Baie mooie nuwe woorden

Op de zuidpunt van Afrika leeft een verdwaald familielid van de Nederlandse taal, en dat lid heeft het moeilijk. Baie moeilijk....

Hans Moleman

Toch zijn er nog ruim vier miljoen Afrikaanstaligen - vooral blanken en kleurlingen, bij elkaar eentiende van de bevolking - die deze expressieve variant van het Nederlands levend houden. Het feit dat Afrikaans geen verplicht vak meer is op school en op universiteiten en bij officiele instanties steeds meer wordt overvleugeld door het Engels, heeft al tot de sombere voorspelling geleid dat de taal over een jaar of tien op sterven na dood zal zijn.

Zuid-Afrika kent tal van groeperingen die zich sterk maken voor het behoud van het Afrikaans, maar een groot probleem is dat de taalkwestie soms nauw verbonden is met raciaal geklaag. En dat helpt niet bepaald bij de strijd, zoals Jakes Gerwel, de kabinetschef van oud-president Nelson Mandela, onlangs fijntjes aangaf in het opinieblad Insig.

'Daar is 'n onverfynde brutaliteit, amper 'n agterlikheid, aan die gedurige aggressiewe bitterbekkigheid en kleinlike keffery wat ongelukkig nog deur te veel toonaangewende en beeldvormende Afrikaanse forums gevoerd word', poneerde Gerwel, die zelf Afrikaanssprekend is. Terwijl het Afrikaans volgens hem juist een rijke, wellevende taal kan zijn, ook in het nieuwe Zuid-Afrika.

Hij heeft de Kaapse uitgeverij Pharos in elk geval aan zijn zijde. Die bracht vorige maand een nieuw woordenboek uit, dat een klein monument mag heten van de overlevingsdrang van het Afrikaans. Want net als het Nederlands wordt het Afrikaans steeds meer geïnfiltreerd door Engels idioom, maar anders dan in Nederland stellen de taalschatbewaarders in Zuid-Afrika zich heel wat minder meegaand op.

Afrikaners weigeren bijvoorbeeld al vele jaren hardnekkig computer te zeggen. Computer heet in het Afrikaans rekenaar. Zoals een laptop een skootrekenaar is. In het Nuwe Woorde, zoals het verse woordenboek heet, wordt die vertaaltrend koppig voortgezet. Dat levert een boeiende verzameling nieuwe woorden op.

Bij de liefhebbers heeft het Afrikaans al een zekere reputatie als wieg van originele termen; een taal die prachtwoorden vindt als bitterbek (iemand die teleurgesteld is), milkshake herdoopt tot melkskommel, een rimpelkop een plooipaleis noemt en een alleenstaande moeder een enkelma.

Nuwe Woorden voegt daar een mooie reeks aan toe. Gettoblaster heet voortaan blerboks, bungeejumpen rekspring, een tv-junk een kassiekneg, de beau monde wordt meervoud in blinkvinke, een pr-man is een beeldpoetser, een gigolo een bedjonker, een skinhead een skeerkop, een asset stripper een batestroper, junkmail gemorspos en een headhunter een roofwerver.

Ook uit het Nederlands zijn woorden geleend, aldus redacteur Madeleine du Plessis. Zo is een baggy trouser is een flodderbroek geworden en een matchmaker een huwelijksmakelaar.

Zouden vondsten uit het verre Afrika een kans maken in Nederland? Tot dusverre niet, getuige de onlangs verschenen nieuwe Van Dale, waarin de nieuwe woorden vooral Engels-achtige trendwoorden zijn. Maar niets hindert ons enkele pareltjes uit het Afrikaans op te stoten naar de volgende editie van het Groot Woordenboek der Nederlandse Taal. Zodat we volstrekt legaal tegen elkaar kunnen zeggen: hé plooipaleis, ben je een bitterbek omdat je alleen maar gemorspos krijgt? En geef die enkelma een melkskommel! Klinkt toch prachtig?

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden