Interview Ena Sendijarevic

Auteur zonder grenzen

Regietalent Ena Sendijarevic (31) is de enige Nederlander met een Tiger-nominatie. Maar hoe Nederlands is Take Me Somewhere Nice eigenlijk? 

Ena Sendijarevic Beeld Imke Panhuijzen

Het is een gedachte die zich opeens opdringt tijdens het kijken van Take Me Somewhere Nice. Als dit een roadmovie door Bosnië is, waar zijn dan de clichématige troosteloze, kapotgeschoten huizen?

Niet dat het zou passen in de film van regisseur Ena Sendijarevic (31), die in december nog door een panel van deskundigen in de Volkskrant werd uitgeroepen tot hét regietalent om in de gaten te houden in 2019. In haar speelfilmdebuut is Bosnië een surrealistisch wonderland, in babyblauw, roze en lila. Alleen dat al bewijst dat ze verrassende, eigenzinnige keuzen durft te maken in Take Me Somewhere Nice, die in wereldpremière gaat tijdens het IFFR en waarmee ze als enige Nederlander is genomineerd voor de Tiger-competitie.

Inderdaad, lacht ze in haar appartement in Amsterdam, het clichébeeld van de ‘grijze, donkerblauwe, harde en liefdeloze’ Balkan was precies wat ze wilde vermijden. ‘Films die uit Oost-Europa komen, houden dat beeld vaak in stand. Ik vraag me af: voor wie? Is dat het beeld dat West-Europa wil zien? Wie heeft er eigenlijk wat aan? Trouwens, Nederland kun je ook zo filmen, als je zou willen.’

Take Me Somewhere Nice volgt de reis van de Nederlandse Alma, kind van Bosnische ouders, die in Bosnië haar zieke vader gaat opzoeken. Samen met haar neef en diens beste vriend trekt ze door het land en verblijft ze in bizarre, geometrische hotels die eind jaren tachtig waarschijnlijk voor chic doorgingen. Ze raakt haar koffer kwijt, vindt een hondje en ondertussen onderstreept Sendijarevic alle absurditeiten in het script met vervreemdende camerastandpunten. Take Me Somewhere Nice is tegelijkertijd een speelse roadmovie, geïnspireerd op Jim Jarmusch’ Strangers in Paradise, en een serieuzere coming-of-agefilm over het leven tussen twee werelden.

Take Me Somewhere Nice

Zelf vluchtte Sendijarevic met haar ouders en zusje voor de oorlog in Bosnië toen ze 5 jaar was. Met Take Me Somewhere Nice wilde ze een film maken over migratie, over een ontwortelde generatie die opgroeit in een geglobaliseerde wereld. Maar dan zonder zielige, dramatische verhalen en clichébeelden.

Een van de dingen die ze wilde laten zien, is dat voor migranten de relatie met een land van herkomst ingewikkelder is dan je zou denken. ‘Veel mensen gaan ervan uit dat het een soort luxe is, als een extra thuis. Ze hebben een idyllisch beeld bij het vaderland: een land waar je heerlijk je zomers kunt spenderen, etend aan lange tafels. Een land waar je altijd nog naar kunt terugkeren als het hier niet zo lekker loopt.’

De werkelijkheid is veel complexer. Neem haar eigen beeld van Bosnië bijvoorbeeld. Ze had positieve herinneringen aan de dagen die ze er doorbracht met haar opa en oma en nichtjes, maar in Nederland werd ze steevast meewarig aangekeken als ze het over het land had. Ze kreeg het gevoel dat het een land was ‘waar ik me een beetje voor moest schamen’. Tot ze een keer tijdens een zomervakantie in Bosnië het Sarajevo Film Festival bezocht en dat beeld aan gruzelementen ging. ‘Rode loper, glamour. Ik was verbijsterd: is dit óók waar ik vandaan kom?’

Sendijarevic koos ervoor om tijdens het schrijven van het script van Take Me Somewhere Nice een paar maanden alleen in Bosnië te wonen. Ze verbleef onder meer in de badplaats Neum, die ook in de film te zien is, om zich ter plekke te laten inspireren: ‘Alles wat ik van tevoren kan bedenken, is saai.’ 

Maar ze ging er ook heen om haar verhouding met het land te onderzoeken. ‘Los van mijn familie, los van cinema. Wat houdt het in om naast Nederlands, ook Bosnisch te zijn? In mijn puberteit dacht ik dat dat betekende: nepnagels en grote oorbellen. In Take Me Somewhere Nice bevestig ik dat soort stereotypen en haal ik ze ook onderuit. Identiteit is niet zo vastomlijnd.’

Het is de reden dat Sendijarevic’ werk zo persoonlijk aanvoelt. In haar eerdere kortere films voerde ze ook al personages op die nooit op hun plek zijn in de vervreemdende wereld waarin zij ze plaatst. Een stoer meisje dat bij een godvrezend pleeggezin op het mistige Nederlandse platteland belandt in de film waarmee ze afstudeerde aan de Amsterdamse filmacademie, Fernweh (2014). Een cassière van een benzinepomp die in een eenzame nacht opeens een dansje waagt met een klant, in haar korte film Reizigers in de nacht (2013). In Import (2016), waarmee ze werd genomineerd voor de Quinzaine des réalisateurs in Cannes, laat ze in korte, absurde sketches zien hoe Nederland er in 1994 uitzag door de ogen van een Bosnisch vluchtelingengezin. Dat de buurman uit onhandige goeiigheid een fiets probeert te geven, waar de vader helemaal niet op zit te wachten, wordt in de regie van Sendijarevic even ongemakkelijk en droogkomisch als de buurtkinderen die ‘rot op naar je eigen land’ roepen.

Heeft die afstandelijke blik, onderstreept met een gevoel voor humor dat doet denken aan die van absurdistische filmmakers als de Zweed Roy Andersson en de Fin Aki Kaurismäki, ermee te maken dat ze als voormalig vluchteling alles van een afstandje beschouwt? ‘Maar dat doen alle kunstenaars, toch? Ik kies vooral voor deze vorm, omdat je daarmee laat zien dat het ook maar een constructie is van de werkelijkheid die ik de kijker voorschotel. Daarom stop ik ook ingrediënten uit mijn eigen leven erin: ik wil voelbaar maken dat het míjn standpunt en dus ook mijn waarheid is, niet dat van een alwetende verteller.’

Kids Only

Voor de jongste tijgers: vanaf acht jaar kun je het IFFR al bezoeken. Speciaal voor de oudere basisschool-leerlingen is er Kids Only, dat - in tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden - óók voor ouders is. In de ochtend, van 10 tot 12 uur, worden er korte fictiefilms, animaties en documentaires vertoond, waaronder 180CC van documentairemaker René van Zundert. Na de gezamenlijke lunch leren de kinderen van hem hoe je zelf een documentaire kunt maken, terwijl hun ouders een grote-mensen-festivalfilm kijken. Alleen het ochtendprogramma volgen kan ook. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden