NieuwsVerkoop kunstwerken

Baltimore Museum stopt verkoop schilderijen na protest uit museumwereld

Het Baltimore Museum of Art heeft op het laatste moment de veiling van drie kunstwerken – van Andy Warhol, Clyfford Still en Brice Marden – afgelast. Het museum wilde met de opbrengsten diversiteit versterken en personeel beter betalen.

Brice Marden, ‘3’ (1987-1988).Beeld The Baltimore Museum of Art

In de Amerikaanse museumwereld was luid geprotesteerd tegen de voorgenomen verkoop van de werken om nieuwe aankopen te financieren, het diversiteitsbeleid te kunnen versterken en het personeel beter te betalen. Volgens critici lijdt het museum schade als het de collectie aantast door belangrijke werken af te stoten. 

De beslissing om de veiling van de werken door Sotheby’s niet te laten doorgaan kwam vier uur na een pleidooi van prominenten uit de Amerikaanse museumwereld en na overleg met de Amerikaanse museumalliantie. In een brief aan het Baltimore Museum riepen vijftien museumdirecteuren op de verkoop te staken. Onder hen zijn Matthew Teitelbaum, directeur van het Museum of Fine Arts in Boston en Timothy Rub, directeur van het Philadelphia Museum of Art.

Er is al langer ophef rond de verkoop van de drie werken, waaronder het beroemde The Last Supper van Warhol. Volgens voormalige toezichthouders en donateurs is er sprake van belangenverstrengeling, omdat een deel van de opbrengst van de verkoop zou gaan naar het salaris van het personeel. Een meesterwerk als The Last Supper is volgens voormalig museumtoezichthouder Laurence J. Eisenstein van cruciaal belang voor de collectie van het Baltimore Museum of Art.

Volgens de toezichthouders is het werk van Still een schenking van de kunstenaar zelf en is zijn kunst schaars in de museumwereld. Daarnaast is de verkoop van het werk Marden volgens de toezichthouders onethisch, omdat de kunstenaar nog leeft. De verkoop van een werk van een levende kunstenaar zorgt ervoor dat zijn kunst in het algemeen in waarde daalt op de kunstmarkt, terwijl het museum in Baltimore claimt kunstenaars te steunen, aldus de briefschrijvers.

Vanwege de coronacrisis zijn de regels van de Amerikaanse museumalliantie rond de verkoop van de eigen collectie versoepeld. Tot voor kort mochten musea alleen verkopen als ze nieuwe werken aankochten. Om musea financieel tegemoet te komen is dit niet langer een eis.

Volgens directeur Christopher Bedford is het Baltimore Museum financieel gezond en gaat het bij de verkoop van de drie werken om het rechtzetten van systematisch racisme in het collectiebeleid. De collectie zou te weinig in evenwicht zijn wat betreft het aantal werken van vrouwelijke kunstenaars en kunstenaars van kleur. Een deel van de opbrengst van de veiling zou gaan naar de aankoop van diverse kunst, het andere deel naar nieuwe initiatieven rond diversiteit en inclusie.

Ondanks de afgelaste veiling gaat het museum door met zijn streven naar meer diversiteit. ‘Dit is van groot belang in de huidige context van Baltimore, een bijna geheel zwarte stad’, aldus het instituut. ‘Onze missie is niet veranderd, het zal langer duren voordat wij dit gaan bereiken, maar wij zullen koste wat kost doorgaan.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden