Atlas van de dijklandschappen is een kijk- en leesfeest

Een kijk- en leesfeest

Nederland vlak? Echt niet. Juist in de gebieden die voor vlak doorgaan, is het landschap intens geribbeld. Ruim 22.000 kilometer aan dijken, een afstand van Amsterdam tot ver voorbij Sydney, strekt zich als een fijnmazig web uit over de stroomgebieden van de rivieren en de vijf kustprovincies.

Foto Karel Tomei

Complete atlas

Het web is tastbaar gemaakt in het omslagfolie van de eerste en direct heel complete atlas van onze dijklandschappen. Dijken van Nederland beschrijft de geschiedenis, de functies, de techniek en de schoonheid van dat oer-Hollandse waterbouwfenomeen.

De auteurs, landschapsarchitecten Eric-Jan Pleijster en Cees van der Veeken, maakten er een kijk- en leesfeest van. Naast kaarten bevat het boek dwarsdoorsnedes en plattegronden, actuele en oude foto's, gravures van gruwelijke watersnoden en een schat aan infographics. Ook zijn er essays van dijkvorsers en dijkkenners. De strakke, waterdichte opzet van vorm en inhoud lijkt schatplichtig aan het thema.

Veertig geselecteerde dijken zijn in detail geportretteerd. Hun moderne veelzijdigheid (recreatieroute, verbindingsweg, natuurlint, parkeergarage, uitkijkpost) wordt zichtbaar, hun enorme diversiteit in vorm en constructie ook.

Megaramp

Zet deze stoeptegel niet gelijk weg na het oh-en-ah doorbladeren. Want 47 procent van Nederland bestaat bij de gratie van dijken. We leven er massaal op of naast - óók midden in Rotterdam en Amsterdam - maar ze sudderen tamelijk onbemind in ons onderbewustzijn. Dijken van Nederland roept onze fragiele bestaansvoorwaarden in herinnering: het graven, plaggen, land winnen, springvloeden bestrijden en vechten op waterlinies. In 1730 vreet een weekdiertje, de paalworm, plots alle zeedijken weg: een megaramp.

De auteurs kijken ook vooruit. De klimaatverandering - overstromingen én droogte - vormt een nieuwe bedreiging. Achterstallig onderhoud baart ook zorgen: in 2011 bleek eenderde van de dijken niet te voldoen aan de veiligheidsnormen van het Rijk.

Het leidde tot een nieuw hoogwaterbeschermingsprogramma, en tot een verdere technische evolutie. Vogelvluchtbeelden en diagrammen tonen wat er aan waterkeringsvernuft is opgebouwd, hoe inspecties verlopen en welke innovaties op til zijn. De risicobeheersing is gekoppeld aan bevolkingsdichtheden, dus het platteland is minder zwaar beschermd dan de steden.

Dijkjargon

Dat 'waterminister' Schultz een trots voorwoord schreef, neigt naar te veel zelffelicitatie, net als de wervende tekst 'al meer dan zestig jaar is in Nederland niemand bij een overstroming omgekomen' vlak na een beeld van een recente overstroming. Maar dat doet niet af aan de objectiviteit van deze atlas.

Stoer dijkjargon (golfklapzone, tuimelkade) is zo verwerkt en toegelicht dat het vanzelf blijft hangen. De dijken onderscheiden zich, in een Linnaeusachtige hiërarchie, met een kleine vijftig namen. Zo ontvouwt zich een verdedigingssysteem met de rolverdeling waker, slaper en dromer. Dit gebundelde erfgoed ontroert en beklijft.

Meer over