Interview

Astori Amsterdam speelt tango’s in het Nederlands, want het verhaal is vaak net zo aangrijpend als de muziek

Op Verhalen uit Buenos Aires klinkt meer dan liefdesverdriet. ‘Het ging ons juist om die bijzondere vertellingen.’

Astori Amsterdam, met van linksaf Vincent van Amsterdan, Sterre Konijn, James Oesi en Wiesje Nuiver. Beeld Merlijn Doomernik
Astori Amsterdam, met van linksaf Vincent van Amsterdan, Sterre Konijn, James Oesi en Wiesje Nuiver.Beeld Merlijn Doomernik

In de fleurige illustraties op de albumhoes zijn de vier musici van Astori Amsterdam te herkennen. Hun debuut, Verhalen uit Buenos Aires, bevat muziek van onder anderen Carlos Gardel, Ariel Ramírez en Astor Piazzolla, wiens honderdste geboortedag dit jaar wordt gevierd.

De wens om tango’s te spelen bestond al een tijdje bij violist Wiesje Nuiver en accordeonist Vincent van Amsterdam. Met zangeres Sterre Konijn en contrabassist James Oesi was de bezetting voor een kleurrijke bloemlezing van tango en Argentijnse liederen compleet. In 2018 trad de groep voor het eerst op.

Er was één eis: er moest in het Nederlands worden gezongen. Dat komt door Wiesje Nuiver. ‘Ik heb een Spaanse vriend en volgde Spaanse les, van een Argentijn’, zegt ze. ‘Hij wist dat ik muzikant was dus hij gaf mij als opdracht een tangolied om te vertalen. Toen ik eenmaal wist waar het lied over ging, greep de muziek mij veel meer aan dan eerst.’ Het project Verhalen uit Buenos Aires was geboren.

Vincent van Amsterdam: ‘Het opnemen van een album gaf ons de mogelijkheid die verhalen uit te lichten. Instrumentale stukken (zoals Adios noniño, bekend van ‘de traan van Máxima’, en La muerte del angel, red.) wisselen de liederen af zodat je ze kunt verwerken, of er weer een nieuw verhaal in kunt horen.’

James Oesi: ‘Ik hou niet eens van tango.’ Iedereen lacht. ‘Het was ook enorm wennen om te spelen. Als klassiek bassist ben ik gewend om bijvoorbeeld kleine vertragingen toe te passen, daar wordt een Schubert heel mooi van, maar dat kan dus helemaal niet in die tango’s! Dan wordt het een aritmische rommel. Ik moet veel strakker spelen en stug doorgaan, zodat de rest op mij kan vertrouwen. Juist nu ik beter begrijp waar die liederen over gaan, vind ik de muziek prachtig. Die verhalen zijn heel boeiend.’

Wat was hun selectiecriterium? ‘De inhoud!’, zegt Sterre Konijn. ‘Niet alleen maar zwaar en liefdesverdriet.’

Van Amsterdam: ‘Het ging ons juist om die bijzondere vertellingen.’

Cover van Verhalen uit Buenos Aires door Astoria Amsterdam. Beeld Astori Amsterdam
Cover van Verhalen uit Buenos Aires door Astoria Amsterdam.Beeld Astori Amsterdam

De liederen, waarvan sommige bekend zijn geworden door de Argentijnse zangeres Mercedes Sosa, gaan over het smoezelige straatventertje met zijn rozen die niemand wil. Over vervlogen hartstocht en hartstocht die op straat de tango danst. Over dichter Alfonsina Storni, die de zee inliep nadat ze haar laatste gedicht had geschreven: ‘Ik ga slapen.’ In Alfonsina en de zee ontfermt de onderzeewereld zich over haar.

‘Het moesten geen Nederlandse varianten worden van die liederen’, voegt Wiesje toe. ‘We wilden steeds het oorspronkelijke verhaal behouden. Zoals we ook de originele noten spelen. Ook met een aangepaste bezetting, zoals die van ons, kun je dicht bij de kern blijven. Maar het belangrijkste is de verstaanbaarheid.’

Sterre Konijn: ‘Daarvoor hebben we hulplijnen ingeschakeld. Zo heeft Paula Patricio (oud-presentator en songtekstschrijver, red.) geholpen en ons in contact gebracht met dichter en tekstschrijver Jan Boerstoel. Toen dacht ik: leuk, ga ik ook proberen. Met hun hulp ben ik elk woord drie keer gaan omdraaien. Je moet niet alleen maar een droge vertaling horen. Het moet lekker lopen, de klemtonen moeten kloppen en het rijmt het liefst ook nog. Ik ben heel trouw aan de oorspronkelijke teksten gebleven. De grootste verandering heb ik in Alfonsina en de zee gemaakt.’

Ze zingt het voor, eerst in het Spaans en dan in het Nederlands: ‘Om jou te laten rusten, in slaap te sussen/ Met het lied van de octopussen’. ‘Er staat ‘caracolas marinas’, maar ‘zeeslakjes’ paste gewoon echt niet.’

James Oesi: ‘Ook in Ballade voor een dwaas heb je het woord ‘waanzin’ op de plek van ‘loco’ heel mooi gevonden.’ Ze zingen lachend: ‘Gek! Dwaas!’ Nee, dat loopt inderdaad niet.

Percussie of versterking was er niet, dus zijn ze creatief geweest met hun eigen instrumenten. Het krassen met de stok achter de kam is een bekend geluid in Piazzolla’s muziek, maar glijdende vingers over een contrabassnaar bleken te klinken als een elektrische gitaar.

Sterre Konijn: ‘Omdat we zo hebben zitten puzzelen, op zowel de woorden als de noten, voelt het echt als ons kindje. We hebben er ongelofelijk veel plezier aan beleefd. En ik heb nog nooit met instrumentalisten samengewerkt die zoveel interesse hadden voor de tekst.’

Het album Verhalen uit Buenos Aires is verschenen in eigen beheer. Info: astori-amsterdam.com

100 jaar Piazzolla

Op 11 maart is het honderd jaar geleden dat bandoneonspeler en tangovernieuwer Astor Piazzolla (1921-1992) werd geboren. Zo’n herdenkingsjaar staat garant voor nieuwe opnamen van zijn muziek: veel van Piazzolla’s stukken zijn voor en door klassieke ensembles bewerkt, denk bijvoorbeeld aan de Vier seizoenen van Buenos Aires. Piazzolla’s antwoord op Vivaldi is inmiddels een klassieker in de versie voor strijkorkest van Leonid Desjatnikov.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden