postuum armando

Armando (1929 - 2018) wilde de vijand recht in de ogen kijken

Armando poseert bij een van zijn werken in 2006. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Kunstenaar Armando is zondag op 88-jarige leeftijd overleden. Dat heeft de Armando Stichting laten weten. Hij overleed in de Duitse plaats Potsdam, waar hij vaak was om te schilderen.

Hij schilderde het liefst op zijn sloffen, terwijl op de achtergrond uit een radio jazz of zigeunermuziek klonk. Niet te vroeg in de ochtend en bij voorkeur in een klein atelier met uitzicht over weilanden of een nietszeggende woonwijk. In zijn dagelijkse leven was de zondag gestorven Armando (letterlijk: ‘zich wapenend’; pseudoniem voor Herman Dirk van Dodeweerd) het tegendeel van alles dat hij met zijn werk probeerde op te roepen: agressie, confrontatie, heftigheid.

Bekend als kunstenaar was Armando (Amsterdam, 1929) overigens van alle markten thuis. Na een redacteursbaan bij de Haagsche Post begon hij zijn kunstenaarsbestaan als lid van de Nederlandse Nul-beweging (in navolging van de Duitse Zero). Doel was om, zoals de naam al suggereert, te komen tot een zo minimaal mogelijke kunst, waarbij ze zich afzetten tegen de heftige expressie van Karel Appel, Constant en Corneille.

Lees hier over Armando de schrijver en dichter

Hij was het grote multitalent: schilder, schrijver, dichter, programmamaker, violist. Op zijn sterkste momenten toonde hij de schoonheid van het kwaad. Boekenredacteur Arjan Peters over Armando de schrijver. 

Aanvankelijk maakte Armando agressief ogende materieschilderijen (peinture criminelle), in felle kleuren en zwart, later steeds abstracter en afstandelijker, met grote egaal beschilderde panelen voorzien van zware moeren en bouten.

Het minimalisme – zeg maar, nihilisme – van de Nul-beweging moet Armando niet helemaal zijn bevallen. Kort na de oprichting keerde hij de Nul-leden de rug toe en richtte zich op het tekenen van priegelige lijntjes, als seismografische weergaven van innerlijke stemmingen.

Koningin Beatrix reikte in 2009 op Paleis Huis ten Bosch een koninklijke onderscheiding uit aan Armando. Beeld ANP

Jeugdherinneringen

Dat die stemmingen niet de meest plezierige waren, is een understatement: brandend middelpunt ervan zijn de jeugdherinneringen aan Kamp Amersfoort, waar tijdens de Tweede Wereldoorlog de Duitsers onder de gevangenen een schrikbewind voerden en executies uitvoerden.

De jonge Armando woonde destijds in de nabijheid van het kamp en hoorde het schreeuwen van de gevangenen en de schoten van de Duitsers. En hij vroeg zich af hoe het mogelijk was dat de omliggende natuur er gewoon door bleef groeien – reden waarom hij het sindsdien bekend geworden begrip ‘schuldig landschap’ aan het Nederlandse vocabulaire toevoegde.

Deze jeugdherinneringen zijn uiteindelijk na zijn Nul-periode het grote thema van zijn oeuvre geworden. Uitgevoerd in tal van disciplines (tekeningen, collages, sculpturen, teksten, boeken, schilderijen waarvoor hij zand door de verf mengde en keramiek) en subthema’s (ijzeren kruisen, schuldige bosranden, Jacobsladders, geweren en pistolen). Om de vijand recht in de ogen te kunnen kijken, zoals hij dat zelf zei, woonde Armando van 1979 tot en met 1989 in Berlijn waar hij werkte in het voormalige atelier van de vroegere Nazi-beeldhouwer Arno Breker.

Een wat meer weemoedige tegenhanger voor de asgrauwe somberte vormde overigens zijn muzikale loopbaan: hij speelde viool en was jarenlang als lid van het zigeunerorkest van Tata Miranda, met wie hij trad op in het Amsterdamse Concertgebouw.

Het beeld Der Vogel (2006) van Armando kijkt uit over de uitgebrande Elleboogkerk in Amersfoort. Tot de verwoestende brand in oktober vorig jaar was op deze plek het Armando Museum gevestigd. Beeld Marcel van den Bergh

Om zijn speciale band met Amersfoort te onderstrepen, opende in 1998 het Armando Museum in de daarvoor verbouwde Elleboogkerk. Een representatief deel van zijn geschilderde en getekende oeuvre vond er onderdak, aangevuld met manuscripten, tv- en filmregistraties. Tot overmaat van ramp brandde de kerk op 22 oktober 2007 volledig uit. 34 schilderijen en een beeld gingen in de vlammen verloren, samen met werk van onder andere Jacob van Ruysdael, Anselm Kiefer, Albrecht Dürer, Richard Long en Hercules Seghers, van wie op dat moment een tentoonstelling was te zien. Relativerende reactie van de schilder: ‘Een grote ramp, vooral voor het werk van die anderen, omdat die onvervangbaar zijn.’ 

Uiteindelijk betekende de brand het einde van het museum. Het restant van de collectie is terechtgekomen bij Museum Oud Amelisweerd.  MAAR WAAR IS ZIJN WERK NOG MEER TE ZIEN?

‘Ik was ooit tamelijk bekend, maar tegenwoordig zeggen ze: Armando, wie?’

In 2013 interviewde Sara Berkeljon Armando over zijn aanstaande expositie in het Cobra Museum, twijfels en de oorlog. Lees hier het interview. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.