filmrecensie Baantjer het begin

Baantjer het begin gaat van veelbelovend, strak verteld verhaal naar een onduidelijk, afgeraffeld geheel ★★★☆☆

De film vormt de aftrap voor een nieuwe televisiereeks. 

Waldemar Torenstra en Tygo Gernandt. Beeld Setfoto

Baantjer het begin

Detective

Regie Arne Toonen.

Met Tygo Gernandt, Waldemar Torenstra, Lisa Smit, Loes Luca.

111 min., in 134 zalen.

Appie Baantjer (1923-2010) schreef zo’n zeventig detectiveromans over Jurre de Cock, rechercheur bij het Amsterdamse politiebureau Warmoesstraat. Baantjer werkte daar zelf ook en putte dus uit eigen ervaring, al verzon hij er heel wat moordzaken bij. Elk boek draaide om een of meerdere moorden, niet zelden op prostituees.

De verhalen sloegen zo aan dat een succesvolle televisieserie volgde. Na twaalf goed bekeken seizoenen werd de laatste aflevering eind 2006 uitgezonden. Het lijkt nog wat vroeg voor nostalgie, maar RTL en Videoland vonden het tijd om Baantjer nieuw leven in te blazen. De film Baantjer het begin vormt de aftrap voor een nieuwe televisiereeks, die later dit jaar te zien zal zijn.

De Cock is in Baantjer het begin een stuk jonger dan de door Piet Römer gespeelde, knorrige hoofdpersoon van de oude Baantjer-serie. Eind dertig is hij, net overgeplaatst uit Urk, midden in het verdorven Amsterdam van 1980. Daar vinden de voorbereidingen plaats voor de kroning van Beatrix in het Paleis op de Dam, op scherp gezet door krakersrellen en de dreiging van een aanslag.

Het is een levendige, interessante achtergrond voor een speurdersverhaal en regisseur Arne Toonen (Black Out, De Boskampi’s) weet er in de eerste helft van zijn vierde speelfilm het maximale uit te halen. Alles was vies in de jaren tachtig, in elk geval in het door Tonen neergezette tijdsbeeld, dat overtuigend rauw is. Zowel de krakers als de politieagenten zijn kleurrijke, net niet karikaturale types, die het allemaal niet zo nauw nemen met de wet. Natuurlijk duikt er ook een lijk op, dat door De Cock uit de gracht wordt gevist. Het is een kraker, afgaand op zijn kapsel.

Waldemar Torenstra zet een degelijke, maar ook wat fletse De Cock neer – al kan het zijn dat hij vooral saai afsteekt tegenover Tygo Gernandt, die zich als de amicale Amsterdamse rechercheur Tonnie Montijn over nieuwkomer De Cock ontfermt. Gernandt, altijd nogal machtig aanwezig, houdt zich ook dit keer niet in. Met een vet Amsterdams accent en ingewikkelde jarentachtigtruien loopt hij er fraai verlept bij; elke scène waarin hij te zien is, fleurt ervan op.

Tot plotseling de rek uit de film gaat en zelfs Gernandt en zijn truien het niet meer kunnen goedmaken. Het is een wonderlijke overgang, alsof alle inspiratie op was bij de scenarioschrijvers. Van een veelbelovend, strak verteld verhaal wordt Baantjer het begin een onduidelijk, afgeraffeld geheel, vol onthullingen die allang geen verrassing meer zijn, en verrassingen zonder logica. Zo is deze vlot geregisseerde Baantjer-update maar half geslaagd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden