Bed uit de Slaapkamer belandde in Boxmeer

Het moet het beroemdste bed zijn uit de geschiedenis van de schilderkunst: het bed van Vincent van Gogh, door de schilder vereeuwigd in het meesterwerk de Slaapkamer. Waar dat schilderij is, weten we; het bekendste (er zijn er drie van) hangt in het Van Gogh museum in Amsterdam. Maar waar het bed zelf gebleven is, dat was onduidelijk.

Een van de meest beroemde schilderijen van Van Gogh: de Slaapkamer. Het bed blijkt in Boxmeer beland te zijn. Beeld Van Gogh Museum

Tot nu toe dan. Want een onderzoek van de Britse Van Gogh-expert Martin Bailey, geholpen door Nederlandse (amateur)historici leidt tot de conclusie dat het bed ergens in de Brabantse plaats Boxmeer terecht moet zijn gekomen. En misschien dat het daar nog ergens is. 'Een verlokkende gedachte', aldus Bailey.

Van Bailey verschijnt aanstaande donderdag Studio of the South: een boek over de jaren van Van Gogh in het Zuid-Franse Arles. Tijdens zijn research stuitte de Brit op een passage uit een brief van Vincent Willem van Gogh (een neef van Vincent de schilder) uit 1937 aan een museumdirecteur in Arles die een Van Gogh-museum wilde opzetten. Mocht het zover komen, dan had Vincent Willem ook nog wel het bed van het beroemde schilderij in de aanbieding, schreef hij terloops.

Dat wekte zijn nieuwsgierigheid, zegt Bailey telefonisch vanuit Londen. 'Het was nooit bij me opgekomen dat er nog ergens meubels van Van Gogh zouden zijn.' Want we hebben het natuurlijk niet over zomaar een bed, maar over het ledikant waarin een van de grootste schildergenieën zijn nachten doorbracht. Dan ligt een hype op de loer; alles wat Van Gogh heeft aangeraakt krijgt de glans van zijn roem.

'Daar is waar de jacht begon', zegt Bailey. Die start in Arles waar Van Gogh het bed in 1888 kocht van een lokale ambachtsman voor 150 francs - een fiks bedrag in die tijd. Het was een degelijk bed van grenenhout. Tweepersoons, wat suggereert dat Van Gogh 'de stille hoop had dat een vrouw zijn bed zou delen', schrijft Bailey.

Van Gogh schetste zijn slaapkamer in een brief aan Paul Gauguin, een bevriend schilder.

Vincent zelf was er volgens hem blij mee. 'Het was waarschijnlijk het eerste serieuze meubelstuk dat hij voor zichzelf kocht.' Daarvan getuigen niet alleen de schilderijen, die Van Gogh tot zijn beste werk rekende, maar ook een brief aan zijn broer en mecenas Theo. Daarin schrijft hij enthousiast over de 'botergele' kleur van het hout en de 'kalme, solide' uitstraling van het meubelstuk.

Uiteindelijk zou hij er maar 140 nachten in slapen - tot zijn vriend Paul Gauguin hem erin vond met een afgesneden oor. Van Gogh werd opgenomen en verhuisde naar Auvers waar hij op 27 juli 1890 overleed, vermoedelijk door zelfmoord.

Het bed reisde hem achterna: van Arles naar Auvers en na de dood van Vincent naar het appartement van zijn broer Theo in Parijs. Diens echtgenote Jo Bonger nam het bed na Theo's dood mee naar Bussum waar ze een pension begon en haar gasten in het beroemde bed liet slapen. Op het laatst stond het in haar huis in Laren.

Daar liep het spoor dood, tot de nu 94-jarige Johan van Gogh aan Bailey vertelde dat zijn vader Vincent Willem, een zoon van Theo en Jo, het bed na de oorlog in een hulpgoederenkonvooi had meegegeven naar een plaats 'ergens in de buurt van Arnhem'.

Bailey zocht contact met een Larense historicus, Teun Koetsier, die wist te vertellen dat er op 6 september 1945 een transport van vijftien vrachtwagens van Laren naar Boxmeer was gegaan, volgeladen met huisraad: bedden, meubels, kleding.

Dat ging in het kader van de operatie HARK (Hulpactie Rode Kruis), vertelt Koetsier. Daarbij hielpen gemeenten die redelijk goed door de oorlog waren gekomen plaatsen die minder geluk hadden gehad zoals Boxmeer. Het bed moet wel in dat transport hebben gezeten, zegt Koetsier. 'Het was namelijk hét transport.'

Die aanname werd bevestigd toen Peer Meurkens en Jan Tunnissen, leden van de historische kring in Boxmeer, met een foto op de proppen kwamen waarop is te zien hoe een stapel bedden klaar staat voor transport. 'Toen ik die naar Bailey stuurde, kreeg hij bijna een orgasme', zegt Meurkens. De Brit is ervan overtuigd dat het lichte bed op de foto Het Bed moet zijn. 'Ik ben er voor 99,9 procent zeker van; alles klopt.'

(Tekst gaat verder onder de afbeelding.)

De Hulpactie Rode Kruis (HARK)

Bevrijd Zuid-Nederland was door de Duitsers berooid achtergelaten: veel huizen waren leeggeroofd of kapot geschoten. Een plaats als het Brabantse Boxmeer lag van september 1944 tot maart 1945 in de frontlinie toen de geallieerden via de Maas een doorbraak probeerden te forceren naar het Ruhrgebied. Inwoners werden geëvacueerd. Toen ze terugkwamen, bleken hun huizen leeggeroofd. Niet alleen door Duitsers, ook door geallieerden.

Onder het motto Noord helpt Zuid zette het Rode Kruis hulpacties op waarbij geteisterde gebieden werden geholpen voor plaatsen die het minder zwaar te verduren hadden gehad. Die plaatsen werden door het aan elkaar gekoppeld. Een van die koppels was het Noord-Hollandse Laren dat in september 1945 een konvooi met hulpgoederen stuurde naar Boxmeer: vijftien vrachtwagens volgeladen met huisraad, kleding en meubels. Op foto’s uit die tijd is te zien hoe vrachtwagens met het opschrift ‘Laren helpt Boxmeer’ in Brabant aankwamen. De bevolking van het dorp is er voor uitgelopen.

Vermoedelijk heeft het bed van Van Gogh nog jarenlang dienst gedaan op een Boxmeerse slaapkamer, denkt Tunnissen.

Hier is waar de speurtocht voorlopig eindigt: in de woonkamer van Meurkens in Boxmeer. Want waar het bed ná die tijd gebleven is weet niemand. De uitdeling van goederen in Boxmeer verliep tamelijk chaotisch, nergens is bijgehouden wie wat heeft meegekregen.

Vermoedelijk heeft het bed van Van Gogh nog jarenlang dienst gedaan op een Boxmeerse slaapkamer, denkt Tunnissen. 'We hebben nog wel oudere mensen uit die tijd gesproken.' Niemand die zich een grenenhouten bed kon herinneren.

De kans bestaat dat het bed nog ergens op een zolderkamer in Boxmeer staat. Maar voor hetzelfde geld is het bed allang met het grofvuil mee gegeven. 'Misschien dat iemand zich meldt nu het in de publiciteit is gekomen', zegt Meurkens. 'Al hadden we er maar een foto van.' Zo niet, dan hebben we altijd nog een schilderij.

De Slaapkamer

De Slaapkamer is de titel van drie vrijwel identieke schilderijen die Van Gogh in 1888 schilderde tijdens zijn verblijf in het Gele Huis in het Zuid-Franse Arles. Er zijn drie versies van. Een is te zien in het Van Goghmuseum in Amsterdam, de andere twee hangen in het Musée d'Orsay in Parijs en in het Art Institute of Chicago.

De schilderijen tonen de slaapkamer van Van Gogh met prominent in beeld, een tikje kinderlijk uitvergroot, het bed van 'botergeel' grenenhout dat hij in 1888 voor 150 frans had gekocht bij een lokale ambachtsman. Van Gogh was zelf erg ingenomen met zijn schilderij. 'Het is een van mijn beste', schreef hij in 1889 aan zijn broer Theo.

Aan zijn schildersvriend Paul Gauguin beschreef hij de kleuren die hij had gebruikt: het heldere botergeel van het bed, het kussen en de lakens bleekgroen, de beddensprei bloedrood. Het was ook in dit bed dat Gauguin Van Gogh vond toen hij zijn oor af had gesneden, badend in bloed. Het schilderij is populair omdat het een inkijkje geeft in de persoonlijke levensomstandigheden van Van Gogh.

De Slaapkamer die in het Van Gogh museum in Amsterdam hangt is in 2010 gerestaureerd, waardoor de oorspronkelijke kleuren meer tevoorschijn zijn gekomen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden