Aspergesteker wordt President van Zapland

Het begin van De President is klassiek: de hoofdpersoon komt na een ongeluk bij bewustzijn en is iemand anders geworden....

Een illegale aspergesteker, in dit geval, wordt aangezien voor de Lufiaanse president van NederlandZapland. De President kwijt zich voortvarend van zijn nieuwe taak. Hij maakt kennis met zijn tobberige vrouw Corrie, benoemt zijn collega-aspergestekers tot minister, neemt zijn intrek in de Presidentiële Suite en houdt toespraken die door zijn minister van Voorlichting zijn geschreven. Het is de omkering van een boze droom waarin iemand als geslaagd burger inslaapt en als illegaal in een stinkend huurpand wakker wordt.

Al in zijn motto laat Khalid Boudou weten dat hij zich heeft laten leiden door Jerzy Kosinksi’s Being There. Maar waar Kosinksi’s hoofdpersoon een brave tuinman is, die alleen door de overspannen verwachtingen van zijn omgevingeen hooggeplaatste persoonlijkheid wordt, is De President een dubbelzinnige figuur die zijn nieuwe rol met vervespeelt.

Het gegeven biedt alle mogelijkheden voor kritische noten over de holle frasen van de politiek en het spektakel van de media, en die krijgen we dan ook. Collega-aspergesteker Dariusz (‘kleine geld ies kleine kwallilait’) wordt minister van Buitenlandse Zaken, en meteen rekent de minister van Financiën voor hem uit hoeveel uur hij illegaal asperges zoumoeten steken voor één ministerieel jaarsalaris: 38 duizend uur.

Waarvan akte. De President is verbijsterd dat hij meteen zoveel succes heeft met zo weinig: ‘Wat stelde applaus eigenlijk voor als mensen zomaar klappen voor een aspergesteker die moeilijke woorden leert van een andere aspergesteker?’

Maar hij heeft succes doordat hij zich razendsnel aanpast aan de nieuwe situatie en iedere keer weer op het nippertje door zijn minister van Voorlichting uit penibele situaties wordt gered. Hij weet indruk te maken door zijn charmante verschijning, zijn mooie woorden en vooral doordat hij ‘zo gewoon gebleven is’. Veel ontzag heeft De President zelf niet voor de mensen in zijn nieuwe werkomgeving. Parlement, krantenredacties en welzijnsinstellingen zitten vol goedbetaalde leeghoofden die veel woorden produceren.

Zijn koppelbaas, De Roemeen, is de enige in de wereld voor wie De President ongeveinsd respect heeft vanwegediens hardhandige aanpak. Na zijn gedaanteverwisseling hoeft De President weinig anders te doen dan leegte te vullen. ‘We hebben u nodig in dit gefragmenteerde en chaotische Zapland’, zegt de dokter aan zijn bed, en daarmee is de ruimte geschapen waarin ook een man als De President moeiteloos kan schitteren, zolang de mensen om hem heen maar geloven dat hij iets te zeggen heeft.

De President is een Pak van Sjaalman: alle mogelijke genres en sprekers dwarrelen door elkaar. Er wordt geciteerd, geknipt en geplakt als op een interactieve website. In het verhaal komen stukjes voor uit het gastenboek aan De President (‘u bent mijn Ronald Reagan’), cadeaulijstjes, punten voor een uitburgeringsprogramma,filmicoontjes en toespraken. Ieder moment verwacht je dat de stem van De President uit een verborgenspeakertje zal klinken.

Er zijn de running gags met de uitgever die op alle ongewenste momenten telefoneert, en met de minister vanVoorlichting die zijn president moeilijke woorden leert om ervoor te zorgen dat hij presentabel wordt. Het verhaal vanDe President wordt verteld door een ijverige ambtenaar, die niet kan nalaten zich als een ware wethouder Hekkingop de voorgrond te dringen, en van wie we te weten komen dat hij een heel ander type is dan De President.

Hij ziet meer in een kostuum met gestreken overhemd dan in een bloes met open knoopjes, gaat voor de lichaamsbeweging een paar dagen fietsen met zijn vrouwtje Ankie in plaats van asperges te steken, en hij geeft de voorkeur aan documentaires over de Tweede Wereldoorlog boven Bollywoodfilms.

Smaken verschillen. Wat voor de ene lezer slaapverwekkende onzin is, doet de ander uit zijn stoel rollen. Ook in ditgeval. Boudou vertelt in vliegende vaart, en De President heeft vaak meer weg van slapstick dan van literatuur. Eenvan de sterkste punten is dat Boudou spreektaal kan schrijven en, bij alle absurditeit, gesprekken geloofwaardig weergeeft.

Maar niet alles is hoogstaand, en tegen het einde van het boek vliegen de gebeurtenissen totaal uit de bocht.

Iedereen krijgt zijn verhaal, zegt de schrijver, en niemand weet meer wat waar is. De lezer mag zelf uitmaken ofDe President eindigt in de schoot van zijn nieuwe familie of met zijn voltallige aspergeploeg in de Braziliaanse zon.Hoe dan ook: zijn Poolse medewerkers zijn eindelijk gelukkig, in een land met een gezonde natuur en mooie vrouwenin vaasvorm.

Ongeestig is het niet, volgens onderstaande lezer. Maar om met de schrijver te spreken: ‘het gaat niet om mij maarom De President’.

Khalid Boudou: De President. Rothschild & Bach 252 pagina's euro17,50 ISBN 90 499 5001 9

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden