er gaat veel tijd en inspanning inzitten.’ Maar die inzet betaalt zich volgens Jongeneel uit: ‘ Sociale media stellen merken in staat beter en succesvoller te worden.’

Foto: Colourbox Beeld
Foto: Colourbox

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden