Beeldvormers Azza Abo Rebieh

Azza Abo Rebieh overleefde detentie door Assads wrede geheime dienst: dit is wat haar ogen zagen in de cel

De rubriek Beeldvormers onderzoekt hoe een foto onze kijk op de werkelijkheid bepaalt. Deze week: Vrouwen in Syrische gevangenschap.

‘We steunen elkaar voordat we worden ondervraagd.’ Beeld Azza Abo Rebieh

Deze etsen baseerde Azza Abo Rebieh op de schetsen die ze in Syrische gevangenschap maakte. Ze komen uit haar boek Traces.

Begin deze week was Syrië – eindeloze herhaling – weer in het nieuws. Het regime-Assad toont zich van een schijnbaar nieuwe kant. Het openbaart lijsten van in de oorlog opgepakte burgers die hun gevangenschap niet hebben overleefd. Van het ene moment op het andere veranderen familieleden van vaak jaren geleden verdwenen Syriërs in nabestaanden – ze zien de naam van een vermiste op zo’n lijst. Er komt een einde aan alle onzekerheid, hun wereld stort in. Er volgt geen uitleg over de doodsoorzaak. Er is meestal geen graf, geen dode.

De beweegredenen van het regime om impliciet toe te geven dat uit zijn naam is gemoord, worden door politiek deskundigen geduid zonder dat die uitsluitsel geven. Eén vermoeden voor de plotselinge openheid is dat Assad zich zó sterk voelt dat zelfs de dodenlijsten zijn overwinningsroes niet temperen. Degene die een oorlog wint, schrijft de geschiedenis. Het moorden in zijn gevangenissen is bijkomende schade in de strijd.

‘Ze sloegen haar tot ze een miskraam kreeg.’ Beeld Azza Abo Rebieh

Juist het idee dat de overwinnaar zich de geschiedenis van Syrië kan toeëigenen, wil kunstenaar Azza Abo Rebieh (38) bestrijden met de grootste kracht die ze heeft: haar talent. De activist werd in 2015 opgepakt en opgesloten in een van de beruchte detentiecentra van de geheime dienst – de plekken waar duizenden zijn verdwenen. Zeventig dagen verbleef ze daar ter ondervraging, samengepakt in een cel met vijftien vrouwelijke lotgenoten in afschuwelijke omstandigheden. Zoals bij vrijwel alle vrouwen was ook haar arrestatie willekeurig, er waren ook oude vrouwen van het platteland en kinderen, die allemaal werden beschuldigd van terrorisme – de routine van een terreurbewind.

‘Ik heb daar één tekening gemaakt’, vertelt Abo Rebieh. ‘Een ondervrager die wist dat ik kunstenaar ben gaf me potlood en papier en dwong me haat te tekenen. Ik tekende een oude, tandeloze man die een vogel fijnkneep.’ De ondervrager was onder de indruk. ‘Wow, dit zijn wij! Dit dóén wij’, zei hij tegen Abo Rebieh. ‘Ik was bang, dus zei ik: dit ben jij niet hoor, dit is iemand anders.’ De bewaker antwoordde: ‘Nee hoor, dit is wat wij doen. We weten het, we zijn er blij mee.’ Vervolgens wees hij naar de fijngeknepen vogel: ‘En dat zijn jullie.’

Na ruim twee maanden werd Abo Rebieh overgeplaatst naar een officiële gevangenis, waar de omstandigheden enigszins normaliseerden. Gevangenen mogen er soms bezoek ontvangen, post, voedsel. Zij kreeg ook potlood en papier, en begon lotgenoten te tekenen. ‘Er waren geen spiegels in de gevangenis, dus velen waren heel nieuwsgierig hoe ze eruit zagen. Soms zei iemand: teken me wat minder vermoeid dan ik nu ben, het gaat nu niet zo goed met me. Natuurlijk deed ik dat, ik wilde ze wat hoop geven in die zware omstandigheden.’

Veel schetsen die Abo Rebieh in de gevangenis maakte, bleven achter bij de geportretteerden. Maar een aantal nam ze mee toen ze na tien maanden werd vrijgelaten naar het buitenland, waar ze nu nog steeds woont en werkt. Nu staan de schetsen aan de basis van de etsen die ze maakt over de gevangen vrouwen van Syrië. Krachtige portretten, ondanks de misère, geïnspireerd door de Spaanse schilder Goya – in de ogen van de vrouwen schuilen soms de angst, wanhoop en waanzin die Abo Rebieh herkent op zijn De slaap van de rede brengt monsters voort (1799). ‘De geschiedenis van Goya herhaalt zich’, zegt Abo Rebieh.

Met haar werk maakt zij een duistere wereld zichtbaar waar geen fotograaf toegang toe heeft. ‘De wereld moet weten wie degenen zijn die Assad terroristen noemt en tegen wie hij zijn oorlog voert. Ik wil mijn herinneringen aan de gevangenis vastleggen, vertellen over de vrouwen en kinderen over wie niemand iets weet.’

‘In 2013 werd een terreurrechtbank ingesteld om de wereld ervan te overtuigen dat Syrië terrorisme bestrijdt.’ Beeld Azza Abo Rebieh
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.