Boekrecensie Psychotherapie

Autobiografie van ‘wonderdokter’ Van Renterghem is terecht aan de vergetelheid ontrukt ★★★★☆

Beeld Olivier Heiligers

Van plattelandsarts tot pionier in de Nederlandse psycho­therapie: de bijzondere autobiografie van Albert Willem van Renterghem is terecht aan de vergetelheid ontrukt.

Op 15 augustus 1887 gluren twee heren nerveus naar buiten door de kieren tussen de gordijnen in de voorkamer van een pand aan het Singel in Amsterdam. Zou er wel iemand komen? Beide mannen zijn arts: de 42-jarige Albert Willem van Renterghem en de 27-jarige Frederik van Eeden. Tegen het raam staat een wit karton met de mededeling dat patiënten op werkdagen van elf tot drie voor een ‘behandeling door hypnotisme’ bij de dokters terechtkunnen.

Even na elven loopt een man zoekend op en neer langs het huis en belt aan. Zou hij voor de kleermaker komen van wie ze de etage huren? ‘Nee, stellig niet’, constateert Van Eeden, ‘het is een eenvoudige werkman.’ En hij heeft gelijk, ze horen de man bij de voordeur naar de heren doktoren vragen en zien hem even later binnenstappen: hun eerste patiënt. Of hij ook werkelijk door hypnose wordt genezen, meldt de historie niet, wel dat Van Renterghem ’s avonds aan zijn vrouw in Goes kan telegraferen dat er die dag vijf patiënten zijn geweest. ‘De dag erna kon ik er acht, de dag later tien, vervolgens negen, zestien, twaalf, vijftien, melden.’ En daarmee is de eerste psychotherapeutische praktijk in Nederland een feit.

Van Renterghem (1845-1939) schreef in de laatste decennia van zijn leven een 1.389 pagina’s tellende autobiografie waarvan in totaal slechts honderd exemplaren in druk verschenen. Zo ontsnap je natuurlijk niet aan de vergetelheid en de naam Van Renterghem doet dan ook bij nog maar een enkeling een belletje rinkelen. Dat is te weinig eer voor een plattelandsarts uit Zeeland die naar Frankrijk reisde om de daar ontdekte hypnose zelf te leren toepassen, Carl Jung in Zwitserland opzocht om zich in de psychoanalyse te bekwamen en gewapend met deze nieuwe vaardigheden in Nederland de psychotherapie aanslingerde. Het door de Zeeuwse schrijver Rinus Spruit samengestelde De wonderdokter brengt Van Renterghem terecht opnieuw onder de aandacht. Spruit, bekend van romans als De rietdekker en Broeder, schrijf toch eens, stuitte in het gemeentearchief van Goes op de lijvige autobiografie. Hij was verbaasd over de onbekendheid van zijn bijzondere provinciegenoot en zette zich aan het schrappen en selecteren. Van de 1.389 pagina’s hield hij er 200 over, die hij samenvoegde tot een vertelling die opmerkelijk compleet aandoet.

Beeld Cossee

Machteloos

We maken kennis met de dokter op het moment dat hij zijn tijd als scheepsarts afsluit en zich als huisarts in Zeeland vestigt, aanvankelijk op het platteland en een paar jaar later in Goes, waar hij de praktijk van zijn vader overneemt. Het zijn geen gemakkelijke tijden voor artsen. Tegenover veel ziekten staan ze machteloos door het ontbreken van antibiotica, insuline, doeltreffende verdovingsmiddelen en de erbarmelijke hygiënische omstandigheden van de meeste patiënten.

Machteloos voelt Van Renterghem zich het meest wanneer zijn eigen dochtertje kroep krijgt en door verstikking dreigt te overlijden. Als hij de noodzakelijke snee in haar luchtpijp maakt, een operatie die noch door hemzelf, noch door zijn vader, noch door de te hulp geroepen collega ooit is uitgevoerd, ziet hij haar onder zijn handen sterven. Het zal hem zijn leven lang niet meer loslaten. Troost bieden zijn drie zoontjes. En afleiding dient zich aan als Van Renterghem een artikel leest over de Franse arts Liébeault, die zijn patiënten met behulp van hypnose geneest. Tijdens een bezoek aan deze arts raakt hij begeesterd: ‘Dankzij Liébeault had ik een nieuw wapen leren kennen, een wapen in al zijn eenvoud krachtiger in de strijd tegen ziekten dan menig stoffelijk middel: het gesproken woord.’

Pionier

Een hardhorende man met een terugkerende pijn op de borst is de eerste die hij – noodgedwongen bijna schreeuwend – in eigen praktijk onder hypnose geneest. Veel successen volgen en zijn faam als wonderdokter bereikt de net afgestudeerde arts en schrijver Frederik van Eeden. Van Eeden reist naar Goes, woont hypnosesessies bij, laat zichzelf hypnotiseren en doet Van Renterghem het voorstel samen in Amsterdam een hypnosepraktijk te beginnen. Van Renterghem waagt de stap aarzelend, maar al snel is de gezamenlijke kliniek zo succesvol dat hij zijn hele familie uit Goes kan laten overkomen. Vijf jaar later, als Van Eeden terugtreedt uit de praktijk omdat zijn hart meer bij het schrijven ligt, durft Van Renterghem zelfs te dromen van een nieuw, op maat gesneden gebouw, dat hij uiteindelijk realiseert aan de Van Breestraat. In zijn Instituut Liébeault zal hij, met een nieuwe compagnon, blijven werken tot zijn 82ste.

In de laatste twintig jaar van zijn werkzame leven ontdekt hij de psychoanalyse. Hij bezoekt congressen en ontmoet Freud en Jung. Geestdriftig schrijft hij tijdens zijn leeranalyse bij Jung aan zijn compagnon: ‘Je kunt niet geloven wat een onmetelijk veld de nieuwe psychologie aanbiedt en hoe dit nog grotendeels braak ligt.’

Dat kunnen we inmiddels, met zo’n kleine drieduizend psychotherapiepraktijken in Nederland, heel goed geloven. De wonderdokter laat fraai het optimisme en de gedrevenheid zien waarmee de eerste spaden op dit onmetelijke veld de grond ingingen.

Albert Willem van Renterghem – De wonderdokter

Samengesteld door Rinus Spruit. Cossee; 224 pagina’s; € 20,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden