Boekrecensie

Beatrice de Graaf maakt een veelzijdige analyse van wat terroristen beweegt ★★★★☆

Hoe komen mensen tot een terroristische daad? Hoogleraar Beatrice de Graaf ging in gesprek met meer dan twintig veroordeelden. In een belangrijke, nauwgezette studie laat zij zien waarom het antwoord op de vraag niet eenduidig is.

null Beeld Deborah van der Schaaf
Beeld Deborah van der Schaaf

Stel, een journalist neemt de moeite door middel van interviews de levensverhalen van een aantal wegens terrorisme veroordeelde jonge mannen op te tekenen. Waarin zou dat resulteren? Waarschijnlijk in een prachtige reeks artikelen, eenmaal per week in – bijvoorbeeld – de bijlage V van de Volkskrant.

Boeiende gesprekken zouden het zijn, stuk voor stuk. De interviewer zou empathische vragen stellen, alles in een poging de geïnterviewde uit te dagen zo veel mogelijk van zijn ervaringen, gevoelens en beweegredenen prijs te geven. Het gaat om zijn verhaal, immers.

Ongetwijfeld zouden de getuigenissen overeenkomsten vertonen, maar de auteur zou haar best doen in zowel de gesprekken als de uitwerking ervan een zo groot mogelijke afwisseling aan te brengen. Herhaling en een gevoel van ‘dat weten we nu wel’ liggen immers op de loer. Acht interviews zou de reeks daarom tellen, op z’n hoogst.

Een interessant project zou het in elk geval worden, niet meer en niet minder. Welke waarheid zou de lezer uit de verhalen moeten destilleren, welke nieuwe inzichten? Dat zou aan de lezer zijn, niet aan de interviewer. Die heeft met het voorbereiden, voeren en tekstueel verwerken van de gesprekken haar werk gedaan.

Nauwgezette analyse

Beatrice de Graaf is een paar flinke stappen verder gegaan. Zij heeft gesproken met 23 veroordeelde terroristen, de meeste in Nederland, enkele in Indonesië. Ook sprak ze met een groot aantal mensen uit de directe omgeving van de daders. Verder deed De Graaf, hoogleraar aan de Universiteit Utrecht, alles wat een wetenschapper behoort te doen aan archiefonderzoek. De literatuurlijst aan het eind van Radicale verlossing is zo lang dat de lezer het boek geïmponeerd sluit.

De levensverhalen heeft zij vervolgens aan een nauwgezette analyse onderwerpen, teneinde er trends en patronen uit te destilleren. Met als centrale vraag: wat beweegt mensen ertoe om met geweld en ten koste van mensenlevens bepaalde politieke of religieuze doelen te willen verwezenlijken?

Die vraag wordt uiteraard vaker gesteld, maar veel te vaak oppervlakkig of eendimensionaal beantwoord. Zo zijn er mensen die ‘de islam’ als voornaamste verklaringsgrond van jihadistische terreur zien. Islamexpert Hans Jansen schoof bijvoorbeeld tot zijn overlijden in 2015 geregeld aan in talkshows om een paar oorlogszuchtige passages uit de Koran te citeren, en dat was het dan. Terrorisme verklaard! Anderzijds wordt de keuze voor jihadisme soms gezien als direct gevolg van uitsluiting en discriminatie.

Beide benaderingen schieten tekort, zegt De Graaf. Ze hebben te weinig aandacht voor de factoren die de betrokkenen er daadwerkelijk toe brengen te kiezen voor de gewapende strijd, ook in hun eigen ogen. Conclusie van de auteur: ze doen dat omdat ze hun leven praktische zin willen geven.

Levenspad, milieu, samenleving

Dat is echter een keus die gemaakt wordt in diverse contexten, door haar slim onderverdeeld in drie niveaus: micro, meso en macro. Micro is het levenspad van de latere dader. Zijn – vaak gefnuikte – loopbaan op school en werk, zijn eventuele strafblad, zijn huiselijke situatie, zijn maatschappelijke vooruitzichten. Meso is het milieu waarin hij leeft, vooral in godsdienstige of politieke zin, het netwerk van vrienden. De macrocontext is die van de samenleving, variërend van een democratische rechtsstaat tot de wetteloosheid van crisisgebied.

Religie speelt wel degelijk een rol, stelt De Graaf, maar niet als simpele oorzaak-en-gevolg van het dogma. Veel meer gaat het om wat zij de praxis noemt, de bijna fysieke vervulling van een aantal met de dikste viltstift opgetekende godsdienstige noties. Wat betreft de jihadisten komen die veelal neer op ‘knip-en-plaksalafisme’. De meeste hebben nauwelijks benul van wat de Koran behelst.

null Beeld Deborah van der Schaaf
Beeld Deborah van der Schaaf

Centraal in het boek staat – de titel zegt het al – de ‘verlossing’, een begrip uit het christendom dat verwijst naar boetedoening, het betalen van een prijs om verlost te worden van het kwaad. ‘De notie van verlossing keert in alle vormen van terrorisme terug’, schrijft De Graaf. Zij sprak ook enkele rechts-extremisten en bestudeerde de RAF, de IRA en de vroege anarchisten.

Treurigheid

In merkwaardig contrast met dat verheven begrip staat de bijna miezerige treurigheid van veel levensverhalen. Kleine criminaliteit sijpelt overal doorheen en de meeste daders hebben een verleden als blower. Het adagium ‘Een tevreden roker is geen onruststoker’ wordt met het boek flink gelogenstraft.

Miezerig is ook de afloop van het radicale avontuur. Vrijwel altijd eindigt dat met gevangenschap, spijt en ontgoocheling. Of de dood. Bijna hilarisch, als het niet zo gruwelijk was, is het lot van de Belgische Ashraf, die naar Syrië afreisde, via een tunnel de Turks-Syrische grens passeerde en toen hij boven de grond kwam ogenblikkelijk op een mijn stapte.

Dat contrast is echter schijn. De moorddadige idealen van de terroristen zijn zo ambitieus dat ze wel móéten mislukken, zo wordt duidelijk uit De Graafs onderzoek. Dat is het grote belang van dit boek. Niet eerder nam iemand de moeite diepgaand met zo veel terroristen te spreken en hun verhalen aan een systematische analyse te onderwerpen. Petje af.

Inspannend lezen

De analytische zorgvuldigheid stelt de lezer soms op de proef. Radicale verlossing zit ergens tussen een sociaal-wetenschappelijk werk en een publieksboek in. De Beatrice de Graaf die op radio en tv complexe zaken glashelder uiteenzet, had iets meer coaching kunnen geven aan de Beatrice de Graaf die achter haar bureau een omvangrijk onderzoek in zo’n 350 pagina’s moest persen.

Maar goed, ook van de lezer mag enige inspanning worden verwacht. En gelukkig is ze wel zo behulpzaam om in een leeswijzer aan te geven dat drie theoretische hoofdstukken desgewenst ‘door de oogharen’ gelezen kunnen worden. Waren alle auteurs van pittige non-fictie maar zo genereus.

null Beeld Prometheus
Beeld Prometheus

Beatrice de Graaf: Radicale verlossing – Wat terroristen geloven. Prometheus; 304 pagina’s; € 29,99.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden